Manon en Tobias gingen als vreemden met elkaar op reis en zijn nu een stel: ‘Ik zei nog: dit wordt niets!’
Ze vonden elkaar via een oproep voor een reisgenoot en besloten samen een jaar door Afrika te rijden. Over een ding was Manon (27), net single, heel duidelijk: een relatie zat er niet in. Nog voor de grens met Marokko waren zij en Tobias (33) een stel. O en van dat jaartje reizen maakten ze meteen maar even drie jaar. “Ik had zo stellig gezegd: dit wordt niets!”
Oproepje
Het begon met een oproepje op Instagram. Tobias had al vaker langere reizen gemaakt en wilde dit keer met zijn Landrover richting Zuid-Amerika. Manon kwam net uit een lange relatie en op haar werk zat ze niet helemaal op haar plek. De wens om ooit lang te reizen was er altijd al geweest. Was ooit dan nu, vroeg ze zich af. Een wederzijdse vriend vertelde Manon over Tobias, die nog een reismaatje zocht. Ze bekeek zijn oproepje en stuurde een berichtje. Een paar dagen later zat hij bij Manon aan de keukentafel.
Manon: “Daar hebben we drie uur lang gekletst. Ik wil het niet zweverig maken, maar toch… alsof we soulmates waren. We hadden dezelfde studie gedaan, deelden dezelfde hobby’s: het ging van gek tot gekker.”
‘Relatie zit er niet in’
Manon liet wel meteen weten: een relatie zit er niet in. “Ik was even helemaal klaar met mannen.” Tobias lacht: “Ja, daar was ze heel duidelijk in”. Ze spreken af het weekend erna te gaan proefkamperen in de Ardennen. Tobias: “We hadden nog niets uitgesproken naar elkaar toen Manon op de terugweg vroeg: ‘En, gaan we het nou echt doen?’” Dat Tobias naar Zuid-Amerika wil en Manon naar Afrika, lijkt ineens niet zo’n issue. Afrika wordt ’t. “Dan wil ik wel snel, anders ga ik terugkrabbelen”, vertelde Manon aan Tobias. En zo gebeurde het dat ze zes weken na hun eerste ontmoeting in de Landrover van Tobias stapten.
De eerste vonken
In anderhalve maand reden ze door Europa, op weg naar Marokko. Het was al in Frankrijk dat Tobias aan Manon opbiechtte gevoelens voor haar te hebben. “We konden het er beter meteen over hebben, dan middenin Afrika waar je niet zomaar weg kan als het niet blijkt te werken.” Ze besloten heel low key te kijken wat er nou is tussen hen. Tobias: “Als je in het normale leven zou daten zie je elkaar soms, en dan doe je jezelf wat mooier voor. Wij waren 24/7 samen, er viel niets te verbloemen.”
Ongemakkelijk
Manon: “Het was af en toe ook echt wel ongemakkelijk. Als ik wilde douchen of in een afgelegen gebied nodig moest. Tobias vult lachend aan: “Al was het ongemakkelijke er wel vanaf toen jij door het wc-krukje zakte middenin de bosjes.” In Spanje kreeg de relatie vorm en eenmaal in Marokko: ja, vanaf dan waren ze wel echt een stel. Manon: “Ik had zo stellig gezegd: dit wordt niets. Maar ja, sommige dingen hou je niet tegen. Het heeft nog een paar maanden geduurd voor ik het aan thuisfront vertelde. Het was zo’n fragiel iets, ik wilde eerst zeker weten hoe het zich zou ontwikkelen.”
Elke dag op missie
De twee raakten snel op elkaar ingespeeld en konden goed op elkaar bouwen. Dat bleek ook wel nodig. Tobias: “West-Afrika was mentaal superzwaar. Tegen de tijd dat je daar halverwege bent, zijn al meer dan de helft van de reizigers omgekeerd. Alles – behalve de mensen – lijkt daar tegen je. Het is winderig, heet, ’s nachts zweet je je tent uit en we moesten ontelbaar veel visums regelen in de meest chaotische hoofdsteden. Manon: “Daarbij is alles een missie. Elke dag lag de focus op het vinden van een waterput voor water en een kraampje voor groente of fruit. Een supermarkt hebben ze niet. Het ene dorpje heeft groene paprika’s, vijf dorpjes verder hebben ze uien en nog een keer vijf dorpjes verder vind je tomaten. Je staat continu ‘aan’ om je maaltje bij elkaar te sprokkelen.”
Gezinsuitbreiding
Elke keer als ze een zielig zwerfhondje zagen, kwam het ter sprake: óóít zouden ze een hondje een beter leven geven. Tobias: “Maar niet al in Afrika. Wie gaat er nou in een Landrover met een hond door al die landen reizen?” Maar dan komt er in Nigeria, op een parkeerterrein, een puppy onder een auto kruipen. Doordat hun buren autopech hebben, blijven Manon en Tobias daar twee weken om te helpen. In die tijd won Manon het vertrouwen van het hondje, en maakte haar teek- en vlovrij. Manon: “Ze kwam elke dag bij ons liggen en drentelde overal achter ons aan. Toen de manager van het terrein het hondje steeds bij ons zag, zei hij: ‘Grab and go!’ Twee dagen later vertrokken ze, mét puppy Nimba. Nee nee, was het toen. Jullie moeten nog betalen voor de hond! Tobias: “Nou daar komt het, dachten we. 7 euro 50 wilde hij hebben. Daar deden we het wel voor.”
Autopech
Door Afrika reizen was al één groot avontuur, maar onderweg kwamen er onvoorziene uitdagingen op hun pad. Zoals die keer dat de Landrover kapot ging – in the middle of nowhere. Tobias: “We waren in Gabon, daar lopen maar twee wegen doorheen – waarvan een off-road, door de jungle. Een route die niemand neemt en waarvan wij dachten: laten we kijken of het lukt.” Maar toen begon de koelvloeistof te lekken, wat Tobias steeds voor hooguit een dag kon lijmen voor het weer stukging. Tobias: “We zaten in de diepste jungle die je je kunt voorstellen. Er waren geen waterputten – we leefden op onze reserves.”
Op een week rijden
Via een satelliettelefoon verstuurt Tobias een bericht in een reizigersapp. Er is een reiziger in de buurt die wil komen helpen. Maar ‘in de buurt’ blijkt een ruim begrip. Tobias: “Hij zat op een week rijden van ons. We hebben toen nog één reparatie geprobeerd en die hield het gelukkig langer vol.” Toen het water opraakte en Nimba de jungle in verdween, leek de ellende compleet. Manon: “Wij achter haar aan, en wat denk je? We vinden haar bij het meest heldere beekje in de vallei. We vulden alle tanks met water, fristen ons op en konden zelfs een wasje doen. Een welkom reset-momentje.” Na twaalf dagen off-road kwamen ze in de hoofdstad, waar het benodigde onderdeel al was – opgestuurd door de moeder van Tobias.
Malaria
Een aantal keer kregen de twee malaria. Door preventieve medicatie verliep dat redelijk mild tot Tobias in Angola een heftige variant opliep. Manon reed hem naar een ziekenhuis. Tobias: “Ik had meer dan 41 graden koorts, had het stervenskoud en alles was zwart voor m’n ogen. Ik lag in een bed aan het infuus, ergens op een gang. Ik kreeg injecties en overal om me heen was geschreeuw. Het was echt een horrorziekenhuis.” Manon: “Lange tijd mocht ik er niet bij, en toen aan het eind van de dag mocht hij ineens gaan.”
Regenseizoen
Niet lang daarna maakten ze kennis met het fenomeen ‘regenseizoen’. Manon: “We reden door een nationaal park en binnen no time waren de bandensporen voor ons weggespoeld en was niet meer te zien hoe het pad liep. Overal was water.” In de verte zag Tobias een auto vaststaan, maar toen ze erheen reden om te helpen, kwamen ze zelf vast in de modder. Manon: “In die auto zaten lokale mannen, ze stonden er al vier dagen. Door de modder rond de auto te drinken, hadden ze overleefd. We leenden onze kleren uit omdat ze doorweekt waren en hebben een kamp opgezet om eten te maken voor iedereen.” Want tegen die tijd waren er twaalf monden te voeden: mannen uit een derde auto hadden zich er ook bij aangesloten. Manon: “Hun vrouwen en kinderen waren bij de auto gebleven. Dus die brachten we ook eten – op sommige plekken stonden we tot onze heupen in de modder. Die nacht hebben die mensen in de modderige bosjes geslapen terwijl de hyena’s en leeuwen tussen de auto’s doorliepen. En geen een keer klagen hè? Voor hen was dit een vrij normale gang van zaken.”
Op weg helpen
Het lukte ze de dag erna iedereen op weg te helpen. Maar onderweg ontdekte Manon dat iemand haar regenjas nog had. Manon: “Onbedoeld, maar wel onhandig.” Dus gaven ze een lokaal iemand die richting het noorden ging een briefje mee of de jas naar een dorpje, een paar honderd kilometer naar het zuiden, gestuurd kon worden. Mission impossible zou je denken. Maar Tobias en Manon kwamen daar aan en de jas lag er al te wachten op ze. Tobias: “Dat briefje moet door allerlei dorpen zijn gegaan, of iemand heeft het op zich genomen die jas te vinden. En vervolgens is er met die jas weer 200 kilometer afgelegd. Dat is toch te mooi?”
Checkpoints
Tobias en Manon genoten van alle contacten met de lokale bevolking. Alleen bij checkpoints knepen ze ’m soms. Tobias: “Senegal staat bekend om corrupte agenten en ja hoor, bij een checkpoint wuifde een agent naar ons. Het handgebaar was niet heel duidelijk en toen zijn focus alweer op de auto achter ons lag, zijn we maar doorgereden. Toen begon iedereen achter ons op fluitjes te blazen en te schreeuwen. Maar nu waren we er al voorbij.” Doorrijden dan maar, dachten ze. Tobias: “Een agent zet de achtervolging in. Hij haalt ons naar de kant, vraagt onze documenten en rijdt er doodleuk mee weg. Dus wij terug naar dat punt, en in mijn beste Frans gigantisch door het stof gegaan.” Na een uur mogen de twee gaan en kunnen het zweet van hun voorhoofd vegen.
Zuid-Afrika
Het plan om een jaartje te reizen was al een tijdje overboord toen ze na 18 maanden in Zuid-Afrika aankwamen. Manon: “Daar hebben we opgeladen. Water kun je er ‘gewoon’ bij een tankstation halen, boodschappen bij de supermarkt.” Tobias: En de natuur en wildlife was fantastisch.” Toen de twee van zuid naar oost Afrika reden, hoorden ze dat ze oom en tante zouden worden. En werd de vraag gesteld: ‘wanneer komen jullie naar huis?’ Het werd een onderwerp dat maandenlang terugkeerde. Manon: “We wilden in ieder geval Oost-Afrika afmaken. Toen we bij Kenia kwamen – waar grenzen dicht waren vanwege een burgeroorlog – maakten we de balans op. De energie was laag, de geldbuffer bijna op, de auto raakte versleten en ons nichtje was inmiddels geboren.” Dus werd er een slinger aan het stuur gegeven en reden de twee terug naar Zuid-Afrika. Vanaf daar werd de Landrover naar Rotterdam verscheept, en namen Tobias en Manon afscheid van Afrika.
Weer terug
Het gebeurt geregeld dat bekenden vragen: hoe was Afrika? Manon: “Hoe wás Afrika?! Het is drie jaar lang mijn leven geweest. Heb je even?” Een kleine zes maanden zijn ze nu terug. Zijn ze al gesetteld? Manon: “Tobias denkt nog iedere dag aan Afrika, ik heb dat iets minder. Het was wel zoeken om m’n draai te vinden in de drukte van het leven hier. Het kostte tijd. Ook om de connectie met vrienden te vinden, onze kijk op het leven en prioriteiten zijn veranderd. Maar we hebben een huisje gehuurd, allebei een leuke baan.”
Dromen richting Centraal Azië
Tobias: “Voor mij geen 9 tot 5 baan gelukkig, maar bij een vakantiepark op vijf minuten van ons nieuwe huis.” Zodat hij tussendoor Nimba uit kan laten. De hond die zijn plasjes niet langer kan doen in de jungle, maar in de Limburgse bosjes. Manon: “Ze heeft zich snel aangepast. Maar je merkt dat ze van vrijheid en avonturieren houdt.” Dat zit in het gezin, want ook Tobias en Manon hebben alweer dromen die richting Centraal Azië gaan. Tobias: “Het plaatje dat we hadden: werken en dan kunnen we weer – dat zit er voorlopig niet echt in. Daar is het leven hier te duur voor. De drang naar avontuur zit er nog, maar voor nu zijn we heel blij met een weekendje Ardennen.”
Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES OOK

Uit andere media