Karin Bloemen is slachtoffer van seksueel misbruik en heeft een grote droom: ‘Ik weet hoe het voelt’
Karin Bloemen (66) heeft een droom, namelijk om een stichting op te zetten voor slachtoffers van seksueel misbruik, de Karin Bloemen Stichting. Ze is zelf slachtoffer van seksueel misbruik door haar stiefvader.
Stichting
“Eigenlijk leeft het idee voor de stichting die ik wil oprichten al een jaar of tien”, vertelt Karin als we haar vragen wat het moment was waarop ze dacht: zo’n Karin Bloemen Stichting moet er écht komen. We zitten aan haar keukentafel, ze heeft net plakken zelfgemaakte cake afgesneden en cappuccino gemaakt. “Ik doe veel voor goede doelen en word regelmatig gevraagd om ergens voor op te treden. Dan kreeg ik steeds vaker mensen op mijn pad die vroegen of ik iets voor ze kon doen. Zeker nadat in 2019 mijn boek Mijn ware verhaal verscheen. Daarin beschrijf ik hoe mijn jeugd was en wat ik zelf heb meegemaakt. Ik kreeg zoveel reacties van mensen die zich in mijn verhaal herkenden en niet wisten waar ze heen konden en wie hen kon helpen. Soms hoorde ik dat iemand maar tien behandelingen voor een psycholoog vergoed krijgt. Bij het eerste gesprek werd dan gezegd: ‘We hebben tien keer, dus laten we het maar niet over je jeugd hebben, want daar hebben we geen tijd voor.’ Dan denk ik: pardon? De hulpvraag is zó groot.”
Helpen
Karin helpt mensen al jaren op persoonlijke titel. “Ik typ mezelf helemaal een versuffing om mensen te helpen. Ik geef antwoorden, stuur ze door en geef advies. Ik heb mensen weleens persoonlijk meegenomen naar een therapeut of advocaat en ben zelfs een keer meegegaan naar gesprekken met een dader. Op een gegeven moment ontmoette ik danseres en danslerares Suzanne Kranenburg. Samen pakten we een zaak van vier leerlingen van een kunstacademie op, die we helemaal hebben begeleid. Dat ging zo goed dat we dachten: dit moeten we organiseren.”
Noodzaak is groot
Een stichting oprichten klinkt misschien eenvoudig, maar in de praktijk komt er nog best wat bij kijken, ontdekte Karin. “Je moet bijvoorbeeld een structuur hebben, maar ook financiën regelen, een organisatie opbouwen en samenwerkingen aangaan. Ik heb twee jaar lang gepraat met veel mensen om in te schatten met wie ik zou kunnen samenwerken. Ondertussen hoorde ik steeds meer verhalen over seksueel misbruik. Inmiddels zijn het er duizenden. Soms zat ik te luisteren en dacht ik: ik dacht dat ik het slecht had, maar dit is zoveel erger. Dan voel je hoe groot de noodzaak is dat deze mensen worden geholpen.”
Plek voor hun verhaal
Wat Karin met haar stichting vooral wil bereiken, is dat mensen een plek hebben waar ze hun verhaal kunnen vertellen, zonder dat er meteen iets mee wordt gedaan. “Ik wil dat mensen naar een veilige plek kunnen, een plek waar niets gebeurt wat zij niet willen. Er wordt niet zomaar gecommuniceerd met de politie, niet met advocaten, helemaal niet. Pas als iemand zegt ‘ik wil dit’, kijken wij hoe we dat kunnen regelen. En als iemand juridisch advies wil, moet dat ook toegankelijk zijn. Een advocaat kost honderden euro’s per uur. Wij willen ervoor zorgen dat zo’n eerste gesprek tegen een sterk gereduceerd tarief kan. Mensen die zo getraumatiseerd zijn, zijn niet na tien sessies klaar. Het duurt bij misbruik in de jonge jaren ook nog eens vaak jaren voordat het wordt gemeld. Als je daarna ook nog een proces wilt voeren, wordt het ingewikkeld. Er is vaak geen bewijs, geen getuige, want het is meestal gebeurd in een privésfeer. Dat maakt het zo zwaar.”
Iemand naast je
Karin weet als geen ander hoe belangrijk het is dat iemand naast je blijft staan. “Ik kan tegen iemand zeggen: ik weet hoe het voelt. Ik begrijp wat je bedoelt. Dat is soms ontzettend belangrijk. Toen ik in 2019 mijn boek ging schrijven, had ik iemand die mij begeleidde. Die was helemaal geschokt door wat ik vertelde. En ik dacht alleen maar: alsjeblieft, doe dat niet. Want als iemand gaat huilen en mij zielig vindt, houd ik me in. Dan vertel ik niet meer alle details. Je wilt niet dat iemand jou zielig vindt. Je wilt dat iemand gewoon rustig zegt: ‘Ja, oké. Ik snap het.’”
Triggers
Juist daarom wil Karin in de stichting die ze voor ogen heeft graag met ervaringsdeskundigen werken. “Maar dan wel met mensen die zelf al wat verder in hun verwerking zijn – niet met iemand die vorige week nog midden in zijn eigen trauma zat. Het is ook best een tricky gebied, iemand kan zomaar flippen. Daarom werken we met ervaringsdeskundigen én therapeuten. Er moet altijd een vangnet zijn. Want je weet nooit wat iemand triggert. Dat kan iets kleins zijn. Ik ken iemand voor wie een lampje met een Disneyfiguurtje erop een trigger was. En dan zie je zo’n lampje jaren later en ineens ben je weer terug. Dat klinkt misschien gek als je het niet begrijpt, maar trauma werkt zo. Het kan een rode sok zijn, een geur, een geluid, een lampje. Je weet het niet. Er kunnen zoveel dingen in een mensenleven zitten die ineens iets oproepen.”
Niet alleen voor slachtoffers
Karin wil zich met haar stichting niet alleen op slachtoffers richten, maar ook op de mensen eromheen. “We moeten leren durven zien wat er gebeurt. Want als je ziet dat iets gebeurt, durf je het dan te melden? Want dat is ook een groot probleem. We denken vaak dat een melding de verantwoordelijkheid van het slachtoffer is, maar dat is natuurlijk niet zo. Ik vind dat ook ouders een grote verantwoordelijkheid hebben. Als mijn kind iets overkomt, word ik bloedlink. Dat is je taak als ouder: je kind beschermen.”
Verantwoordelijkheid
Maar de verantwoordelijkheid ligt breder, vindt Karin. “Mannen hebben er ook een verantwoordelijkheid in dat vrouwen zich veilig voelen. Als een meisje ’s avonds alleen naar huis loopt en zich niet veilig voelt, moet ze gewoon kunnen vragen of iemand met haar kan meelopen. Vroeger fietste een jongen met je mee tot aan je huis. Dat gevoel van veiligheid moeten we terugbrengen.”
Voorlichting
Ook voorlichting op jonge leeftijd vindt Karin belangrijk. “Ik denk vaak: waarom heeft niemand mij toen ik een jaar of negen was uitgelegd hoe manipulatie werkt? Wat er gebeurt als iemand je grenzen langzaam verschuift? Wat loyaliteit met je doet? Wat misbruik doet met je identiteit? Als je dat eerder weet, kun je misschien eerder herkennen dat iets niet goed is. Daarom vind ik het mooi als je dit soort onderwerpen op een theatrale manier kunt vertellen. Er is bijvoorbeeld een voorstelling waarin wordt uitgelegd wat er gebeurt als je jezelf verliest. Waar de manipulatie zit, waar de pijn en het verdriet zitten, waar de misleiding zit en hoe je loyaliteitsgevoel wordt gebruikt. Als ik dat jonge leeftijd had geweten, had dat veel gescheeld.”
Hoop
Karins bekendheid speelt bij het oprichten van de stichting een belangrijke rol. “Vanaf mijn 25ste weten mensen dat ik slachtoffer ben van seksueel misbruik. Vroeger dacht ik: ik wil echt niet die vrouw van de incest worden. Ik was bang dat het mijn carrière zou schaden. Ik heb het nooit ontkend, maar liep er ook niet mee te koop. Nu denk ik juist: als mensen weten dat ik ben misbruikt en dat ik misschien kan helpen, is dat een voordeel. Ik zie veel vrouwen door het jaar heen. Soms zie ik de hoop in hun ogen: is hier een weg uit? Ik heb ook mensen gesproken die euthanasie wilden omdat ze het leven niet meer zagen zitten. Soms zijn de herbelevingen zo erg dat iemand denkt: ik kan dit niet meer. Dan praat ik graag met ze. Of iemand nu twaalf is of 84, ze hebben allemaal vragen. En ik probeer ze allemaal te beantwoorden. Dus als mijn naam helpt, laat ik het dan ook helemaal doen. Als ik ervoor moet zingen, vind ik het prima. Als ik ervoor moet tekenen, schilderen, haken of breien… dat maakt me niet uit. Ik wil gewoon dat het iets oplevert.”
Geld inzamelen
Ze is bezig om geld voor de stichting in te zamelen. “Ik sta na mijn shows bij een poster met een QR-code en zeg tegen mensen: kom maar, maak een foto, maar doe ook iets met die QR-code. Soms is het vijf euro, soms tien euro. Soms komt er tweehonderd of driehonderd euro binnen. Ik blijf soms nog drie kwartier in de foyer staan. Tot de laatste naar huis gaat. Ik vind het geweldig als mensen willen helpen. Die hebben het hart op de goede plek zitten.”
Intussen is de stichting waar ze van droomt, in ontwikkeling. “Ik had geen idee hoeveel regels erbij kwamen kijken. Verzekeringen, vrijwaringen, cijfers, een penningmeester. Ik dacht eerst: dat valt wel mee. Tot ik midden in de nacht achter mijn computer zat en dacht: ik kan dit helemaal niet. Maar het is ook leerzaam.” Voorlopig wordt er verder gebouwd. “We zijn bezig om een speciale therapie te ontwikkelen, maar we zijn ook bezig met een website en met fundraising. Want we zitten in de oprichtingsfase, maar we kunnen pas doen wat we willen als we klaar zijn met het fundament van de stichting, en nog belangrijker, genoeg mensen hebben die al die steun ook echt kunnen bieden.
Schaamte
Intussen vindt seksueel misbruik nog steeds overal plaats, zegt Karin. “Niet alleen thuis, maar ook in het onderwijs, op universiteiten, binnen instellingen en zeker in het kunstonderwijs. Ik hoor daar soms dingen waarvan ik denk: hoe kan dit nog steeds? Dat mensen het idee kregen dat ze zichzelf letterlijk moesten blootgeven om een rol of een kans te krijgen. Dat is zo verkeerd.”
Misverstand
Misschien is de kern van alles waar Karin zich voor inzet dat mensen durven kijken naar wat er werkelijk is gebeurd. “Als ik één misverstand over seksueel geweld zou mogen wegnemen, dan is het dat het wel meevalt. Dat één keer niet zo erg is. Dat het vanzelf overgaat als je het tijd geeft. In mijn ervaring wordt het juist erger als je er niet over praat. Daarom zeg ik altijd: als je niet praat, bescherm je de dader. Als je wel praat, bescherm je eindelijk jezelf. Soms willen anderen om je heen dat je over misbruik zwijgt. Je familie, vriendinnen, vrienden, je man, je kinderen. Want als je er niet over praat, is het niet gênant. Dan hoef je niemand voor het hoofd te stoten en hoeft niemand zich af te vragen wat hij had moeten doen. Maar de schaamte hoort niet bij het slachtoffer. De schaamte hoort bij de dader. Of het nu een pastoor is, een schoolmeester, een brandweerman, een rechter, een advocaat of iemand anders: misbruik kan overal voorkomen. Daarom moeten we blijven kijken. Durven zien. Durven melden. Durven beschermen. Ik ben geen therapeut, geen behandelaar en ik kan niet alles oplossen. Maar ik kan wel naast iemand staan en zeggen: ik zie je, ik hoor je, ik ken dit gevoel. En soms is dat het begin van de weg terug.
Speciale armband
Karin draagt op de foto een armband van Otazu die speciaal voor haar is ontworpen. Helena Vreeburg is eigenaar van Otazu en draagt Karins stichting een warm hart toe: “Karin vertelde me een aantal jaar geleden al over haar plan om een stichting tegen seksueel misbruik op te richten. Ik vond dat dapper en moedig, en ontzettend goed van haar. Karin droeg altijd al graag sieraden van Otazu, zo hebben we elkaar leren kennen. Ik heb ter plekke aangeboden dat we graag iets wilden doen om haar stichting te steunen. Uiteindelijk hebben we een armband met bloemen ontworpen en laten maken – we maken altijd sieraden met bloemen voor haar – die iedereen kan kopen en waarvan de opbrengst naar Karins stichting gaat.
Meer aandacht
Het gaat erom dat er op die manier meer aandacht komt voor de stichting. Maar we hopen ook dat we dat iedereen die een probleem heeft op dat gebied de stichting makkelijker kan vinden. Met Otazu steunen we meer goede doelen, maar dit onderwerp, seksueel geweld, gaat iedereen aan. Als je naar de cijfers kijkt, kent iedereen wel iemand die zoiets heeft meegemaakt. Elke vrouw heeft zich weleens onveilig gevoeld, ikzelf ken dat gevoel ook. Hopelijk leidt deze armband ertoe dat er meer over dit onderwerp wordt gepraat. Want elk gesprek kan tellen. Elk gesprek kan ertoe leiden dat een vrouw de Karin Bloemen Stichting leert kennen en zo wordt geholpen.”
Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES OOK

Uit andere media