Makelaar Mandy: ‘Hij schuift mijn rok omhoog. ‘Jij bent gevaarlijk”
Mandy (33) is single en werkt als makelaar in een middelgrote stad. Haar liefdesleven is allesbehalve rustig: ze is verliefd op haar biseksuele, getrouwde buurman Tijn, heeft een crush op collega Maureen én onderhoudt in het geheim een seksuele relatie met een bekende Nederlander.
Volg elke doordeweekse dag haar avonturen op Vriendin.nl.
Woensdag 13 mei
De hele woensdag loop ik rond met Robberts woorden in mijn lijf alsof hij ze niet gisteren in een wijnbar heeft gezegd, maar ergens onder mijn huid heeft geplakt.
Je bent aan het rennen.
Ik haat het vooral omdat ik ergens weet dat hij niet helemaal ongelijk heeft. Als mensen gewoon onzin uitkramen kun je ze met een gerust hart in je hoofd op mute zetten. Maar Robbert had een punt. Een stom, goedbedoeld, bemoeizuchtig punt met mosterd aan zijn vinger.
Eva
Op kantoor helpt Eva niet mee.
Ze zit tegenover me te bellen met een stem die net iets te zakelijk klinkt voor iemand die vorige maand nog aan me vroeg hoe je een splitsingsakte precies moest lezen.
‘Ja, Nick en ik kijken daar samen naar,’ zegt ze.
Nick en ik. Bassie en Adriaan. Cruella de Vil en Jasper.
Ik tik zo hard op mijn toetsenbord dat de letter E waarschijnlijk aangifte gaat doen van mishandeling.
Schokje
Tussen twee afspraken door open ik stiekem het tabblad met mijn nieuwe mailadres.
info@deurendam.nl
Gisteravond heb ik uit frustratie om mijn mislukte bijkletsdate met Robbert nog iets volkomen idioots gedaan.
Ik heb een proefje gemaakt met gevelletters.
Deur & Dam
Mandy van Dam Makelaardij
Gewoon zwart op wit. Niks bijzonders. Toch krijg ik er elke keer als ik ernaar kijk een warm, zenuwachtig schokje van in mijn buik.
De BN’er
Rond vier uur trilt mijn telefoon.
De BN’er.
Ik heb straks iets leuks voor je. Acht uur. Zelfde hotel.
Ik kijk naar het scherm. Mijn lichaam reageert meteen veel sneller dan mijn verstand. Irritant eigenlijk, hoe weinig inspraak je soms hebt in je eigen onderbuik.
Iets leuks klinkt verdacht.
Gemist
Om acht uur bonkt mijn hart al voordat ik bij zijn deur ben.
Hij doet open in een zwart overhemd, blote voeten, die blik van hem alsof hij al iets weet waar ik nog achter moet komen. Ik wil boos zijn. Of verstandig. Of tenminste cool. In plaats daarvan denk ik alleen aan zijn handen.
‘Daar ben je,’ zegt hij.
‘Daar ben ik.’
Hij trekt me naar binnen en kust me alsof we elkaar maanden niet hebben gezien. Hard, warm, met zijn hand meteen in mijn nek. Ik proef kersenkauwgum, appelsap, hem. Binnen drie seconden ben ik mijn zorgvuldig opgebouwde bezwaar vergeten en sta ik met mijn rug tegen de muur en mijn vingers in zijn overhemd.
‘Ik heb je gemist,’ zegt hij tegen mijn mond.
‘Je kent me amper.’
‘Dat maakt het overzichtelijk.’
Gordijnen
Hij kust langs mijn hals naar beneden, zijn handen onder mijn blouse, zijn duimen over mijn borsten alsof hij alle tijd heeft en ik niet al bijna uit elkaar val van verlangen. Alles aan hem is fout en alles aan hem werkt. Dat is het probleem.
We komen half struikelend bij het raam terecht. De gordijnen zijn open. Buiten beneden glijden koplampen door de straat. Mensen. Fietsers. Een stad die gewoon doorgaat.
‘Gordijnen,’ fluister ik.
Hij kijkt me aan. ‘Wil je dat?’
Ik zou ja moeten zeggen.
In plaats daarvan draai ik me om, leg mijn handen tegen het koele glas en voel zijn lichaam achter me. Mijn adem maakt een klein wolkje tegen het raam. Heel even schiet door me heen dat iemand omhoog kan kijken. Dat iemand een foto kan maken. Dat hij niet zomaar iemand is.
En precies dat maakt mijn geilheid zoveel erger.
Hij schuift mijn rok omhoog. Zijn mond bij mijn oor.
‘Je bent gevaarlijk,’ zegt hij.
‘Jij bent makkelijk te herkennen voor de mensen hier beneden.’
‘Dan moet je stil zijn.’
Dat ben ik dus niet.
Uit mijn vel
Alles in mij knalt open. De irritatie over Eva. De ruzie met Robbert. De domeinnaam. De angst. Het verlangen. Zijn handen. Zijn adem. Mijn borsten platgedrukt tegen het raam, mijn knie tegen de vensterbank, zijn donkere vingers over mijn borsten geslagen, zijn knokkels tegen het glas, en precies de plekjes vinden waar ik geen geduld meer heb.
Ik kreun harder dan verstandig is.
Hij lacht zacht, tevreden.
‘Mandy.’
Mijn naam uit zijn mond is soms al genoeg om me geil te maken. Vandaag spring ik bijna uit mijn vel.
Als hij me daarna naar het bed trekt, gaat alles sneller. Minder mooi. Beter. Ik wil hem wegduwen en dichterbij trekken en ik doe allebei. Hij kust me alsof hij wil winnen en ik laat hem, omdat mijn lichaam op dit moment geen enkel respect meer heeft voor mijn principes. We gaan tekeer als jonge honden. Als Duracell-konijnen. We kreunen en glijden en plakken en zoenen en duwen en stoten en ik raak in extase tot ik voel hoe hij verstijft en zich ontlaadt.
Ons project
Later lig ik warm en slap naast hem, mijn haar aan mijn wang geplakt, mijn hart nog steeds te hoog.
Dan pakt hij zijn telefoon van het nachtkastje.
‘O ja,’ zegt hij.
Ik draai mijn hoofd naar hem toe. ‘Als dit een selfie wordt, ga ik naar huis.’
Hij lacht en laat me het scherm zien.
Een naam. Een bureau. Iemand van een kleine lokale campagneclub.
‘Ik heb alvast iemand warm gemaakt voor je kantoor,’ zegt hij. ‘Die kan iets doen met zichtbaarheid. Socials. Misschien een openingsactie. Ons project moet meteen goed staan.’
Alles in mij wordt stil.
‘Ons project?’ vraag ik.
Hij hoort het ook. Dat ene woord dat te groot klinkt.
‘Zo bedoel ik het niet.’
‘Hoe dan wel?’
Helpen
Hij legt zijn telefoon weg en strijkt met zijn vingers over mijn arm.
‘Mandy, kom op. Ik help alleen.’
Ik trek het laken iets hoger op. ‘Zonder te vragen.’
‘Omdat ik weet hoe dit werkt.’
‘En ik niet?’
‘Dat zeg ik niet.’
‘Nee,’ zeg ik. ‘Maar je doet het wel.’
Niet van ons
Even kijkt hij me aan. Zijn gezicht zachter dan net, maar ook ongeduldig. Alsof hij niet begrijpt waarom ik moeilijk doe over iets wat volgens hem gewoon gul is.
En dat is precies het lastige.
Hij is gul. Hij is lekker. Hij is slim. Hij is warm als hij dat wil. En hij begint steeds vaker ergens met zijn handen aan te zitten waar mijn naam op moet komen te staan.
‘Ik wil niet ondankbaar zijn,’ zeg ik.
‘Dan moet je dat ook vooral niet doen.’
Dat schiet verkeerd.
Ik kom overeind en zoek mijn beha tussen het beddengoed.
‘Mandy.’
‘Nee, laat maar.’
‘Ik bedoel alleen dat je soms hulp mag aannemen.’
‘En ik bedoel alleen dat mijn kantoor niet van ons is.’
Hij zegt niets.
Over mijn grenzen
Ik trek mijn blouse aan, veel te rommelig, en voel nog steeds zijn handen op mijn lijf. Dat maakt het alleen maar verwarrender. Mijn lichaam wil blijven. Mijn hoofd staat al bij de deur.
Hij komt achter me staan en legt zijn hand op mijn heup.
‘Je weet dat ik in je geloof, toch?’
Ik sluit mijn ogen heel even.
Dat is het gemene. Hij bedoelt het goed, ook al gaat hij over mijn grenzen. Continu.
Ik draai me om en zoen hem. Ik wil geen ruzie. Niet ook met hem. Maar ik moet er wel voor zorgen dat ik hem geen sleutel geef van Deur & Dam.

Saskia
Wist je dat je Mandy’s vriendin Saskia nu ook wekelijks kunt volgen? Saskia (37) is bewust single, al hecht zij aan haar vaste ‘scharrels’. Als freelance retailcoach traint zij winkelteams en doorkruist daarvoor heel Nederland. De vrijgevochten Saskia vond in makelaar Mandy haar beste vriendin, bij wie ze altijd terecht kan – al kan het soms ook flink botsen. Saskia laveert door het leven en probeert daarin de beste keuzes te maken. Maar of ze daarin slaagt?
Volg haar avonturen elke dinsdag en vrijdag in de Vriendin Club!
Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES OOK

Uit andere media
