Rachel had als kind leukemie en werkt nu in het Prinses Máxima Centrum

Rachel (30) was twaalf jaar toen ze getroffen werd door leukemie. Nu werkt ze in het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie, waar ze kuren maakt om kinderen met kanker te helpen. “Door alles wat ik had meegemaakt had ik een duidelijk beeld van wat ik wilde in de toekomst en een sterke gedrevenheid om hiervoor te knokken.”


Rachel had als kind leukemie en werkt nu in het Prinses Máxima Centrum

© Mariel Kolmschot

Snel blauwe plekken

Rachel (30): “Ik ben geboren in Schotland, een land met veel ruige natuur en hoge bergen. In het weekend trok ik vaak met mijn ouders, broer en onze hond de bergen in om te hiken. Ik was sportief en barstte van de energie. Dat veranderde toen ik twaalf jaar oud was. Tijdens gym zat ik steeds vaker langs de kant om uit te rusten. Ook zag ik witjes en kreeg ik snel blauwe plekken als ik me stootte. Mijn bloed werd onderzocht om de oorzaak te achterhalen. Mijn moeder zat naast me en stelde me gerust toen er bloed werd afgenomen. Ik had een prikfobie en vond die naald hartstikke eng. Over de uitslag maakte ik me niet veel zorgen. Ik voelde me niet heel ziek. Na het bloedprikken bracht mijn moeder me naar huis en vertrok zij naar haar werk.

Leukemie

Later die middag ging de bel. Voor de deur stond een man die zei dat hij dokter was en vroeg naar mijn ouders. Als kind was me geleerd om vreemden niet binnen te laten als ik alleen was, maar ik was overrompeld. Kennelijk moest de dokter mijn ouders iets belangrijks vertellen. In de keuken belde de dokter mijn moeder en vader. Ik hoorde hem zeggen dat ik waarschijnlijk leukemie had en snel moest worden onderzocht. Ik schrok niet toen ik het woord leukemie hoorde, want ik wist niet wat het inhield. Na het bezoek van de dokter ging alles als een waas aan me voorbij. Mijn ouders kwamen, haalden mijn broer van school en gingen met mij naar het ziekenhuis.”

Onbegrip

“Hoewel de artsen en verpleegkundigen hun best deden om me uit te leggen wat leukemie inhield en vertelden dat mijn beenmerg verkeerde cellen aanmaakte, begreep ik het niet helemaal. Twaalf jaar is een lastige leeftijd. Ik wilde leuke dingen doen met mijn vriendinnen, sporten, met onze hond wandelen en vooral niet in het ziekenhuis zijn. Gelukkig kreeg ik veel bezoek, iedereen probeerde me op te vrolijken. Mijn moeder week niet van mijn zijde, mijn vader kwam vaak met een teddybeer aan.

Afstand

De afstand tussen mij en mijn vrienden werd wel steeds groter. Ook letterlijk. Er waren periodes waarin vrienden en familie afstand van me moesten houden. Een chemokuur vernietigt niet alleen slechte cellen, maar ook goede. Mijn weerstand werd laag waardoor ik vatbaar werd voor virussen en bacteriën. Terwijl mijn leeftijdsgenoten verder gingen met hun leven, stond dat van mij stil. Hoewel, stil… Mijn lichaam en mijn behandelaars waren ondertussen hartstikke hard aan het werk. Ik kreeg infecties, verhoging en had last van bijwerkingen. Ik wist nog steeds niet wat er precies met me aan de hand was, maar ik voelde wel dat ik de behandelingen nodig had om beter te worden. Toen mijn lange, blonde haren uitvielen door de chemokuur accepteerde ik dat. Het lukte me om mijn angst te onderdrukken en alles te ondergaan, maar voor prikken bleef ik bang.”

Behandeling

“In totaal duurde mijn behandeling tweeënhalf jaar. In die tijd veranderde mijn lichaam ingrijpend door de medicijnen. In de eerste maand van de behandelingen kreeg ik steroïden, een middel dat ontstekingen remt, maar ook zorgt voor een onstilbare trek. In mijn ziekenhuisbed keek ik heel de dag verlekkerd naar kookshows. Als ik ergens zin in had, maakte mijn moeder het voor me klaar in de keuken van het ziekenhuis of aan de overkant, waar een logeerhuis voor ouders was. Als ik uit een operatie kwam, maakte ik zelfs tekeningen van een bord en hoe het eten waar ik zin in had eruit moest zien.

Canva1 46
Lees ook Annemieks dochter kreeg op haar vijfde leukemie

Bijwerkingen

De bijwerkingen werden steeds heviger. Waar ik eerst ontzettend van eten genoot, werd ik ineens zo misselijk dat het me begon tegen te staan. Bijna een jaar lang kreeg ik sondevoeding via een slangetje in mijn neus omdat ik niets binnenhield. Mijn linkerenkel verzwakte, waardoor ik een spalk droeg. En de gifstoffen van de chemokuur en medicijnen waren zo belastend, dat ze mijn zenuwstelsel aantastten. Wekenlang zag ik wazig, was mijn linkerarm gevoelloos en kon ik niet praten. Ik wist wat ik wilde zeggen, maar de woorden kwamen niet uit mijn mond, een heel angstige gewaarwording. Nog altijd heb ik last van bijwerkingen. De behandeling heeft bij mij blijvende gevolgen veroorzaakt. Mijn botten zijn kwetsbaarder, ik heb spierzwakte in mijn tenen en moeite met fijne motoriek van mijn linkerhand, maar ik realiseer me ook dat het slechter had kunnen aflopen.

Kinderen zijn sterk

Nu vraag ik me af hoe ik de behandelingen als kind volhield, maar kinderen zijn sterk. Ze leven met de dag. Ik genoot ervan om samen te zijn met mijn familie en onze hond. Een hond is een gezinslid en een onvoorwaardelijk maatje. En als je van wandelen houdt, zoals ik, ben je met een hond altijd verzekerd van gezelschap. Toen ik in het ziekenhuis lag, bracht mijn vader onze hond soms mee als verrassing. Dat deed me ontzettend goed. Gelukkig mocht ik na een maand naar huis. Daarna bezocht ik anderhalf jaar lang iedere week het ziekenhuis om een kuur te krijgen of om behandeld te worden aan complicaties.”

Sterke drive

“In de minder intensieve fase van mijn behandeling mocht ik weer naar school. Wel moest ik voorzichtig blijven om niet ziek te worden. Ik was nog altijd vatbaar voor infecties en ik moest nog steeds naar het ziekenhuis. Nadat ik in december 2010 genezen werd verklaard, was ik voorgoed veranderd. Ik raakte in de ban van het menselijk lichaam en stortte me op het vak Biologie. Ik wilde exact weten hoe cellen in elkaar zitten en hoe ze werken. Als twaalfjarige begreep ik niet wat me was overkomen, maar toen ik ouder was, wilde ik het ontrafelen en doorgronden. Ik denk dat mijn drive niet zo sterk was geweest als ik niet ziek was geworden. Ik vond cellen en alles wat daarmee te maken had zo interessant, dat ik na de middelbare school Immunologie wilde studeren. Een missie had ik ook: kinderen met kanker helpen. Door alles wat ik had meegemaakt had ik een duidelijk beeld van wat ik wilde in de toekomst en een sterke gedrevenheid om hiervoor te knokken.

PhD

Doordat ik veel lessen had gemist, moest ik hard mijn best doen om mijn diploma te halen en te worden toegelaten op de studie van mijn keuze. Gelukkig kon ik ook in deze fase rekenen op de eindeloze steun van mijn ouders, iets waar ik ze nog altijd dankbaar voor ben. Nadat ik twee studies in de Biologie afrondde, werd ik toegelaten tot een onderzoeksgroep naar leukemie in Engeland, waarmee ik de hoogst haalbare academische graad, een PhD, behaalde. Dit onderzoek kon ik in mijn tweede jaar voortzetten in het Prinses Máxima Centrum in Nederland, een ziekenhuis speciaal voor kinderen met kanker. Een kans die ik met beide handen aangreep.”

Canva1 83
Lees ook Danielle ontdekte dat ze acute leukemie had

Passie voor werk

“De eerste keer dat ik in het Prinses Máxima Centrum binnenliep, was ik overdonderd door alle herinneringen van vroeger die omhoogkwamen, maar ik was ook geraakt door het gebouw dat speciaal is ontworpen voor kinderen. Er fietsten kinderen rond op driewielers met daaraan een paal waar hun infuus aan hing. Ze konden spelen en kind zijn, ook tijdens hun behandelingen. In het ziekenhuis was ook ruimte voor ouders. Iedere ziekenkamer heeft nog een extra kamer waar familie kan verblijven. En alle kamers hebben een eigen balkon zodat kinderen en hun familie ook naar buiten kunnen. Voor veel patiënten en hun ouders is het Prinses Máxima Centrum als een tweede thuis. Het is troostrijk om te zien dat kinderen die ziek zijn het ook fijn kunnen hebben.

In het Prinses Máxima Centrum werk ik op de nieuwe cel- en gentherapieën-unit. Samen met mijn collega’s ontwikkel ik daar gespecialiseerde therapieën. We doen ons werk met een grote passie en toewijding en altijd zeer precies. Dat kan ook niet anders. Het werk kan intens zijn, maar mijn collega’s en ik steunen elkaar als dat nodig is en hebben samen ook veel lol.”

Passie

“Mijn verleden heb ik inmiddels een plek gegeven. Het was zwaar om tijdens mijn puberteit zo lang erg ziek te zijn, maar deze ervaring zorgde er ook voor dat ik inzichten kreeg en keuzes maakte die ik anders niet had genomen. Het klinkt misschien vreemd, maar ik had niet gewild dat mijn leven anders was gelopen. Mijn werk is mijn passie. Het geeft me waanzinnig veel voldoening om kinderen te helpen en de missie van het Máxima te kunnen ondersteunen: ieder kind met kanker genezen, met optimale kwaliteit van leven.

Liefde

En mijn studie bracht me indirect nog veel meer. Want een paar maanden nadat ik naar Nederland verhuisde, ontmoette ik de liefde van mijn leven: mijn man Niels. Toen ik een concert van een Schotse band bezocht, zag ik in het voorprogramma een knappe Nederlandse man gitaar spelen. We raakten aan de praat en werden verliefd. Dat is nu bijna zeven jaar geleden. Een paar maanden geleden zijn we getrouwd. Niels droeg een Schotse kilt ter ere van mijn Schotse roots. Met onze familie en vrienden beleefden we een fantastische dag. Niels en ik zijn heel gelukkig met elkaar en met onze border collie Kita. Samen maken we lange wandelingen en trekken we de natuur in. Ik realiseer me dat de moeilijke periodes hebben geleid tot het leven wat ik nu leid, maar ook dat ik waanzinnig veel geluk heb gehad. Ik heb het overleefd en dát gun ik ieder kind.”

Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.

LEES OOK

Lees meer Persoonlijke verhalen
Persoonlijke verhalen
012026 Vriendinclub 820x270

Uit andere media


Meer van Sonja