Persoonlijke verhalen

Jo-Anne: ‘Mijn man verliet me toen ik doodziek was’ 

Vijf jaar geleden kondigde de man van Jo-Anne (55) aan dat hij wilde scheiden. Hij was verliefd op een ander. Op dat moment ging het lichamelijk héél slecht met Jo-Anne. ‘Ik ben boos op Peter, maar op haar nog véél meer. Je blijft van andermans man af. Zeker als de vrouw in kwestie doodziek is!’

Jo-Anne: “Tot vijf jaar geleden was mijn leven heerlijk onbezorgd. Ik had een schat van een man en een fijn gezin. Ik was altijd op stap of onderweg en had energie voor tien. Met mijn hobby’s kon ik het alfabet vullen. Van schilderen en breien tot fotograferen, koken en zelf kleding maken: alles vond ik even leuk. Peter en ik hadden veel vrienden en in het weekend gingen we vaak uit. Zowel met de kinderen als zonder, dan brachten we hen naar mijn ouders en gingen wij eten en dansen. Peter en ik zagen de toekomst positief tegemoet. Later zaten we samen oud en grijs op een bankje voor ons huis, genietend van onze kleinkinderen, zeiden we altijd.”

Rode carnavalspruik

“De eerste kink in de kabel van ons gelukkige leventje kwam toen er acht jaar geleden een cyste in mijn eierstok werd ontdekt. In eerste instantie leek het goedaardig, maar artsen haalden uit voorzorg mijn eierstok en eileider weg. Niet lang erna bleken er onrustige cellen te zijn en kreeg ik het advies ook mijn baarmoeder te laten verwijderen. Dat deed ik. Ons gezin was compleet en ik was blij dat ik van de menstruaties af was. Helaas kreeg ik het jaar na de operatie allerlei vage klachten en moest ik weer terug naar de gynaecoloog. Na maanden van onderzoeken en een aantal bloedtransfusies, omdat ze niet konden ontdekken hoe het kwam dat mijn bloedwaardes zo slecht bleven, kreeg ik uiteindelijk de diagnose leukemie.

Het was heel gek: ze belden me om tien uur ’s avonds met de mededeling dat ik kanker had, maar in plaats dat ik daar ongelofelijk verdrietig van was of van slag, was ik alleen maar opgelucht. Eindelijk wist ik wat ik had. Hiertegen kon ik vechten, ik wist zeker dat ik beter zou worden. Peter stond er precies hetzelfde in. Samen konden we alles aan.

En dat gebeurde ook. Er volgde een pittige periode met twee keer bestralingen en chemo, maar ik had er weinig last van. Ik was een geliefde patiënt van artsen, ik had speciale groene en rode carnavalspruiken gekocht die ik opzette bij de zogenaamde groene of rode chemozakken. Na een half jaar was ik schoon en kon ik zelfs weer aan het werk.”

Botte Pech

“De leukemie had ik overwonnen, maar dat ik zo ziek zou worden van een simpele griepprik had ik nooit kunnen vermoeden. Botte pech. Een half jaar nadat ik schoon was verklaard, kreeg ik een oproep voor een griepprik. Achteraf is dat veel te vroeg geweest. Mijn immuunsysteem was nog niet op orde en daardoor heb ik gordelroos opgelopen. Dat zijn blaasjes vergelijkbaar met de waterpokken en is een veel voorkomende complicatie als je leukemie hebt gehad. Ik wist dat ik daarvoor moest oppassen, ik checkte ook regelmatig mijn taille op plekjes.

Toch miste ik de eerste blaasjes en ontdekte ik ze pas toen ze al aan beide kanten op mijn hoofd en neusrug zaten. Ik werd er doodziek van en ze deden afschuwelijk veel pijn. Ik gilde het vaak uit van de hoofdpijn en moest uit alle macht de jeuk tegen gaan. Ik wist dat krabben funest was, omdat het dan kon gaan doorwoekeren.

Toen de pijn steeds ondraaglijker werd, stapte ik ’s avonds naar de huisartsenpost. Maar de dienstdoende artsen onderschatten mijn klachten en stuurden me weg met aspirine. Pas later werd ik serieus genomen. Ik werd opgenomen in het ziekenhuis, omdat de blaasjes openbarsten en zich vermenigvuldigden. Maar toen was het al te laat. De gordelroos had als een razende om zich heen gegrepen, vooral in mijn hoofd. Er waren blaasjes achter mijn oogbal gaan woekeren die mijn zicht hadden aangetast. Inmiddels ben ik rechts blind en ik zie met links nog slechts vier procent. Ook mijn mooie bos haar is verdwenen. Ik kreeg kale plekken en er bleven babydonshaartjes over, die ik sindsdien verstop onder een hoofddoek.”

Wegvluchten

“Pas na drie jaar kreeg ik goed werkende medicijnen waardoor het leven weer dragelijk is geworden. Maar in die tijd lag ik dagenlang uitgevloerd op bed, onder de morfine en kon geen geluiden en zonlicht verdragen. Niks geen carnavalspruiken of gekkigheid, ik was nu nog maar een schim van mijn vrolijke zelf.

Precies in die periode, veranderde ook Peter. Ten tijde van de leukemie was hij een en al bezorgdheid en lief en meelevend.  En net na de diagnose gordelroos zocht hij avonden op het internet naar oplossingen, maar nu mijn lijf aftakelde en de pijn mijn leven beheerste, vluchtte hij weg. Ik zag hem nauwelijks meer. Hij zorgde voor de kinderen, terwijl ik op bed lag, dacht ik. Pas veel later hoorde ik dat mijn dochter elke avond kookte, omdat papa laat of soms helemaal niet thuis kwam. Zelf kwam hij amper bij mij kijken. En hij schoof pas ’s avonds laat in bed. Ik vroeg hem wel naar zijn dag en wat hij allemaal had gedaan, maar hij ontweek mijn vragen en gaf nooit echt antwoord. Ook zijn liefdevolle blikken waren weg en aanraken wilde hij me niet meer. Aan de ene kant begreep ik het: mijn lichaam en uiterlijk waren veranderd. Ik was niet meer aantrekkelijk met mijn half kale koppie en de vele lelijke blaasjes in mijn gezicht en op mijn lijf. Ook van mijn optimistische, drukke karakter was door de pijn niet veel meer over. Maar van binnen was ik wel dezelfde vrouw en ik had juist nu extra veel behoefte aan liefde en tederheid.

Ik had Peter hard nodig. Het deed me pijn dat hij niet veel van me wilde weten en me niet eens meer kuste. Ik hoopte dat Peters afstandelijkheid minder zou worden als de medicijnen zouden aanslaan. Maar ik maakte me niet te veel zorgen. We waren 25 jaar getrouwd. Een mensenleven. Peter had me beloofd dat hij er voor me zou zijn in goede en in slechte tijden en dit waren tijdelijk bijzonder slechte tijden. Bovendien maakt ieder stel wel een mindere periode mee. Ons huwelijk kon wel tegen een stootje. Dacht ik. Ik had nooit verwacht dat hij op een avond de slaapkamer binnen zou komen, me zou wekken en zeggen: ‘Ik denk dat ik wil scheiden.’”

Valse collega

“Op dat moment dacht ik dat de wereld verging en begon ik te huilen. Ik vroeg naar de reden, maar dat wilde hij niet zeggen. Het eerste wat ik vroeg, was of hij een ander had en of het aan mijn ziekte lag. Maar op beide vragen antwoordde hij ontkennend.Therapie was geen optie voor hem. Hij deed wat spullen in een tas en vertrok. Natuurlijk was er wel een andere vrouw. Dat vertelden de kinderen, die snel met ‘de vriendin van papa’ geconfronteerd werden. Van Peter zelf hoorde ik niks. Zelfs toen we als gezin in therapie gingen, wilde hij niet ingaan op zijn motief. Achteraf bleek dat hij het al een tijdje geleden had aangelegd met Petra, een vijftien jaar jongere collega die net was gescheiden. Ik kende haar. Althans, ik had haar ontmoet op personeelsfeestjes, waar ze zich vaak een beetje aan me opdrong. Ik had haar tijdens mijn leukemie verteld dat ik zo dankbaar was voor Peter en hoe lief hij voor me was. Ze wist hoe ik mijn echtgenoot koesterde. Maar van Peters collega’s hoorde ik dat ze hem heeft lopen versieren. Ze kwam vaak op zijn afdeling, sloeg ‘vriendschappelijk’ een arm om hem heen en zei vals dat hij ‘ook aan zichzelf moest denken’. Waarschijnlijk bedoelde ze dan: aan haar.

Peter is een goede sul en heel beïnvloedbaar. Zeker op een moment waarop het thuis niet lekker liep, was hij vatbaar voor haar avances. Ze nodigde zichzelf uit om met hem en de kinderen te gaan wandelen, aangezien ik dat niet kon. Ze vroeg hem voor klusjes in huis, stuurde hem kaarten en brieven. Peter is behulpzaam en sociaal. Zeker geen vreemdganger, eerder een brave huisvader. Maar ik denk dat ze zich zo in zijn leven heeft gedraaid. Later hoorde ik van de kinderen dat ze ook steeds toevallig ergens opdook: op de kermis waar zij waren, in het bos. En ondertussen lag ik ziek in bed. Ik ben boos op Peter, maar nog véél meer op haar. Je blijft van andermans man af. Zeker als zijn vrouw doodziek is!”

Uit het dal

“We zijn nu vijf jaar verder en weg zijn mijn man, onze vrienden, mijn energie en al mijn liefhebberijen. Net na de scheiding kwam ik in een depressie terecht. Maar tijd om daaraan toe te geven had ik niet, ik moest er zijn voor de kinderen. De afspraak was dat Peter de kinderen om het weekend zou hebben en de helft van de vakanties, maar dat heeft hij nooit gedaan. Hij riep dat hij geen pretparkvader wilde worden, maar hij is de kinderen welgeteld drie keer voor een weekend komen ophalen en nam ze toen mee naar een pretpark. Hij is te druk met zijn nieuwe leven en nieuwe vrouw. Hij gaat met haar en haar kinderen op vakantie en bekommert zich niet meer om zijn eigen kinderen. Hij stuurt nog geen kaart voor hun verjaardag.

Toch zie ik de afgelopen jaren niet alleen als negatief. Langzaam maar zeker ben ik uit het dal geklommen, mede door nieuwe, sterkere medicatie, mijn zus en mijn twee kinderen. De band met mijn kinderen is sterk. Ze willen niets meer weten van hun vader en mijn zoon overweegt zelfs een achternaamswijziging. Ik heb nieuwe kennissen gemaakt en nieuwe hobby’s gezocht. Lezen kan ik niet meer, maar ik heb luisterboeken ontdekt en die verslind ik.”

Meer durf

“Ook ben ik er als mens sterker uitgekomen. Ik was een vrouw die volledig steunde op haar man. Nu draai ik zelf een lamp in en doe mijn eigen administratie. Ik heb een lens waarmee ik toch nog wat kan zien en dat helpt enorm. Ik durf meer en heb maling aan de mening van anderen. Als je het niet met mijn beslissing eens bent, jammer dan, als het goed voor mij is, doe ik het. Zo was ik vroeger niet. Ik cijferde me liever weg voor het geluk van een ander. Als ik iets heb geleerd in het leven, is het dat je alleen van jezelf op aan kunt. Ook al ben je 25 jaar getrouwd, je hebt geen enkele garantie dat iemand bij je blijft als je ziek wordt. Zelfs niet als je dat elkaar ooit voor de wet en tientallen getuigen hebt beloofd.”

Lees ook: Marijes man heeft losse handjes: ‘Huiselijk geweld sluipt erin’

Foto: Shutterstock

Reageer op dit artikel

lmols

dat doe je goed je bent een super sterke vrouw heel veel geluk

Beantwoorden
San

Hoop zo dat je een nieuwe liefde vind

Beantwoorden
CK

Hoe kun je nu nog bozer zijn op haar? Dat begrijp ik niet. Hij is de k…zak hier…en hij ging vreemd, zij niet. Beïnvloedbaar of niet Hij was getrouwd in goede en slechte tijden.

Beantwoorden
M.

Wat een kortzichtige berichten. Ik begrijp je volkomen, ik vind dat wij als vrouwen ook een eenheid moeten vormen.. en wanneer je weet dat een man getrouwd is en in zo een kwetsbare situatie zit, blijf je er vanaf!!! En ik praat de man ook niet goed hiermee, hij is er zelf bij geweest en had beter moeten weten. Hij heeft duidelijk voor zichzelf gekozen, Letterlijk en figuurlijk. Heftig dat hij zelfs de kinderen de rug toe keert. Heb echt medelijden met ze..

Ik hoop dat je je geluk terug vind, je bent een sterke vrouw!

Sterkte met alles!

Beantwoorden