Persoonlijke verhalen

Jennie Lena had een postnatale depressie: ‘Ik kon niet genieten van mijn kind’

Soms is het moederschap niet meteen een roze wolk. Zangeres Jennie Lena, bekend van The Voice, kreeg een schat van een dochter, maar kon er aanvankelijk niet van genieten. ‘Ik dacht: ik ben geen goede moeder.’

Afgelopen voorjaar nam zangeres Jennie Lena (40) een dapper besluit. Ze had net een EP uitgebracht met onder meer het liedje Mama’s gonna be there. Dat schreef ze als ode aan het moederschap en als liefdesliedje voor haar vierjarige dochter Charlie. Over elk nummer postte Jennie een stukje achtergrondinformatie op Facebook, maar bij dit liedje aarzelde ze. Zou ze haar publiek vertellen over de postnatale depressie die zij na de geboorte van haar dochtertje had doorgemaakt? Hoe somber ze was geweest, dat ze niet kon genieten van haar baby, en hoe eenzaam dat had gevoeld? Zoiets persoonlijks had ze niet eerder met haar publiek gedeeld. “Misschien help je andere moeders ermee”, opperde een vriendin. Na twee dagen afwegen klikte Jennie met bonzend hart op ‘plaatsen’. Jennie: “Spannend om ermee naar buiten te komen, maar het was de waarheid. De mogelijkheid dat ik met mijn ervaring iets kon betekenen voor andere vrouwen, gaf de doorslag.”

Op mijn nest
Jennies bericht kreeg veel positieve reacties en zij werd gevraagd voor de overheidscampagne ‘Hey, het is oké. Maak depressie bespreekbaar.’ Jennie: “Ik stemde in, want dit onderwerp moet uit de taboesfeer. Vrouwen met een postnatale depressie voelen zich vaak heel eenzaam. Ze schamen zich en denken dat ze de enige zijn. Ik wil dat het bespreekbaar wordt.” Jennie had nog nooit van postnatale depressie gehoord, laat staan dat ze die zag aankomen. “Tijdens mijn zwangerschap was ik gefocust op de bevalling. Ik deed pufcursussen, zwangerschapsyoga, alles om dat moment te doorstaan. Ook was ik heel toegewijd aan mijn kind. Ik gebruikte bijvoorbeeld geen haarverf meer, omdat het misschien schadelijk was voor de baby in mijn buik. Verder dan de bevalling dacht ik niet. Eén vriend, die zelf al vader was, waarschuwde me. Hij zei: ‘Jennie, jouw hele leven gaat veranderen.’ Ik geloofde hem niet. ‘Dan ken je mij niet’, lachte ik. ‘Ik blijf gewoon alles doen wat ik altijd doe.’ Tot in de zesde maand van mijn zwangerschap voelde ik me ‘on top of the world’. Mijn haren waren vol, mijn nagels lang en mijn huid was prachtig. Ik trad nog op en ik straalde! Maar tijdens een yogaretraite in Turkije kreeg ik onwijze heimwee, huilbuien en harde buiken. Na twee dagen ben ik teruggevlogen. Mijn toenmalige vriend was blij dat ik naar huis kwam. Ik kon alleen nog maar op de bank liggen, met als enige uitje de supermarkt. Het Journaal kon ik emotioneel niet meer aan, ik keek alleen nog kinderkookprogramma’s. De natuur dwong mij op mijn nest te zitten, maar ik kon mij er moeilijk aan overgeven.”

‘Ik dacht: ik doe blijkbaar iets verkeerd. Want ik kon helemaal niet genieten’

Nooit meer slapen
“De bevalling ging relatief soepel, het was in drie uur gepiept. Daarna begon het pas écht, het moederschap. Ik wist niet wat me overkwam. Hormonen en slaapgebrek veroorzaakten bij mij een zes weken durende paniekaanval. Ik stond strak van de adrenaline en ik had enorme zweetaanvallen ’s nachts. Ook al sliep mijn dochter als een roos,  ik lag met wijd open ogen klaarwakker in mijn bed. Dan viel ik om vijf uur ’s ochtends eindelijk in slaap en om half zeven begon de dag weer. En dat wekenlang. Ik was duizelig van moeheid. Kwam amper buiten. Ik was ervan overtuigd dat ik nooit meer zou slapen. Die overtuiging gaf mij veel stress, waardoor ik nog meer wakker lag. Mijn leven was zo veranderd. In één keer had ik de verantwoordelijkheid voor een ander mensje, dat ik nog helemaal moest leren kennen. Omdat mijn dochter nog niet op gewicht was, moest ik een week in het ziekenhuis blijven. Ik lag in een kamer met drie andere moeders en snakte naar rust. En wat denk je, precies op de dag dat ik naar huis mocht, begon in het pand tegenover mij een grote verbouwing. ’s Ochtends om zeven uur ging de radio aan en de hele dag door was het hakken, zagen, beuken. Om gek van te worden. Ik verlangde de hele dag naar mijn bed, wilde alleen maar slapen, slapen, slapen. De meeste mensen vroegen niet hoe het met me ging, maar zeiden: ‘Geniet ervan.’ Ik dacht: ik doe blijkbaar iets verkeerd. Want ik kon helemaal niet genieten.”

Aan de ketting
“Ik voelde me neerslachtig. Terwijl Charlie van het begin af aan zo’n lief kind was. Een dotje, een schatje, een zoetie. Ze huilde bijna nooit. Toch dacht ik bij alles wat ik deed: doe ik het wel goed? Dat ze in het begin zo piepklein was, maakte het extra spannend. Je mocht niet tegen me praten als ik haar optilde, want dat trok ik niet. Mijn kraamhulp had het niet zo in de gaten, zij was druk met koken en strijken. Mijn vriend deed zijn best om me bij te staan, maar had ook gewoon zijn werk. Ik ben geen goede moeder, dacht ik. Want die roze wolk waar iedereen het over had, was bij mij nergens te bekennen. Waar was ik in godsnaam in beland? Door mijn creatieve vak was ik gewend om in alle vrijheid zelf te bepalen waar ik heen wilde, wanneer en met wie. De vlinder die ik was, lag ineens aan de ketting, zo voelde het. Ik kon mijn kind niet in een keer integreren in mijn leven en dat nam ik mezelf kwalijk. Ik had ook geen energie meer om liedjes te maken. Heel beangstigend. Mezelf leuk verzorgen, daar kwam ik al helemaal niet meer aan toe. Ik liep in joggingpak, m’n haren helemaal vet. Het kolven van de borstvoeding was enorm tijdrovend en putte mij totaal uit. Mijn vriend maakte zich zorgen dat ik er door slaapgebrek aan onderdoor zou gaan. Na drie weken besloot hij dat we poedermelk gingen kopen. Een verademing! Al moest de flesvoeding van mij wel tot op de milligram nauwkeurig klaargemaakt worden. Nu lach ik erom, maar toen echt niet. Ik liep te muggenziften over alles, om maar grip te krijgen op de situatie.”

Lees het hele interview met Jennie in Vriendin 30.

Voor filmpjes en tips kijk je op www.heyhelpt.nl.

Foto: Bart Honingh

Reageer op dit artikel

Instagram