Bodile: ‘Mijn schoonmoeder snuffelt in onze spullen als ze oppast’
Heel lief hoor, van de schoonmoeder van Bodile (33) dat ze wil oppassen op haar kleinkinderen. Maar dat ze daarbij standaard snuffelt in kastjes, laatjes en mappen, daar wordt Bodile helemaal gek van. “Ik plakte zelfs een haar op mijn badkamerlaatje om het te controleren.”
Bodile: “Twee weken geleden was het weer raak. In de kast op mijn werkkamer lag de administratie van vorig jaar die ik aan het afronden ben. Veel papieren, waaronder facturen van mijn onderneming, belastingaanslagen, overzichten van kilometers en btw én een aanmaning van een betaling die ik was vergeten. Dat overkomt volgens mij iedereen weleens en ik heb het allang in orde gemaakt. Maar toen ik donderdag thuiskwam, keek mijn schoonmoeder Lucy, die had opgepast, me de hele tijd aan met een soort meelevende maar ook nieuwsgierige blik. Ze zaagde me helemaal door over hoe met mijn zaak gaat, of ik het wel kan bolwerken allemaal, of ik in een lastige markt zit en zo nog wat van die vragen. Ik begreep niet waarom ze dat allemaal vroeg, want het gaat prima met mijn bedrijf en dat weet ze ook. Maar toen ik later die avond op de werkkamer kwam en iets uit de kast wilde pakken, begreep ik ineens waarom ze al die vragen stelde. De aanmaning lag nu bovenop de stapel.
Snuffelen
Woedend stormde ik naar beneden en deelde aan mijn man Ruud mee dat we vanaf nu onze kinderen op donderdag naar de opvang doen. ‘Hoezo?’ vroeg hij en ik ontstak in een tirade over het rondneus-gedrag van zijn moeder. Niet voor het eerst, want zo lang ze bij ons oppast, doet ze dit al. Altijd als ze er is, snuffelt ze in onze laden, kasten, mappen en papieren. En niet een klein beetje, ze haalt zelfs stapels papieren overhoop die helemaal achteraan liggen. Ze denkt dat ze het subtiel doet, maar dat doet ze niet. Want het ligt na haar gesnuffel altijd anders dan ik het heb achtergelaten.
Gênant
Soms is het gewoon gênant. In het kastje naast mijn bed bewaar ik, naast gebruikelijke zaken boeken, een bril, zakdoekjes en wat pennen ook twee zaken waarvan ik echt niet wil dat mijn schoonmoeder ze in handen krijgt: een dagboekje en een satisfyer. En die heeft ze in handen gehad, dat weet ik zeker, op een van de eerste dagen dat ze oppaste bij ons. Die dag keek ze me met een heel vreemde blik aan. ’s Avonds zag ik dat zowel mijn vibrator als mijn dagboek een plank lager lagen dan gebruikelijk. Vreemd, dacht ik nog, maar ik vermoedde dat ik het verkeerd had onthouden. Je verwacht toch niet dat je oppassende schoonmoeder in je nachtkastje gaat gluren? Ze heeft op onze slaapkamer al niets te zoeken, zeker omdat die op zolder is terwijl de kamers van mijn dochters op de eerste verdieping zijn. Maar áls ze dan al op de slaapkamer verzeild raakt, dan is het opentrekken van een nachtkastje in mijn ogen echt not done.
Van plek veranderd
Ik dacht niet zoveel meer aan de verplaatste spullen, tot ik de week erna zo’n zelfde ervaring had, maar nu met de kast in de woonkamer. Daar ligt speelgoed in, maar ook allerlei post, rommeltjes en meer spullen die mijn schoonmoeder niet nodig heeft. Maar ook daar was van alles van plek veranderd. Nog wat weken later greep ik mis in mijn laatje in de badkamer. Mijn nachtcrème was van plek veranderd, mijn anticonceptiepil ook. Ineens dacht ik aan mijn schoonmoeder, die de week ervoor opzichtig op een derde kind had zitten hinten. Ze zou toch niet tussen mijn spullen hebben gezocht naar of ik de pil nog gebruikte? Inmiddels weet ik zeker: dat heeft ze wel gedaan.”
Rondneuzen
“En dat doet ze nog steeds. Elke week als ze oppast, neust ze wel ergens rond. Ik weet inmiddels ook helemaal zeker dat ze in mijn nachtkastje heeft gekeken. Niet zo lang na die eerste keer besloot ik om eens helemaal uit te pakken en deed ik een leuke bestelling bij een online seksshop. Ik dacht niet aan mijn schoonmoeder toen ik die bestelling in mijn nachtkastje zette, niet toen ik die avond een blinddoek en een paar handboeien omdeed, en niet toen ik de erotische massageolie over Ruuds rug uitsmeerde. En nee, ook niet toen ik al die spulletjes weer opborg in mijn kastje.
Kwartslag gedraaid
Het was woensdagavond. De volgende avond stond die doos ineens een kwartslag gedraaid. Ik kon het eerst niet geloven, al was het maar omdat je, als je dan zo’n doos uit het kastje haalt, je toch oplet of je hem wel goed terugzet. Maar zo voorzichtig is ze niet. In eerste instantie voelde ik me betrapt en een beetje vies. Je hoort weleens mensen zeggen na een inbraak dat het niet om de verdwenen spullen gaat maar de handen die in hun ondergoedla hebben gegraaid. Dat gevoel had ik nu ook. Hoe langer het duurde, hoe bozer ik ook werd. Ik riep Ruud erbij en eiste woedend dat hij zijn moeder de laan uit zou sturen. Geen oppasdagen meer voor haar. Maar hij zei irritant genoeg: het is toch juist fijn dat ze oppast?
Oppassen
Dat laatste is heus wel waar. Na de geboorte van onze jongste dochter, nu anderhalf jaar geleden, bleek dat er voor haar in de wijde omtrek geen opvangplek op de donderdag was. We zaten echt met de handen in het haar tot Lucy zich als reddende engel aanbood. Eerder wilde ze geen vaste oppasdag omdat ze de vrijheid wilde om te reizen en haar hobby’s uit te oefenen en dat begrepen Ruud en ik helemaal. Maar toen ze eenmaal was begonnen, bleek ze het oppassen echter zo geweldig te vinden dat we onze kinderen maar van de wachtlijst van de opvang hebben gehaald en Lucy het hobby’en en reizen op een lager pitje heeft gezet. Dat scheelt, zo mag Ruud graag meedelen, ook nog eens veel geld en de meisjes krijgen een geweldige band met hun oma. Win-win-win, zou je denken.”
Niets is te gek
“En dat is het ook. Lucy is een lieve oma bij wie ik mijn kinderen met een gerust hart achterlaat. Op oppasdagen is niets te gek: ze bakt cupcakes, gaat uren naar de speeltuin of kinderboerderij, sust peuterdriftbuien, springt zelfs in als voorleesoma in de kleuterklas van mijn oudste. Ik weet dat ik mijn handen mag dichtknijpen met zo’n schat en dat doe ik ook, maar dat geeft haar nog niet het recht om mijn privacy te schenden. Ruud, die inmiddels wel erkent dat zijn moeder nogal nieuwsgierig is, zegt doodleuk: ‘Maar we hebben toch niets te verbergen?’ Nee, dat hebben we ook niet, we hebben geen grote geheimen. Maar ik vind het gewoon geen fijn idee dat Lucy allerlei spullen ziet die onthullen wat voor mij echt privé is: mijn financiën, mijn al dan niet bestaande kinderwens, mijn seksspeeltjes. Niets wat verboden is, maar wel van míj.
‘Nu eenmaal zo’
Ik bespreek dat niet eens allemaal met mijn vriendinnen, laat staan met mijn schoonmoeder van 68 jaar. Ik wil echt dat Ruud haar hier eens op aanspreekt, maar hij is het type dat nooit tegen zijn moeder zal ingaan. Het is trouwens heel gek dat hij het eerst ontkende, want onlangs vertelde hij dat zijn moeder ‘nu eenmaal zo is’. Hij herinnerde zich dat ze vroeger werd gevraagd om de post en planten bij te houden als de buren op vakantie waren en dat ze dan in de laatjes van hun dressoir ging kijken. Ik viel bijna van mijn stoel toen ik dat hoorde: dat dóé je toch niet? Maar Ruud vond er niet zoveel van. ‘Dat weten die mensen toch niet?’ zei hij. Alsof het daarom gaat.
Ik wil het confronteren van mijn schoonmoeder ook best zelf doen, maar Ruud zegt dat ik me moet inhouden. ‘Kijk naar de voordelen’, zegt hij dan. Wat ik bloedirritant vind, want die voordelen geven haar geen onbeperkte rechten. Maar elke keer als ik erover doorga, krijgen we ruzie en houd ik uiteindelijk mijn mond maar. Ik weet alleen niet hoe lang nog.”
Stille hints
“Waar ik me wel mee bezighoud, is stille hints geven om haar te laten merken: ik heb je heus wel door. Nadat ik me realiseerde dat ze die aanmaning had gezien, zei ik iets als: ik kan mijn accountant wel wegdoen, aangezien jij het allemaal in de gaten houdt. Dan speelt ze de vermoorde onschuld en doet alsof ík degene ben die gek is. Dat maakt de situatie heel ongemakkelijk en dan houd ik er maar weer over op. Maar ik ga haar nog eens confronteren en wel zo dat er geen ontkennen meer aan is.
Trucjes
Ik bouw nu ook allerlei trucjes in om bewijs te verzamelen. Echt van die dingen die je in slechte detectivefilms ziet. Ik leg bijvoorbeeld een haar op het randje van de kastdeur. Als je eraf blijft, ligt die haar er aan het einde van de dag nog. Maar de vier keer dat ik dat nu heb gedaan, ligt die haar ’s avonds op de grond: in de badkamer, in mijn werkkamer, zelfs in onze kasten op zolder waar we dingen als verzekeringspapieren bewaren. Ik maak ook foto’s van hoe onze laatjes en kastjes er ’s ochtends uitzien en vergelijk ze dan met ’s avonds: altijd prijs, er is altijd wel iets van plek veranderd in mijn la of die van Ruud of allebei. Die foto’s app ik vaak naar vriendinnen omdat ik mijn frustratie bij hen wel kwijt kan, in tegenstelling tot bij Ruud. Zij leven altijd met me mee en zijn het met me eens dat dit écht niet kan. Een van hen heeft hetzelfde gehad met haar eigen moeder, die ook overal in haar huis rondkeek. Dat heeft ertoe geleid dat haar moeder nu inderdaad niet meer oppast – het heeft ook een stevige ruzie opgeleverd. Zie je wel, dacht ik toen ik dat hoorde. Ik ben dus niet gek.
Grenzen aangeven
Het is heel normaal om je grenzen aan te geven en mijn kasten en laatjes horen bij die grenzen. Misschien moet ik binnenkort maar eens wat minder subtiel te werk gaan. Plakbandjes plakken in plaats van haren neerleggen. Of simpelweg een briefje in de kast stoppen: Lucy, bemoei je met je eigen zaken. Eens kijken wat ze dan zegt. Ik vrees alleen dat Ruud het niet zal waarderen, maar dat is dan jammer. Het is ook míjn huis en het is zeker míjn nachtkastje. Daar heeft niemand iets te zoeken.”
Om privacyredenen zijn alle namen veranderd, De echte namen zijn bekend bij de redactie.
Foto: Getty Images
Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES OOK

Uit andere media