Persoonlijke verhalen

Erica Terpstra: ‘IJdel ben ik niet. Je krijgt me zoals ik ben’

Net gestart op tv: vier splinternieuwe afleveringen van Erica op reis. Boegbeeld Erica Terpstra (75) vindt het geweldig om onderweg te zijn. “Andere landen, nieuwe culturen, ik krijg zo veel energie van reizen.”

75 jaar is ze. Waar andere mensen van haar leeftijd achter de geraniums gaan zitten, is Erica Terpstra dat nog lang niet van plan. Integendeel, ze is net terug uit Senegal, waar ze een nieuwe aflevering opnam van haar Omroep Max-serie Erica op reis. We spreken haar in het Kurhaus in Scheveningen, waar ze in een hotel­kamer de hele dag interviews geeft en op de foto gaat.

Wat ik van haar outfit vind, vraagt ze als ik binnenkom.
“Zie ik er niet netjes uit? Ik heb net nieuwe kleren gekocht in Senegal. Ik ben een weekje langer in Afrika gebleven. In mijn huis werd de riolering vernieuwd, ik zou tijdelijk een campingpoepdoos krijgen, zo’n chemisch toilet, en ik mocht een week niet douchen. Ik zat in Afrika, dus ik dacht: waarom blijf ik niet langer? Voor het eerst heb ik een weekje vakantie aan mijn reis vastgeplakt. Op eigen kosten, natuurlijk. In het hotel kreeg ik een paar Senegalese vriendinnen, die me meenamen naar een andere vriendin, die goed kon naaien. Ik vond die Afrikaanse gewaden namelijk zo prachtig. Ik wilde er wel een voor als ik in het hotel naar het zwembad liep. Dus ik heb zo’n strandtent gekocht, maar ook wat ik nu draag. Beeldschoon, hè? En dat gewaad… Tja. Dat stond in Afrika leuk, maar in Nederland word ik er een big mama van.”

Ik hoorde dat je vanochtend nog naar de kapper bent geweest. Ben je ijdel?
“Nou, tijdens de opnames van Erica op reis heb ik niks aan visagie. Het enige wat ik doe als het warm is, is een zeemleren lap over mijn gezicht halen tegen het glimmen, vlak voor we gaan filmen. Dus nee, ijdel ben ik niet. Maar bij zo’n fotoshoot voor een blad als Vriendin kan ik er toch niet bijlopen alsof ik net uit de douche kom? En in de jungle is het raar om met een chic gekapt hoofd rond te lopen. Nou, dat vind ik absoluut geen punt. Je krijgt me zoals ik ben.”

Toen we je twee jaar geleden spraken, had je net een bacteriële infectie gehad.
“Ja, ik was bijna mijn been kwijtgeraakt, ik moest gereanimeerd worden en ik kwam zelfs in een rolstoel terecht. Ze zeiden dat ik daar misschien nooit meer uit zou komen. Nou, dacht ik, dat zullen we nog weleens zien.”

‘Hij glunderde als een klein jochie. Kun je je dat voor-stellen, bij de grote Wim Kok?’

Wie steunden jou toen?
“Mijn zonen, mijn vrienden en mijn ex. Toen mijn ex-man en ik gingen scheiden, waren de jongens tien en twaalf jaar oud. Bij geen van tweeën was een ander in het spel, dat scheelt. We waren uit elkaar gegroeid, maar respecteerden elkaar wel nog steeds. We hebben toen twee huizen naast elkaar gekocht en de zolder doorgetrokken. De jongens sliepen op zolder en konden binnendoor naar hun ouders. Ik had toen een drukke baan in de Tweede Kamer. Het voordeel was dat ik niet kon zien of er iemand anders bij mijn ex binnenliep. Het is goed gegaan, verjaardagen en Kerstmis hebben we altijd met z’n allen gevierd. Hij is inmiddels overleden. Ja, dat was verdrietig, zeker voor de jongens.

Afscheid doet altijd pijn. Ik zat in Senegal toen oud-premier Wim Kok overleed. Hij was een goede politieke vriend, daar heb ik ook echt verdriet van gehad. Ik nam hem als minister van Sport eens mee naar de Tour de France, dat wilde hij graag. Hij mocht allemaal bekende wielrenners de hand schudden. Hij glunderde als een klein jochie. Kun je je dat voor-stellen, bij de grote Wim Kok? Daar moest ik aan terugdenken toen ik zo verdrietig was.”

Je bent boeddhist. Helpt je dat op zo’n moment?
“Ik ben geen boeddhist, maar ik word wel geïnspireerd door het boeddhisme. Natuurlijk helpt het boeddhisme me als ik verdrietig ben. Ik geloof in reïncarnatie. Het loslaten van het lichaam is een proces, degene die is overleden blijft nog een tijdje bij je in je buurt. Dat hoor je ook van veel mensen, dat ze het idee hebben dat hun overleden dierbare nog bij ze is.”

Je hebt een kinderboek geschreven over Boeddha. Hoe kwam dat zo?
“Dat is zo wonderlijk gegaan. In de Amsterdamse Nieuwe Kerk is nu een tentoonstelling over Boeddha. De organisatie had mij er ook bij gevraagd, vanwege mijn interesse in het boeddhisme. Ik heb toen de eerste contacten gelegd met de Dalai Lama, om te polsen of hij  de tentoonstelling wilde openen – wat hij heeft gedaan. Heel bijzonder was dat. Daarna vroeg de organisatie mij of ik een kinderboek wilde schrijven over het leven van Boeddha. Toen ze dat vroegen, kreeg ik een brainwave. Ik heb ooit de Dalai Lama mogen interviewen en vertelde hem tijdens dat gesprek dat ik me veel zorgen maakte over de manier waarop wij in de samenleving met elkaar omgaan. Zo respectloos, hard en ruw. Wat zouden we daaraan kunnen doen, vroeg ik hem. Hij antwoordde dat onze jongeren wel van alles leren op school, maar niet om met compassie in hun hart te leven. Daar gaat mijn kinderboek dan ook over, over leven met compassie in je hart.”

Vanaf 30 november is Erica op reis wekelijks op tv, om 21.30 uur op NPO1 bij Max. Deze keer zijn haar bestemmingen Brazilië, Canada, Senegal en Taiwan.

Dit verhaal komt uit Vriendin 50.

Foto: Ruud Hoornstra

Reageer op dit artikel