Eveline: ‘Soms kan ik het nog steeds niet geloven. Nooit zal ik meer normaal opstaan’
Eveline (55) en Emiel raken op vakantie betoverd door een veel te vervallen villa. Na lang twijfelen besluiten ze dat hun toekomst in Frankrijk ligt. Een intensieve – nog niet helemaal afgeronde – verbouwing volgt en inmiddels is hun chambre d’hôte officieel geopend. Hun nieuwe leven is nu echt begonnen!
In Vriendin deelt ze elke week hoe het ervoor staat.
Niet geloven
Soms kan ik het nog steeds niet geloven. Dan sta ik op van mijn bureaustoel, na een paar stukjes tikken of stiekem wat geklooi (dat noem ik dan ‘nadenken’), en dan trekken de scheuten weer door me heen.
Nooit zal ik meer normaal opstaan.
Oude vrouw
Is het echt al drie jaar geleden dat ik nog gewoon kon lopen? Rennen? De trap afstampen? Fietsen? Mijn mooie schoenen met hakjes dragen?
Soms voel ik me een oude vrouw. Hoe ik opsta in een restaurant. Eerst naar het puntje van de stoel schuiven. Dan al mijn kracht verzamelen. Mezelf omhoog duwen. Een verbeten gezicht. Een seconde of vijf krom staan als de heks bij Hans en Grietje, maar dan zonder wrattenneus. Maar ik sta tenminste. Daarna langzaam de rug recht trekken en doen alsof niemand iets heeft gezien.
En dat zijn de goede dagen. De dagen waarop Emiel me niet hoeft te helpen.
Andere mensen
Ik vraag me vaak af of mensen kijken. Of ik het me verbeeld. Misschien let ik er te veel op. Misschien vul ik te veel in. Maar ik hoor soms de nét iets te lange stilte terwijl ik overeind probeer te komen.
Het ongedwongene
Ik mis het ongedwongene. Het lekkere leven. Gewoon even opstaan voor een kop thee zonder eerst in mijn hoofd een compleet werkplan daarvoor te maken. Zonder Emiel wakker te maken omdat ik ’s nachts weer tegen de linnenkast bots.
Jaloers
Ik zie bij Villa Verte wandelaars van in de zeventig langshobbelen met Nordic-walkingstokken. Hop hop. Weg zijn ze, met hun rugzakjes en gespierde benen. Ik ben jaloers. Net zoals ik jaloers ben op mensen op leeftijd die bewegen als een huppelend rendier. Op mijn schoonzus die voor de elfde keer de Vierdaagse gaat lopen.
Ik mis mezelf
Ik ben jaloers op dames met prachtige jurkjes en hakjes die giechelend samen het toilet instormen, terwijl mijn vriendin eerst mijn tas pakt en me daarna vasthoudt terwijl ik vooruit waggel als een blonde vogelverschrikker.
Ik mis mezelf. Ik mis wie ik was. Wat ik kon. En ja, daar huil ik soms om.
CIDP
CIDP is grillig. Soms heb ik vijf goede weken en denk ik: zie je wel, ik ben gewoon weer normaal. Dan ben ik positief en wil ik eropuit en dans ik met Emiel in de keuken. Ik kan zelf de was ophangen. Ik voel me supervrouw. Aantrekkelijk. En dan volgen er vier slechte weken en voel ik me weer patiënt in plaats van mens.
Gelukkig
Ik ben gelukkig met de mensen om me heen. Met Emiel. Met onze gasten. Met Villa Verte. Met alle lieve mensen die me op slechte dagen optillen met een kaartje, een appje of een compliment.
Rouw
Maar soms weet ik het niet meer. De trappen hier. Het werk dat nooit ophoudt. Mijn hoofd dat soms lijkt op blauw smurfensnot: wazig, glibberig, gedachten die alle kanten op schieten. Wat moeten we nou? Wat kan ik nog?
En misschien is dát nog wel het moeilijkste van alles: dat ik vanbinnen nog precies dezelfde Flinie ben, maar dat ik tegelijkertijd rouw om wat ik kwijt ben.

Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES MEER

Eveline (52) en haar partner Emiel raken op vakantie betoverd door een veel te vervallen villa. Na lang twijfelen besluiten ze dat hun toekomst in Frankrijk ligt. Dat betekent wel dat er enorm veel op ze afkomt.
Volg Eveline haar verhalen

Uit andere media