Meike was niet welkom op de crematie van haar ex-man: 'Het ergste vond ik dat ik mijn kinderen niet kon troosten’

Meike was niet welkom op de crematie van haar ex-man: ‘Het ergste vond ik dat ik mijn kinderen niet kon troosten’

Toen Meikes (34) ex-man vorig jaar plotseling overleed, wilde ze graag naar de crematie. Niet voor zichzelf, maar voor haar twee dochters Luus (15) en Mare (13). Maar daar stak haar ex-schoonfamilie een stokje voor.

Slecht mens

“De haat van mijn schoonfamilie en met name mijn twee schoonzussen, naar mij is groot. In hun ogen ben ik een slecht mens. Ze nemen het me kwalijk dat ik twee jaar geleden hun geliefde broertje in de steek heb gelaten en houden mij min of meer verantwoordelijk voor zijn dood afgelopen januari. Volgens hen is hij aan een gebroken hart gestorven. Onzin. Hij had al jaren een hartprobleem, dat is niet door mij gekomen. Wel was hij erg verdrietig om de scheiding, dus dat ze boos op mij zijn snap ik best. Maar dat ik door die boosheid mijn kinderen niet heb kunnen steunen in het rouwproces om hun vader vind ik nog steeds erg triest.”

Geen passie meer

“Toen Robin en ik zeventien jaar geleden verkering kregen, wist ik dat hij lichamelijk niet in een beste conditie verkeerde. Hij had een aangeboren hartafwijking, waardoor hij minder energie had dan anderen. Hij droeg al jong een pacemaker en mocht zich niet te veel inspannen of druk maken. Toch heeft zijn ziekte mij er nooit van weerhouden een relatie met hem aan te gaan. Ik vond hem gigantisch lief. Ik heb zelf een moeilijke jeugd gehad met mishandelingen en bij hem voelde ik me eindelijk veilig. Robin was een fijn mens. Hij stond op zijn manier voor iedereen klaar.

We trouwden en kregen snel achter elkaar twee kinderen. Het leven met hem ging in een lagere versnelling. Vakanties waren bij voorkeur niet actief of aangepast. Zomers in een all inclusive resort, waar Robin op een strandbedje kon liggen. Als we op wintersport gingen met vrienden, wandelde hij met de kleinste kinderen, bracht de grotere kinderen naar de skiklasjes en at hij gezellig apfelstrudl met ons op de berg. Hij was de vader die onze dochters uren voorlas, met ze fröbelde en overal heen reed. Ballet-, zwem-, musical-les; Robin ging mee. Hij werkte achttien uur op kantoor, ik fulltime in het voortgezet onderwijs, dus hij was veel meer thuis bij de meiden. Voor ons een prima verdeling.

Dat ons huwelijk uiteindelijk misliep had dus niets te maken met zijn chronische ziekte of dat ik niet meer met een ‘gehandicapte’ man samen wilde zijn, zoals boze tongen – die van mijn schoonzussen – beweren, maar puur omdat ik al tijden merkte dat ik ‘iets’ miste. Ik hield nog wel van Robin, maar als van een goede vriend. De passie was al jaren weg. We hadden geen seks meer, zoenden elkaar alleen nog vluchtig op de mond of wang. Het lukte me niet meer echt zin te maken bij Robin. De enkele keer dat hij me aanraakte, verkrampte ik en wees ik hem af.

En ja, toen werd ik – ik kan het niet mooier maken dan het is – verliefd werd op een ander. Een collega. Tussen ons hing al lang spanning in de lucht en tijdens een uitje met mijn werk zoenden we. Die kus duurde hooguit een paar seconden, maar was genoeg om me volledig uit het veld te doen slaan.”

Ingeslapen relatie

“Nog dezelfde avond heb ik de kus opgebiecht aan Robin. Ik heb hem eerlijk verteld dat ik gevoelens had voor mijn collega, met hem had gezoend en dat ik sindsdien van slag was. Ik was niet doodongelukkig in ons huwelijk, maar zag het vreemdgaan van mij als een teken dat we zo niet verder meer konden. Ik wilde hartstocht, maar kon dat bij Robin niet meer vinden.

Robin schrok. Hij had het niet zien aankomen. Tenminste, niet echt. Hij gaf toe dat we uit elkaar waren gegroeid. We leidden ieder ons eigen leven: hij was druk met de kinderen, ik met mijn baan en de studies die ik ernaast nog volgde. ’s Avonds, als de meiden op bed lagen, spraken we eigenlijk alleen nog maar over de kinderen. We waren vaak te moe om nog echte diepe gesprekken te voeren, laat staan seks met elkaar te hebben. Onze relatie was langzamerhand steeds meer ingedut. Robin hield van mij en wat hem betreft was dat genoeg om verder te gaan. Hij verlangde zelf niet veel meer, ook en seksloos huwelijk was prima voor hem. Maar dat kon ik niet meer. Nu ik ‘wakker was gekust’ wilde ik meer. Me overgeven aan de passie, kijken of het wat met mijn collega kon worden, maar niet achter Robins rug. Er zat in mijn ogen niets anders op dan uit elkaar te gaan. Op een eerlijke, vriendschappelijke manier. Ik gunde Robin al het geluk in de wereld en wilde niets liever dan een goede band met hem behouden. Dat beaamde Robin. Scheiden was niet zijn wens, maar als we het deden, dan zo netjes mogelijk. Dus namen we een mediator in de hand die de scheiding op een nette manier afwikkelde, waarbij ik eigenlijk alles toegaf om van mijn schuldgevoel af te komen.”

Lees ook: Jo-Anne: ‘Mijn man verliet me toen ik doodziek was’

Zondebok

“Uit elkaar groeien, verliefd worden op een ander, scheiden, het komt in menig huwelijk voor. Maar vanwege Robins hartprobleem werd ik als zondebok gezien. Bijna iedereen uit zijn omgeving keerde zich tegen mij. Vrienden en familie namen mij kwalijk dat ik een zieke man in de steek liet. Vanwege Robins afnemende gezondheid werd hij volledig afgekeurd. Hij stopte met werken en werd fulltime huisvader. Met zijn uitkering, de alimentatie die ik moest betalen en de alleenstaande oudertoeslag kon hij in ons huis blijven wonen en een redelijk riant leven leiden met de meiden. Ik zou in dit geval de weekendouder worden

In het begin communiceerden we nog heel goed samen. Maar naarmate de tijd vorderde, werd hij steeds eenzamer en begon hij mij van alles te verwijten. Wat ook niet hielp waren zijn twee zussen die lelijk over mij spraken. Ik hoorde van de kinderen  dat er werd gezegd dat ik papa’s leven had verwoest. Dat hij nu heel ongelukkig was, terwijl ik feestjes vierde.

Waarschijnlijk stak het hen dat ik verder ging met mijn leven en daadwerkelijk een relatie kreeg met mijn collega Lars. Na mijn scheiding zijn we voorzichtig gaan daten. Lars en ik zien elkaar op het werk en daarnaast hooguit twee avonden per week. We wonen absoluut niet samen en zijn dat ook niet van plan. Zeker nu niet, sinds ik weer voltijds moeder ben.”

Niet welkom

“Robin is helaas begin dit jaar overleden. Overmatig bloedverlies tijdens een hartoperatie is hem fataal geworden. Enorm verdrietig, niet in de laatste plaats voor mijn meiden. Meteen toen we ’s middags gebeld werden dat Robin heel kritiek lag, ben ik met Luus en Mare naar het ziekenhuis gereden. Maar bij de lift werd ik tegengehouden door Katja, de oudste zus van Robin. Ik mocht de kinderen aan haar overdragen, ik was niet welkom.

Om geen scène te schoppen, zeker niet op dat moment, deed ik wat ze zei. Ik reed alleen naar huis en nam de rest van de week vrij. Die avond overleed Robin. Mijn schoonvader belde me en vroeg of het goed was als de meiden bij hen bleven slapen, ze wilden met elkaar rouwen. Ik stemde uiteraard toe. Ook de volgende dag kwamen ze niet thuis. Katja belde dat er veel geregeld moest worden voor de crematie en dat de meiden nog een nacht bleven logeren. Ze wilden graag in de buurt zijn van papa’s familie.

Dat snapte ik, maar tegelijkertijd vond ik het niet prettig dat ze zonder steun van hun moeder met zo’n groot verdriet moesten dealen. Ik stelde voor om later die middag ook even langs te komen, maar Katja zei dat mijn komst niet op prijs werd gesteld door de familie. Wederom, om geen toestand veroorzaken, ging ik niet in discussie, al kwetste het me enorm dat ik zo werd afgewezen. Ik had vijftien jaar in de familie gezeten, was nog steeds de moeder van hun kleinkinderen en nichtjes.

Gelukkig kon ik wel met mijn oudste appen. Ze had haar telefoon bij zich en hield me op de hoogte van wat er allemaal gebeurde. Luus beweerde dat het redelijk met haar en Mare ging, dat ze veel moesten huilen om papa, maar dat ze het fijn vonden om met hun tantes en opa en oma te zijn.

Nog steeds had ik goede hoop dat ik in de loop der dagen toch uitgenodigd zou worden. Robin en ik waren dan wel gescheiden, zijn dood raakte me nog altijd heel erg. Ik hield op mijn manier nog steeds van hem. Maar toen ik mijn schoonmoeder opbelde om haar te condoleren, kreeg ik de volle laag van Robins jongste zus. Ze zat midden in haar verdriet, dus ik snap haar emotie, maar ze gilde dat ik een egoïstisch kreng was en dat haar broertje geen dag meer gelukkig was geweest sinds de scheiding. En dat ik niet moest denken dat ik nu even die zielige weduwe kon gaan uithangen. Ik heb haar laten razen, maar ik moest verschrikkelijk huilen. Die woorden sneden echt door mijn ziel.”

Moeizame relatie

“De band tussen mij en mijn schoonzussen is altijd moeizaam geweest. Katja en Loes zijn veel ouder dan Robin en voelden zich zijn moeder. Robin was een nakomertje en dan ook nog eens ziekelijk. Toen ik hem leerde kennen woonde hij op zichzelf, maar zijn zussen deden zijn was, kochten zijn kleding, kookten en haalden boodschappen. Hij vond dat gepamper prima.

Toen ik in zijn leven kwam, veranderde hun rol. Robin en ik verdeelde de huishoudelijke taken en ik vond het ook niet meer prettig dat zijn zussen te pas en onpas binnen vielen. Dat zette kwaad bloed bij zijn zussen. Ze kwamen nog wel op visite, maar alleen als ik aan het werk was.

Wel waren ze dol op onze dochters en andersom zijn de meiden ook stapelgek op hun tantes. Vandaar dat ik het wel aandurfde om Luus en Mara bij hen achter te laten na het overlijden. Maar na drie dagen vond ik het genoeg en haalde ik mijn dochters op. De kinderen hadden hun vader al verloren, het was niet goed dat ze dit rouwproces ook zonder hun moeder moesten doormaken.”

Speciaal plekje in mijn hart

“Op de avond voor de crematie was er ruimte in het uitvaartcentrum om afscheid te nemen. Mare durfde papa niet meer te zien, maar Luus wilde wel graag in de kist kijken. Onder geen beding wilde ik dat dit zonder mij zou gebeuren. Dus uiteindelijk is er een mogelijkheid gecreëerd waar ik zonder de familie en alleen met Luus afscheid kon nemen. Robin lag er prachtig bij. Ik heb hem met de tranen in mijn ogen bedankt voor onze prachtige meiden en zijn liefde voor mij. Gezegd dat hij een speciaal plekje in mijn hart had en dat ik er alles aan zou doen om onze meiden naar zijn wens op te voeden. Het was een prachtig en emotioneel moment. Iets dat ik tot op de dag van vandaag koester, ook omdat het mijn enige afscheid van hem is geweest.

Want ook op zijn crematie mocht ik niet komen, zo deelde Katja mee die me opwachtte in het uitvaartcentrum. Dat ik niet op rij één zou mogen zitten snapte ik, maar ergens achter in de aula was toch wel een plekje? Maar nee, Katja was keihard. ‘Ik hoefde hier nu niet een potje te staan huichelen, met mijn krokodillentranen’. Ze zei: ‘Jij hebt je kans gehad. Jij moest zo nodig met een andere man verder, dus doe nu niet alsof bedroefd bent om mijn broer.’ Om de meiden hoefde ik me ook niet druk te maken, die kon zij prima opvangen.

Met Robin in de kamer ernaast en Luus aan mijn zijde, kon ik niets anders doen dan te slikken. Dit was niet de plaats, noch de tijd om een discussie aan te gaan. Maar eenmaal in de auto naar huis heb ik heel hard zitten huilen.”

Kaarsjes gebrand

“Tegen de buitenwereld beweerde ik dat het mijn eigen keuze was niet te komen, dat ik het niet aankon, omdat ik de familie niet in een kwaad daglicht wilde zetten. Had ik het anders aan moeten pakken? Ik heb geen idee. Ik weet wel dat Robin dit ondanks alles wat er tussen ons is gebeurd nóóit zou hebben gewild.

Op de dag van de crematie heb ik Robins lievelingsmuziek gedraaid, kaarsjes aangestoken en de fotoboeken van ons huwelijk bekeken. In gedachten was ik continu bij hem en de kinderen. Ik vond het vreselijk dat ik hen niet kon steunen op de verdrietigste dag uit hun leven. Dat doet me tot op de dag van vandaag nog steeds veel pijn.”

Lees ook: Jeanette: ‘Mijn man overleed, niemand wist dat we in scheiding lagen’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde artikelen