Eveline: ‘Ik luisterde niet. In gedachten liep ik al over het pad naar die voordeur’
Eveline (55) en Emiel raken op vakantie betoverd door een veel te vervallen villa. Na lang twijfelen besluiten ze dat hun toekomst in Frankrijk ligt. Een intensieve – nog niet helemaal afgeronde – verbouwing volgt en inmiddels is hun chambre d’hôte officieel geopend. Hun nieuwe leven is nu echt begonnen!
In Vriendin deelt ze elke week hoe het ervoor staat.
Een oud huis kost geld
“Een oud huis en een jonge vrouw kosten altijd geld.” Dat zeiden mijn ex-vriend en mijn vriendinnen altijd als we langs een kopie van Villa Verte reden. Dat waren dan mooie oude huizen met koloniale veranda’s of krullerige entreehekken. Huizen met torentjes en glas-in-loodramen en zware voordeuren met bloemenkransen eraan, symmetrisch vastgebonden. “Heel mooi ja”, werd er dan afwezig geknikt. “Maar je zult het maar moeten onderhouden.”
Rijk
Ik luisterde niet. In gedachten liep ik al over het pad naar die voordeur, mijn eigen sleutel in de hand. Ik droomde van verhalen schrijven achter een donker bureau, in een kamer met wuivende witte vitrages waarin bloemen waren geborduurd. Daar dronk ik thee uit een kop en schotel en at Lindt-chocolade. Want als ik écht in zo’n huis zou wonen, was ik rijk en kon dat.
Een dromer
Natuurlijk ben ik een dromer. Op mijn veertiende maakte ik mijn eigen tijdschrift en anderen mochten het lezen voor een kwartje. Ik schreef verhalen, columns, advertenties en zelfs een strip, gebaseerd op Noortje van de Tina. Rijk werd ik er niet van. Ik heb altijd hard moeten werken. Twee, drie banen tegelijk. Zelfs nu: de B&B, het fulltime schrijven en sinds kort Chic de Fric, mijn brocantewinkeltje.
Droomhuis
Maar ik dwaal af, want we hadden het over dat oude huis. In Frankrijk kennen ze er ook een spreekwoord voor: Une vieille maison demande toujours quelque chose. Een oud huis heeft telkens wat. En dat is zo waar. Maar deze prinses heeft intussen wél haar droomhuis. Laat de rest maar meewarig knikken om onze klusweekenden en eeuwige to-do-lijstjes. Ik heb mijn donkere bureau, de witte gordijnen en de stevige houten voordeuren (twee stuks!) met kransen eraan. De grote dingen hebben Emiel en ik inmiddels gelukkig afgevinkt. Er zijn geen nieuwe dakgoten, elektraleidingen of drainagesystemen meer nodig.
Loslatende tegeltjes
Wel merkten we dat in de hal onze tegeltjes loslieten. Ze zijn gelegd in 1946, op een vloer van zand. Door het jarenlange leegstaan van het huis en het inmiddels weer vrolijk rondstampen van de familie Olifant (vooral als we achter Wickie aan zitten), verpulverde het voegsel. Klik. Klak. Klik. Klak. De tegeltjes spraken hun eigen taal. Sterker nog: als er eentje scheef kwam te liggen, gebeurde het soms dat hij brak als ik eroverheen liep. Dat was natuurlijk om te janken. Maar hoe los je zoiets op?
Régis
Even opnieuw voegen kon niet. Dan moest de hele vloer worden gedaan en zou er sowieso kleurverschil ontstaan. Het zand onder de vloer bleek bovendien ook niet helemaal braaf te hebben gewacht en lag hier en daar wat opgebold. Gelukkig hebben we Régis: de man die hier inmiddels al veel heeft gerepareerd wat los, vast of halfvast zat. En bovendien de grote liefde van mijn vriendin Anaïs. “Morgen kom ik”, meldde hij. “Dan kijk ik wat ik nodig heb aan materiaal en voor het weekend is het probleem gefikst.”
Geen klik-klak
De klus bleek toch wat lastiger dan gedacht. Hier en daar ligt nog steeds een voorzichtig gered tegeltje scheef. Maar ze zitten vast. Geen klik-klak. Geen scherven. Rijk ben ik nog steeds niet. Maar ik woon wél prachtig. En die thee met échte Lindt-chocolade is trouwens ook gelukt. Régis op de vloer.


Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES MEER

Eveline (52) en haar partner Emiel raken op vakantie betoverd door een veel te vervallen villa. Na lang twijfelen besluiten ze dat hun toekomst in Frankrijk ligt. Dat betekent wel dat er enorm veel op ze afkomt.
Volg Eveline haar verhalen

Uit andere media