9 lezeressen over hun grootste vakantiebloopers: ‘Ik gilde de hele camping bij elkaar’
Zon, zee, rust, romantiek… Op vakantie lijkt alles net iets mooier dan thuis. Tot je de verkeerde tent in loopt, je paspoort vergeet of per ongeluk in de playbackshow zit.
‘Iedereen, echt iedereen staarde naar mij’
Nadia (36): “Voor ons tienjarig huwelijk had mijn man een weekendje Mallorca geboekt. Normaal zitten wij in appartementen waar je zelf je ontbijt maakt en je handdoek over het balkon hangt, maar nu zaten we in een prachtig hotel met marmeren vloeren, obers in pak en vijfsterrenkamers met superzachte bedden. Wat een luxe!
Hotelrestaurant
Op de eerste dag wilde ik even snel van het zwembad naar onze kamer lopen om mijn boek te halen. Ik droeg alleen mijn bikini en een doorschijnende omslagdoek die ik om mijn middel had geknoopt. Bij de lift drukte ik kennelijk op de verkeerde knop, stapte uit op een verdieping die ik voor onze etage hield en liep zelfverzekerd door een dubbele deur. Ineens stond ik midden in het hotelrestaurant.
Iedereen staarde
Niet bij een casual lunchbuffet, maar bij een soort zakelijke wijnproeverij. Allemaal keurige mensen aan gedekte tafels, mannen in overhemd, vrouwen in jurken. Het erge is dat er ook nog net een toespraak werd gehouden. En daar stond ik: nat haar, badslippers, zonnebrandstrepen op mijn schouders. Iedereen, echt iedereen, staarde naar mij. Ik heb me supersnel uit de voeten gemaakt, waarbij ik de deur van de zenuwen nog bijna niet open kreeg. Mijn man heeft de rest van het weekend elke keer als we gingen eten gevraagd: ‘Trek je wel iets feestelijks aan? Of ga je weer voor zwembadchic?’”
‘Ik zag allemaal spulletjes die ik niet kende’
Mariska (34): “Mijn man en ik gingen met onze kinderen kamperen in Frankrijk. Of nou ja, kamperen… We hadden zo’n glampingtent gehuurd, met echte bedden, een keuken en een badkamer erin. Zo’n tent waar de hele camping mee vol staat. Ons veldje alleen al telde acht identieke tenten en de eerste dagen moest ik echt op het nummer kijken om te zien of ik de juiste had. Ja, je spullen liggen onder de veranda, maar overal ligt hetzelfde: handdoeken, speelgoed, luchtbedden.
Minder scherp dan anders
Vlak bij de tent was een zwembadje waar we veel met de kinderen zaten. Het was in de middag, mijn man had een flesje wijn geopend dat we deelden met wat mensen die we op de camping hadden ontmoet. Hartstikke gezellig en ik was niet dronken, maar wel wat minder scherp dan anders. Toen ik moest plassen, liep ik even snel terug naar onze tent. Ik lette niet op en dacht dat ik de juiste tent binnenliep. Pas toen ik in de badkamer zat te plassen, zag ik bij de wasbak allemaal spulletjes die ik niet herkende. Er lagen ook vreemde handdoeken en een jurk die niet van mij was.
‘Verkeerde tent’
Ik ben nog nooit zó snel opgestaan, heb doorgetrokken en ben de badkamer uitgestormd. Helaas niet snel genoeg, want daar stond de rechtmatige huurder van de tent. Met open mond staarde hij me aan. ‘Sorry’, mompelde ik met een knalrood hoofd. ‘Verkeerde tent.’
Ik kan niet zeggen dat die man erom kon lachen, ik denk dat hij te overrompeld was. Hopend dat ik ter plekke in het niets zou oplossen ben ik teruggegaan naar mijn man en onze campingvrienden. Die zó hard moesten lachen dat ze een uur niet meer bijkwamen.”
‘Toen ik de koffer openmaakte, zag ik het meteen’
Loes (41): “Met drie vriendinnen ging ik een lang weekend naar zo’n wellnesshuisje. We hadden afgesproken dat iedereen één koffertje meenam en dat ik de wijn zou regelen. We gingen met de trein. Op het perron stond een jonge vrouw met exact dezelfde zwarte koffer als ik. Echt identiek: formaat, merk, roze lint aan het handvat. Ik dacht nog: wat grappig.
Romy
In de trein zat ik zo te kletsen met mijn vriendinnen dat ik helemaal niet meer dacht aan de koffer. Toen we op de plaats van bestemming uit de trein stapten, nam ik mijn koffer mee en dat was het dan.
Tot ik die koffer in het huisje openmaakte. Toen zag ik het meteen: crop tops, glittersandalen, een minirokje, een toilettas met nepwimpers. Aan het tasje zat een label met naam: ene Romy. Romy was duidelijk op weg naar een feestweekend en ze had trouwens ook een kledingmaat die drie maten onder de mijne lag. Mijn koffer, met wandelschoenen, een wollen trui, afritsbroek in XL en een fles wijn, zou haar vast een rolberoerte bezorgen als ze hem openmaakte.
Hilarisch
Doordat ik Romy’s naam had, kon ik haar een Instagrambericht sturen. Zij stuurde een foto van mijn koffer op de luchthaven van Ibiza met de tekst: Je koffertje is op een iets wildere vakantie. Ik vond het hilarisch, echt. Ik denk dat Romy het minder grappig vond. Als ze wilde feesten, moest ze eerst shoppen. Ikzelf leende een joggingbroek van een vriendin en kocht bij het winkeltje op het park nieuwe wijn. De koffers zijn later weer via via bij de rechtmatige eigenaar terechtgekomen, dus Romy heb ik nooit meer ontmoet.”
‘Ineens werd ik het podium op getrokken’
Caroline (36): “Met onze twee kinderen boekten we een all-inclusivevakantie naar Turkije. In zo’n resort met alles erop en eraan, inclusief animatie. Dat vind ik zelf vreselijk, maar ja, alles voor de kinderen. Wel nam ik me voor: ik doe nergens aan mee. Geen aquagym, geen karaoke, geen gekke dansjes bij het zwembad.
Op een avond was er een familieshow. De kinderen wilden vooraan zitten, dus ik ging braaf mee. Halverwege vroeg de presentator om vrijwilligers voor op het podium. Ik keek expres naar de grond, maar mijn zoon wees naar mij en riep keihard: ‘Mijn moeder wil heel graag!’ Voordat ik iets kon zeggen, stond er al een spot op me en werd ik het podium opgetrokken, ook al verzette ik me.
Playback-wedstrijd
Oké, dacht ik: alleen iets raden, dat kan ik wel. Maar nee, dat onderdeel was afgelopen en ik bleek op het podium te staan voor de playback-wedstrijd. Ik kreeg een pruik op, een nepmicrofoon in mijn hand en moest op Beyoncé dansen. Voor driehonderd mensen.
Mijn kinderen vonden het fantastisch. Mijn man filmde alles, natuurlijk. De volgende ochtend werd ik bij het ontbijt herkend door een Duitse vrouw. Ik heb de rest van de vakantie een grote zonnebrillen gedragen en de animatie gemeden als de pest.”
‘Ik gilde de hele camping bij elkaar’
Evelien (39): “Wij zaten op een camping in Italië. Prachtige plek, midden in de natuur, maar ik ben niet zo’n held met beesten. Op een ochtend wilde ik de vuilnis wegbrengen toen ik naast de container iets langs zag glijden. Dun, kronkelig, donker. Ik wist het zeker: een slang. Ik heb gegild alsof ik werd aangevallen. Binnen tien seconden kwamen er mensen uit tenten, caravans en campers. Mijn man rende naar me toe met een afwasborstel in zijn hand, onze kinderen huilden, een Franse buurman pakte een stok.
Serpente
Ik bleef wijzen: ‘Daar! Daar!’ Iedereen keek. Toen boog een toegesnelde campingmedewerker zich voorover en pakte het gevaarlijke dier op. Het was een soort dikke veter, of een touwtje. Een natte, zwarte sliert die door de wind bewoog. De man hield hem omhoog en zei droog: ‘Serpente?’ Iedereen begon te lachen. Ik lachte mee, maar meer uit schaamte dan omdat ik het leuk vond.
De rest van de vakantie werd ik door mijn man en onze kinderen natuurlijk belachelijk gemaakt. Als er spaghetti op tafel kwam, maakten ze sissende geluiden. Mijn man heeft zelfs een foto gemaakt van de veter en die in onze familieapp gezet met: We hebben de aanval maar net overleefd.”
‘Waar ik ook zocht: geen paspoorten’
Maaike (55): “Mijn man noemt mij altijd grappend ‘de vakantie-autist’, overdreven georganiseerd. Op onze laatste vakantiedag in Portugal vroeg hij: ‘Heb je alles? Ook de paspoorten?’ Ik riep heel zelfverzekerd van wel en reageerde kribbig toen hij suggereerde dat ik het misschien moest dubbelchecken. ‘Doe even rustig’, zei ik. ‘Je weet toch dat ik alles regel.’ We checkten uit, reden naar het vliegveld, leverden de huurauto in en sloten aan bij de balie.
Hotelkluis
Daar deed ik mijn tas open. Geen paspoorten. Een ander een vakje, broekzakken, waar ik ook zocht: geen paspoorten. Mijn man keek me aan met zo’n blik waarvan je meteen nóg zenuwachtiger wordt. Ineens zag ik het voor me: de hotelkluis. Daar lagen ze nog keurig naast de sieraden en mijn reservebril.We hadden iets meer dan een uur tot boarding. Razendsnel regelden we een taxi en spoorden de chauffeur aan te rijden alsof hij in een actiefilm zat. Ik belde onderweg het hotel en riep: ‘Room 214! Passports! Safe!’ Toen we aankwamen, stond een medewerker al klaar met een envelop.
Grappen
Terug op het vliegveld renden we zwetend naar de gate. In het vliegtuig zei mijn man fijntjes en onderkoeld: ‘Wel fijn dat jij altijd alles regelt.’ Ik wilde hem slaan, maar kon niet anders dan een hele reeks zogenaamd lollige grappen ondergaan.”
‘Ik dacht dat ik Spaans sprak, maar bestelde twaalf vissen’
Anneke (48): “Ik ben dol op Spanje en probeer altijd een beetje Spaans te praten. Mijn kinderen vinden dat vreselijk, omdat ik volgens hen gewoon Nederlandse woorden op z’n Spaans uitspreek. In een restaurant aan de Costa Brava wilde ik bewijzen dat ik het best kon. We waren met z’n vieren en ik wilde witte wijn, water, wat brood en één gegrilde vis bestellen om samen te delen.
Twaalf vissen
Ik deed mijn bestelling heel zelfverzekerd. De ober keek een beetje verbaasd, maar knikte. Even later kwamen er niet één, niet twee, maar twaalf vissen onze kant op. Op grote schalen, met citroen, kop en staart eraan. Blijkbaar had ik iets besteld wat neerkwam op: voor iedereen drie hele vissen.
Hele haven leeggekocht
De Nederlanders aan tafel naast ons kregen de slappe lach. Mijn kinderen wilden door de grond zakken. We hebben ons best gedaan, maar na vier vissen konden we geen vis meer zien. De rekening was ook alsof we de hele haven hadden leeggekocht. Sindsdien mag ik in Spanje alleen nog ‘hola’ en ‘gracias’ zeggen. En als we thuis vis eten, vraagt mijn man standaard: ‘Hoeveel? Eén of twaalf?’”
‘Toen we terugkwamen, was het doodstil’
Sanne (31): “We waren met vrienden op vakantie in een vakantiehuis in Limburg. Vier stellen, allemaal jonge kinderen, dus ’s avonds zaten we uitgeput maar gezellig op het terras terwijl de babyfoons op tafel stonden. Onze babydochter lag in bed, maar was onrustig en ik moest de hele tijd heen en weer lopen. Mijn vriend ging ook een keertje, maar ik hoorde aan het huiltje van mijn dochter al dat ze borstvoeding wilde, dus liep ik er maar achteraan.
Opvoedkundige adviezen
Hoe ik zo stom kon zijn, weet ik nog steeds niet. Ik bedoel: ik hóórde mijn dochter huilen via de babyfoon, dus ik was niet vergeten dat dat ding er stond. En toch was ik dat dus wel vergeten zodra ik naar binnen liep. Moe en chagrijnig voegde ik me bij mijn vriend en onze baby. Terwijl ik mijn dochter voedde, begon ik tegen mijn vriend te klagen over onze vrienden. Over dat één vriendin de beste slaapkamer had ingepikt, dat een van de mannen nooit opruimt, dat ik gek werd van hun opvoedkundige adviezen en van het vergelijken van de kinderen, waarbij hún kind er altijd net wat beter vanaf kwam.
Schaamte
Toen we terugkwamen, was het doodstil. Uiteindelijk zei één vriendin: ‘Zullen we van kamer ruilen?’ Toen pas realiseerde ik me dat alles wat ik had gezegd, luid en duidelijk buiten was afgespeeld. Misselijk van schrik en schaamte stamelde ik dat ik het zo niet bedoelde. Uiteindelijk kon er als een boer met kiespijn om gelachen worden, maar echt uitbundig gezellig werd het niet meer.”
‘Ineens begon iemand keihard te hoesten’
Ilse (34): “We deden toch zo zachtjes, vonden we zelf. Want toen mijn man en ik na een paar dagen op vakantie in Frankrijk in onze vouwwagen wel in waren voor wat actie op het luchtbed, waren we als de dood dat onze zoon van vijf en dochter van drie ons in het slaapcompartiment naast ons konden horen.
Toen ons tweetal lag te slapen dronken we voor de tent nog een wijntje en toen om ons heen de buren een voor een hun tent of caravan in gingen, volgden wij hun voorbeeld. Eenmaal in actie was ik de hele tijd bang dat anderen ons konden horen – de kinderen, maar ook de mensen op de camping – maar mijn man fluisterde: ‘Luister maar, je hoort toch ook geen stemmen?’ Had-ie ook gelijk in, dus ontspande ik en hoopte dat de vouwwagen niet te veel heen en weer schudde.
De romantiek was verdwenen
Tot op het bijna-moment suprême ineens een geluid van buiten klonk. Een gehoest dat zó dichtbij klonk dat ik even vreesde dat er iemand in de vouwwagen stond. Het bleek de buurman, ín zijn tent. Toen wist ik: elk geluidje draagt hier minstens tien meter ver. We schrokken ons kapot en raffelden de vrijpartij snel en héél zachtjes af. De romantiek was wel verdwenen. De volgende ochtend stonden we bij de broodjesservice in de rij toen de buurvrouw vriendelijk zei: ‘Lekker geslapen?’ Ik werd knalrood. Mijn man, die normaal nooit ad rem is, zei: ‘Ja, uiteindelijk wel.’ Daar kon iedereen om lachen, maar ik wilde verdwijnen achter de croissants.”
Om privacyredenen zijn de namen veranderd, de echte namen zijn bekend bij de redactie.
Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES OOK

Uit andere media