7 vrouwen over de vraag waarop ze volmondig ‘nee’ zeiden: ‘Alles in mij schreeuwde: nee!’
Iemand kunnen helpen voelt superfijn, en wie goed doet, goed ontmoet. Maar soms is een vraag zo groot of impertinent, dat alles in je schreeuwt: nee, dít wil ik niet!
‘Nee, je mag niet bij me wonen’
Anne-Claire (48): “We zouden vrienden blijven, bezwoeren we. Dat was onze band sinds we veertien waren, en zo zouden we het nu, dertig jaar later en na een kortstondige poging tot liefde, weer doen. En zo vertrok mijn jeugdvriend na twee jaar samenwonen weer, als even goede vrienden. Hij vond een woning even verderop, maar de huur was tijdelijk. Het was voor hem geen urgentie, tot het twee voor twaalf was en hij diende te verhuizen. Doodleuk appte hij of hij, for old time’s sake, weer drie dagen per week bij mij en mijn kinderen mocht wonen. Hij kon weliswaar ook terecht bij zijn nieuwe liefde, maar die woonde verder weg, en dat vond hij tijdens werkdagen wat veel gedoe.
‘Nee!’
‘Nee!’ schreeuwde alles in me. Er was een reden dat hij weg was. Dat mijn kinderen en ik weer vrij konden ademen. Ik kon het déjà vu niet aan, zelfs niet tijdelijk. Bovendien: hij had toch een nieuwe vriendin? Meerdere familieleden met ruimte in huis? Geen zin om te forensen voelde wel héél gemakzuchtig. Ik ben geen held in nee zeggen. Wilde hem niet kwetsen of egoïstisch zijn. Maar als ik terugkeek op de twee jaar dat hij in mijn huis bivakkeerde, vloog de paniek me naar de keel. Ik zou kapot gaan aan de aanwezigheid van iemand die ik niet meer zo dichtbij in mijn leven wilde. Dus schraapte ik mijn moed bij elkaar en vertelde dat. Hij nam het goed op. Wilde het gewoon even proberen, zei hij, omdat dit ‘de makkelijkste optie’ was. En daarvan had ík nachten wakker gelegen. Het was een goede les in grenzen aangeven, en voor deze haalde ik eindelijk een voldoende.”
‘Nee, ik wil je ballen niet fotograferen’
Christine (59): “Naarmate de leeftijd van mijn vader vordert, vervagen zijn morele grenzen. Hij had wat last van zijn genitale streek, dus belde hij de huisarts. ‘Maak maar even een foto’, zei de huisarts, ‘en upload die in je digitale zorgomgeving.’ Mijn vader kan dat niet, maar geen probleem, vond hij. Terwijl ik bij hem binnenliep voor een kop koffie, vroeg hij me olijk of ik een foto wilde maken van zijn ballen. Wat?!? Noem me preuts, maar alles in me schreeuwde: nee, ik wil geen foto maken van de ballen van mijn vader! Mijn broer schoot gelukkig snel te hulp. Sommige dingen kun je echt beter bij mannen onder elkaar houden.”
‘Nee, ik wil mijn auto niet aan je uitlenen’
Nicole (44): “Een vriend van mijn man heeft een bijzonder talent: hij doet alles met geleende spullen. Een ladder, een boormachine, een snoeischaar, je kunt het zo gek niet bedenken. Toen hij na zijn scheiding een nieuwe auto had, vond hij een nieuwe reden om op onze stoep te staan: kon hij misschien onze aanhangwagen lenen voor zijn vakantie naar Italië? Prima, die gebruikten wij toch niet. Mijn man hielp hem zelfs met monteren. Een dag later kwam de echte vraag. Zijn nieuwe auto bleek elektrisch.
Smoes verzinnen?
Met aanhangwagen zou hij onderweg nóg vaker moeten laden. Dus vroeg hij zich af of hij misschien gewoon onze complete auto mocht lenen. Alles in mij schreeuwde: nee! Niet omdat ik hem iets misgunde, maar omdat ik het een volstrekt absurde vraag vond. Een pak suiker lenen is één ding. Een nieuwe Audi voor drie weken meenemen naar het buitenland, terwijl hij zélf een nieuwe auto had, is iets heel anders. Toch twijfelde ik even. Moest ik een smoes verzinnen? Zeggen dat we hem zelf nodig hadden? Tot ik dacht: wacht eens even. Waarom ben ík nerveus? Híj stelt hier toch de ongemakkelijke vraag? Dus zei ik voor de verandering precies wat ik dacht. Dat ik het niet wilde. Gewoon: nee. Hij nam het gelukkig prima op. En ik was supertrots – op mezelf, voor de duidelijkheid. Blijkbaar wordt nee zeggen een stuk makkelijker zodra de vraag groot genoeg is.”
‘Nee, ik wil jouw deurwaarders niet betalen’
Milou (45): “Een vriendin ging op wereldreis. Ze zegde haar huurflat op, maar had daarmee geen postadres meer. Wilden mijn man en ik dat misschien zijn? We zagen er geen kwaad in, we hielpen haar graag. Tot de incassobrieven begonnen binnen te stromen. Weken probeerde ik mijn vriendin daarover te bereiken, maar ze gaf niet thuis. Toen ook de mannen met aktetassen op de stoep begonnen te verschijnen, kreeg ik eindelijk een reactie: kon ik de rekeningen, die ondertussen in de duizenden euro’s liepen, misschien ‘even’ voorschieten? Dan had ik er geen last meer van. Hè? Of ik haar torenhoge schulden even wilde betalen zodat ík er geen last meer van had? Nee! Ik heb gezegd dat ze me als postadres moest verwijderen. Ook dat duurde natuurlijk eindeloos, het kwam zelfs tot een dreigbrief van mijn advocaat. Dat betekende helaas het einde van onze vriendschap. Tenminste, dat denk ik: niemand heeft ooit nog van haar gehoord.”
‘Nee, ik wil me niet meer verstoppen als je geheime maîtresse’
Amanda (53): “Hij ging echt bij haar weg, hij beloofde het me al twee jaar. Het huwelijk van mijn vriend was al jaren dood, zei hij, hij zocht alleen nog naar het juiste moment om het zijn vrouw te vertellen. En toen werd ze ernstig ziek. Terwijl hij voor haar mantelzorgde, mantelzorgde ik voor hem. Ik kookte zijn eten en ving zijn hond op, dacht mee met zijn vragen aan de artsen en droogde zijn tranen. De mantelzorg duurde langer dan we dachten en anderhalf jaar sinds haar ziekbed wist nog steeds niemand aan zijn kant van onze relatie. Wel had mijn vriend me inmiddels als ‘vriendin van de familie’ toegevoegd aan de groepsapp met al hun dierbaren waarin hij iedereen op de hoogte hield van de medische situatie van zijn vrouw.
Dolk in mijn hart
Doodziek werd ik van de voortdurende stroom aan steunbetuigingen. Van de hartjes voor hen als stel. De opmerkingen dat hun liefde alles zou overwinnen. Hun liefde? Elke bliep van een nieuw bericht voelde als een dolk door mijn hart. Ik kon mijn onzichtbaarheid, inmiddels bijna vier jaar op weg in onze relatie, niet meer aan. ‘Of je vertelt iedereen dat wij een relatie hebben en jij alleen nog vanuit vriendschap voor haar mantelzorgt’, zei ik, ‘of ik zet er een punt achter.’ Daarop verwijderde ik mezelf zonder opgave van reden uit de groepsapp en vertelde hem dat hij me weer mocht bellen wanneer hij een knoop had doorgehakt. Dat is nu twee haar geleden, zijn beslissing lijkt me duidelijk.”
‘Nee, ik wil de Belastingdienst niet voor je oplichten’>
Shanti (43): “Na mijn scheiding had ik het prima voor elkaar. Mijn werk als zelfstandig schoonheidsspecialist liep goed, ik was gelukkig met mijn dochter. Én met mijn nieuwe vriend, die iets harder moest ploeteren om rond te komen van zijn werkloosheidsuitkering. Dus kluste hij bij, maar dat mocht niet aan het licht komen. ‘Als jij nou een tweede eenmanszaak opricht en daarmee factureert aan mijn klanten, kun je de opbrengst pinnen en aan mij geven’, opperde hij zonder blikken of blozen op een dag. Ik moest het even laten bezinken. Vroeg hij me nu een fictief bedrijf op te richten? Waarover ik belastingplichtig zou zijn en dat bovendien mijn toeslagen van tafel zou vegen omdat mijn inkomsten dan te hoog waren? Zodat hij de Belastingdienst kon ontduiken en ík het risico droeg? Nee, natuurlijk wilde ik dat niet! ‘Dat doe je als je van elkaar houdt’, reageerde hij bozig. Tja, blijkbaar hield ik niet zo veel van hem. Of in elk geval: ik hield meer van mijn integriteit en zorgvuldig opgebouwde, stabiele leven. Sindsdien ben ik dolgelukkig single.”
‘Nee, ik wil niet voor je coronapup zorgen’
Rochelle (35): “Goede vrienden vonden het tijdens de pandemie een goed idee een pup te nemen. Dat was zo leuk voor de kinderen, en zo kwamen ze nog eens buiten, dachten ze. Een maltipoo moest het worden, een kruising tussen een poedel en maltezer. Slimme honden, weet ik met veel hondenervaring, heel train- én knuffelbaar. Alleen: er was geen hondentraining te krijgen in die tijd, hooguit online, en als er één ding was wat iedereen wist van onze vrienden, was het dat ze geen dierenliefhebbers zijn. Met lede ogen keek ik toe hoe ze niets van het beestje begrepen en hem steeds meer verwaarloosden, zeker toen de kinderen erachter kwamen dat de hond ook vier keer per dag uit moest én om geestelijke uitdaging vroeg.
Maltipoo
Tegen de tijd dat de wereld weer open ging en mijn vrienden weer fulltime naar kantoor en school vertrokken, zat de maltipoo hele dagen moederziel alleen. ‘Hé Roch, jij werkt vanuit huis en weet zo veel van honden, kun jij onze hond er overdag niet bij nemen?’ vroeg mijn vriendin. Ha, naast mijn twee werkhonden die een levensstijl op zich zijn? Mijn hart brak voor de maltipoo, maar: nee. Grote keuzes, zoals een hond, hebben grote consequenties. Hoewel het me enorm aan het hart gaat, ben ik blij voor het hondje dat het inmiddels een nieuw thuis heeft, bij mensen met zeeën van tijd, die graag over hun nieuwe familielid willen leren.”
‘Nee, ik wil jouw gratis advocaat niet zijn’
Marthe (38): “Als familierechtadvocaat ben ik nooit te beroerd om iemand informeel te woord te staan bij een prangende juridische vraag. En op mijn kantoor help ik veel mensen met een toevoeging, waar ik zo goed als niets aan verdien. Dat is mijn plicht, vind ik, en ik doe het graag. Dat is mooi, dacht een vriendin van een vriendin. Haar scheiding verliep nogal stroef, dus stuurde ze me een mail. Ze verdiende te veel voor een toevoeging, maar wilde ik haar zaak misschien behartigen? Natuurlijk wilde ik dat, dus nodigde ik haar uit op kantoor en gaf alvast wat advies, waarna ik mijn honorarium ter sprake bracht.
Vriendenprijs
Ze was een kennis, dus haalde ik daar een flinke schep vanaf; wat je noemt een vriendenprijs. ‘Wat?’ riep de vriendin van de vriendin, ‘We kennen elkaar toch?’ ‘Daarom’, antwoordde ik, me van geen kwaad bewust. Dan stopte het hier, was haar respons, ik wilde haar toch helpen? Verbouwereerd hield ik de deur voor haar open. De scheiding liep uit op een lelijk gevecht, hoorde ik later op verjaardagen waar we wat ongemakkelijk om elkaar heen bewogen. Zielig, want dat was niet haar keus of wat ze verdiende. Maar zij werkt als bedrijfsleider van een modezaak, ik kwam bij haar toch ook geen gratis jurken halen?”
Tekst: Jordinde Brenner
Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES OOK

Uit andere media