Annette: ‘Ik verzon een ernstige ziekte voor aandacht – en verloor al mijn vriendinnen’
Annette (37) voelde zich nadat haar relatie uitging eenzaam en verzon een ernstige ziekte. Maar die leugen bleek niet vol te houden en alles kwam er op een feestje met haar vriendinnen uit. “Mijn leven ziet er totaal anders uit. Kleiner. Ik heb een goede vriendin die ik ken van Facebook, maar verder geen grote vriendinnengroep meer.”
Aandachttrekker
Annette: “Mensen denken bij iemand die liegt over een ziekte vaak meteen: wat een aandachttrekker, wat een gek mens. Dat snap ik. Er gaat geen dag voorbij dat ik geen spijt heb van mijn leugen. Achteraf had ik veel eerder hulp moeten gaan zoeken. Moeten bekennen dat het niet goed met me ging, dat ik enorm eenzaam was en daarom iets heel stoms had gedaan: doen alsof ik kanker had.
Grote leugen
Als ik het nu hardop zeg, snap ik zelf ook niet hoe ik zo ver heb kunnen gaan. Het is natuurlijk geen klein dingetje, maar een grote, walgelijke leugen waarvoor ik me nog steeds diep schaam. Maar op dat moment voelde de aandacht die ik kreeg als zogenaamde patiënt gewoon fijn. Maar uiteindelijk betaalde ik er een hoge prijs voor: ik ben mijn beste vriendinnen erdoor verloren.”
Leuke groep vriendinnen
“Tot anderhalf jaar terug had ik een leuke groep vriendinnen van zes meiden. We kennen elkaar al sinds de middelbare school. Niet dat we dagelijks op elkaars lip zaten, maar er was altijd contact. Verjaardagen, etentjes, weekendjes weg, een groepsapp die de hele dag doorging.
Veel veranderd
De laatste jaren veranderde er veel. Iedereen kreeg kinderen, kocht huizen, had drukke banen. Mijn relatie ging na zes jaar uit. Mijn ex had me jarenlang bedrogen en ik verhuisde noodgedwongen naar een huurappartement. Geld voor een eigen woning had ik niet, want ik verdien niet genoeg. Ik werk parttime in een drogisterij, omdat ik ook twee honden heb die veel aandacht nodig hebben. Die bleven na ‘de scheiding’ van mijn ex, bij mij.
Ik voelde me achterblijven
Ik wilde ook graag kinderen, maar dat zat er voorlopig niet in. Ik voelde me daarom achterblijven bij de andere meiden wiens levens zo verschilden van dat van mij. In die vriendinnengroep ging het vaak over zwangerschapsgym, verbouwingen en gezinsvakanties. Er werden foto’s uitgewisseld van hun zwangere buiken en baby’s. Ik lachte mee, maar vanbinnen voelde ik me verdrietig. Alsof ik mislukt was zonder man en kind. Ik zei daar bijna niks over. Ik was altijd de grappige, makkelijke Annette. Niet degene met problemen.
Er gebeurde iets raars bij mij
Toen kreeg één van mijn collega’s op het werk borstkanker. Linda. Ze was pas 40 jaar. Dat sloeg in als een bom. Ineens draaide alles om haar ziekenhuisafspraken, chemo’s, angst. En begrijp me niet verkeerd: terecht natuurlijk. We leefden allemaal enorm mee op het werk. Mijn vriendinnen kenden haar ook en stuurden hun medeleven via mij. Maar daardoor gebeurde er iets raars bij mij.
Jaloezie
Ik zag hoeveel liefde en aandacht Linda kreeg. Mensen stonden voor haar klaar. Er werden bloemen gestuurd, maaltijden gekookt, kaartjes geschreven. Iedereen vroeg hoe het écht met haar ging. En ik schaam me dood, maar ik voelde jaloezie. Niet op die kanker natuurlijk, maar op het feit dat zij gezien werd. Ik voelde me al maanden somber en eenzaam, maar niemand leek het op te merken. Ik zei altijd dat het ‘prima’ ging, terwijl ik ’s avonds huilend op de bank zat. Niemand vroeg ooit één keer door.”
Bevolkingsonderzoek
“Het begon een paar maanden geleden met iets kleins. Omdat ik 35 werd, moest ik een routine-uitstrijkje laten maken in het kader van het bevolkingsonderzoek. Gewoon bij mijn huisarts. Er was gelukkig niks aan de hand. Maar in de groepsapp met mijn vriendinnen zette ik dat ik naar het ziekenhuis moest omdat ze ‘PAP 4 of 5’ vermoedden. Meteen ontplofte die app. Iedereen was superlief, stelde vragen en stuurde hartjes. Voor het eerst in lange tijd voelde ik me belangrijk. Ik had toen nog kunnen stoppen. Kunnen jokken dat het een verkeerde diagnose was geweest. Maar dat deed ik niet.
Verder onderzoek
Een week later stuurde ik dat ze verder onderzoek wilden doen. Daarna dat het ‘foute boel was’. Ik weet nog dat ik trillend op de bank zat terwijl ik die berichten typte. Iets in mij zei: waar bén je mee bezig? Maar een ander deel genoot van alle aandacht. Ik kreeg bloemen thuisgestuurd. Een vriendin kwam soep brengen. Mijn moeder huilde aan de telefoon. En toen kwam het moment waarop ik had moeten zeggen: jongens, ik trek dit niet meer, ik heb gelogen.
Baarmoederhalskanker
Ik zei dat ik officieel baarmoederhalskanker had. Ik had alles opgezocht op internet. Welke behandelingen erbij horen, welke klachten mensen hebben. Dat maakt het achteraf nog enger. Ik ging er helemaal in mee. Ik loog op mijn werk dat ik afspraken had in het ziekenhuis. Ik zette soms expres mijn telefoon uren uit zodat mensen dachten dat ik bij een behandeling was.
Weerzinwekkend dubbelleven
Ik leefde een weerzinwekkend dubbelleven. Aan de buitenkant kreeg ik eindelijk aandacht en warmte. Maar vanbinnen werd ik gek van de stress. Ik sliep slecht. Ik was constant bang dat iemand me zou betrappen. Als vriendinnen vroegen in welk ziekenhuis ik liep, draaide ik eromheen. Ik zei dat ik moe was, zodat niemand te veel vragen stelde.
Afhankelijk van de aandacht
Toch ging ik door. Omdat ik inmiddels afhankelijk was geworden van die aandacht. Dat klinkt verschrikkelijk, maar zo voelde het wel. Mensen stuurden ineens zulke attente appjes. Ze zeiden dat ze trots op me waren. Dat ik sterk was. Dat ze van me hielden. Megalief. En ik dacht alleen maar: als ik nu de waarheid vertel, raak ik alles kwijt. Dus bleef ik liegen.”
Geheimen komen altijd uit
“Maar geheimen komen altijd uit. Ook deze leugen. Na een tijdje begonnen vriendinnen dingen vreemd te vinden. Achteraf snap ik dat goed. Ik had nooit een duidelijke artsennaam. Nooit een behandelplan dat logisch klonk. Ik zei vaak afspraken af omdat ik ‘beroerd’ was, maar zag er goed uit. Ik denk ook dat mensen vooral wílden geloven dat ik ziek was. Want wie verzint zoiets?
Concretere vragen
Het ging mis doordat vriendin Myrthe twijfelde. Ze werkt in het ziekenhuis. Niet op oncologie, maar ze kent natuurlijk het systeem een beetje. Zij stelde steeds concretere vragen. Welke afdeling? Welke arts? Wanneer startte mijn chemo precies? Kreeg ik ook nog bestralingen? Ik raakte in paniek.
Er hing iets in de lucht
Op een avond hadden we een verjaardag van een van ons, Tamara. Ik wilde eigenlijk niet gaan, maar afzeggen begon verdacht te worden. Dus ik ging toch. Ik deed geen make-up op om er ‘slechter’ uit te zien. Ik voelde de spanning meteen toen ik binnenkwam. Alsof er iets in de lucht hing. Na een uur vroeg Tamara of ze even met me kon praten in de keuken. Ze keek me recht aan en zei: ‘An, klopt alles wat je vertelt hebt eigenlijk wel, of is het een toneelstuk?’ Mijn hart stopte letterlijk even.
Ik bekende alles
Ik begon meteen te huilen. Eerst nog een beetje gemaakt, maar daarna echt. Ik stortte helemaal in en bekende alles. Ik vergeet nooit meer hoe stil het werd. Ik zie de gezichten van mijn vriendinnen nog voor me. Hun verwarring, woede, ongeloof. Alsof ze naar een vreemde keken. Iemand zei: ‘Hoe kun je dit doen terwijl jouw collega Linda écht kanker heeft?’ Dat kwam enorm binnen. Natuurlijk dacht ik er soms aan, maar ik duwde het weg. Ik wilde vooral niet voelen hoe fout ik bezig was.
Uit de groepsapp verwijderd
Die avond liep compleet uit de hand. Er werd geschreeuwd. Sommige vrouwen moesten huilen. Joyce zei dat ik ziek in mijn hoofd was. Tamara vroeg of ik me niet schuldig voelde vanwege alle kaartjes en cadeautjes. Ik kon niets anders zeggen dan ‘sorry’. Maar dat was natuurlijk niet genoeg. Daarna werd ik uit de groepsapp verwijderd. Dat klinkt misschien kinderachtig voor volwassenen van in de dertig, maar geloof me: dat kwam zó hard aan. Ineens was het stil. Geen enkel berichtje meer. Niemand die vroeg hoe het ging. En ergens verdiende ik dat natuurlijk ook.”
In therapie
“Mijn moeder was woedend toen ze de waarheid hoorde. Op mijn werk had ik me ziekgemeld omdat ik zogenaamd behandelingen had. Ook daar moest ik uiteindelijk opbiechten dat alles gelogen was. Ik meldde me nu maar ziek, omdat ik overspannen was. De eerste weken kwam ik bijna mijn huis niet uit. Ik schaamde me kapot. Ik was bang dat iedereen het wist. Ik durfde nauwelijks boodschappen te doen. Soms dacht ik echt: misschien is het beter als ik er niet meer ben. Niet eens alleen door de reacties van anderen, maar vooral omdat ik mezelf zó slecht vond. Ik herkende mezelf niet meer. Hoe kon ik mensen die van me hielden zo misleiden?
Eenzaamheid
Toch was er ook iets anders. Voor het eerst kon ik niet meer wegrennen voor wat er eigenlijk onder zat. Want die leugen ging uiteindelijk niet over kanker. Het ging over eenzaamheid. Over mezelf waardeloos voelen en gezien willen worden. Dat praat niks goed, absoluut niet. Maar van mijn psycholoog leerde ik wel begrijpen wáárom ik het gedaan had.
Niet normaal
Ik ben vrijwel meteen in therapie gegaan. Eerst omdat mijn moeder en de bedrijfsarts zeiden dat ik hulp nodig had, later omdat ik zelf inzag dat het niet normaal was wat ik had gedaan. Daar kwam heel veel uit. Dat ik al jaren deed alsof het goed ging terwijl ik ongelukkig was. Dat ik mezelf altijd wegcijferde en aandacht alleen waard vond als ik zielig of nuttig was. Dat was ik van huis uit gewend, mijn moeder werkte vroeger bijna dag en nacht. Ze stond er alleen voor na de dood van mijn vader met een jong kind. Er was amper tijd voor mij, behalve als ik ziek was, dan werd ze die lieve verzorgende mama. Ik geloof dat ik naar dat gevoel hunkerde.
Geprobeerd het goed te maken
Ik heb echt geprobeerd het goed te maken met mijn vriendinnen. Niet met grote dramatische berichten, maar met persoonlijke, eerlijke brieven. Zonder excuses als: ‘ik zat niet lekker in mijn vel’. Ik heb gewoon geschreven: wat ik deed was verschrikkelijk, en ik snap als jullie me nooit meer willen zien. Sommigen reageerden helemaal niet. Twee vriendinnen stuurden terug dat ze me vergaven, maar geen contact meer wilden. Dat snap ik ook. Alleen Myrthe appte af en toe nog. Dat betekende enorm veel voor me.”
Kleiner leven
“Inmiddels zijn we bijna 2,5 jaar verder. Mijn leven ziet er totaal anders uit. Kleiner. Ik heb een goede vriendin die ik ken van Facebook, maar verder geen grote vriendinnengroep meer. Soms voel ik me daar verdrietig over, vooral als ik foto’s zie van feestjes waar ik vroeger bij was. Maar ik begrijp nu ook dat vertrouwen moeilijk terugkomt als je het eenmaal kapot hebt gemaakt
Niet meer prima
Vroeger dacht ik dat ik sterk moest lijken. Dat niemand zat te wachten op mijn verdriet of onzekerheid. Maar uiteindelijk maakte juist dat verstoppen alles kapot. Als ik nu een slechte dag heb, probeer ik eerlijk te zijn. Tegen mijn therapeut, mijn moeder, die ene vriendin of gewoon tegen mezelf. Ik zeg niet meer automatisch: ‘het gaat met mij prima’.
Schaamte
Ik weet niet of ik mezelf ooit zal vergeven. Ik denk dat je zoiets nooit helemaal achter je laat. Er zijn momenten waarop ik ineens weer denk aan die avond in die keuken, aan die blikken van mijn vriendinnen. Dan schaam ik me opnieuw. Maar ik probeer wel verantwoordelijkheid te nemen voor wat ik heb gedaan.
Niet trots op
Ik ben er niet trots op. Als ik het kon terugdraaien, deed ik dat meteen. Toch vertel ik het nu omdat ik denk dat meer mensen eenzaam zijn dan we doorhebben. En omdat dingen die je wegstopt soms op hele verkeerde manieren naar buiten komen. Wat ik vooral heb geleerd, is dat aandacht afdwingen nooit hetzelfde is als echte verbinding. Ik had eerder moeten zeggen: het gaat niet goed met me. Dan was ik misschien niet al mijn vriendinnen kwijtgeraakt.”
Om privacyredenen zijn alle namen veranderd, De echte namen zijn bekend bij de redactie.
Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES OOK

Uit andere media