Marije is getrouwd met een man, maar verliefd op een vrouw: ‘Van hem moet ik kiezen’

Vlak voor haar vijftigste verjaardag staat Marije (49) op een knooppunt. Waar de tweede helft van haar leven in rustiger vaarwater had moeten komen, is ze – twaalf jaar getrouwd met haar man Maarten (67) – stapelverliefd op een vrouw. “Met haar ben ik wie ik wil zijn.”


vrouwen verliefd

Marije: “Over twee maanden word ik vijftig. Het moment waarvan ik vroeger dacht dat ik alles wel op de rit zou hebben: een eigen huis, fijne baan, een man, voldoende dierbare vriendinnen en veel huisdieren. Alles wat een mens gelukkig maakt, dacht ik – in elk geval mij, want was dat niet het plaatje dat iedereen van me verwachtte? Nu sta ik op het punt over the hill te gaan, de neergaande lijn richting ouderdom zet in, en elke pijler waarop mijn bestaan rust, rammelt. Mijn huwelijk, mijn huis, mijn bedrijf, mijn zekerheid.
Het enige wat stabiel is in mijn leven, is de liefde van mijn drie honden en drie katten. Het appartement dat ik met ze bewoon, is van mijn man Maarten, met wie ik twaalf jaar geleden trouwde. We hebben het er relatief gezellig. Doen op zaterdagavond soms een spelletje met zijn vrienden, drinken dagelijks een borrel samen. Praten doen we niet, Maarten vindt onderwerpen al snel te zwaar of moeilijk. Maar er is rust. Ik heb er ruimte om te schilderen en de extra slaapkamer – we hebben geen kinderen – doet dienst voor mijn nieuwste project: mijn eigen cateringbedrijf. Ik heb er een reusachtige koelkast en een wand vol kookboeken.”

Huisgenoten

“Maarten vindt het allemaal prima. Hij blinkt dan misschien niet uit in communiceren en seks hebben we na ons eerste jaar samen nooit meer gehad, maar hij laat me begaan in alles wat ik wil – en ik verander nogal eens van koers. Leef daar maar eens mee samen.
Jarenlang zat hij zonder mopperen avond na avond alleen, omdat ik besloot een studie maatschappelijk werk op te pakken en overdag vertrok naar de bijbehorende werk-leerbaan. Ook had ik een tijd een kantoorbaan, maar negen tot vijf bleek niets voor mij; ik ben een nachtuil. Want dat speelt ook nog tussen ons: Maarten is een vroege vogel, voor mij begint de avond pas als op z’n vroegst de nul in de klok zit.
We leven compleet langs elkaar heen. We maken geen ruzie, maar partners zijn we ook niet. Sinds zijn pensioen doet Maarten vaak lelijk tegen me, en hoewel hij me niet dwarsboomt in mijn keuzes, toont hij er ook geen interesse voor. We leven als huisgenoten. We houden van elkaar, maar misschien houdt dat vooral in dat we aan elkaar gewend zijn. Ik vind hem lief als mens, hij heeft een hart van goud. En hoewel hij ons hele huwelijk geen enkele affectie naar me toont, hoeveel ik hem in het begin ook probeerde te verleiden, weet ik dat hij wil dat ik gelukkig ben. Maar steeds vaker bekruipt me het gevoel dat dat meer een liefde is als van een vader voor zijn dochter, en dat mijn gevoel naar hem vooral gebaseerd is op loyaliteit. Met nog een half leven voor me, wil ik meer dan dat.

Stabiliteit en voorspelbaarheid

Ik kwam Maarten tegen op een moment dat mijn leven op z’n zachtst gezegd onstuimig was. Ik koos structureel voor mannen die me slecht behandelden en had mijn laatste relatie net verbroken, toen hij op een tuinfeest van een gezamenlijke vriendin rustig tegen de schutting zat met een biertje. Zijn ontspannenheid trok me aan en de rest van de avond kletsten we met niemand anders dan elkaar. Hij was net gescheiden en na alle reuring in mijn leven was ik wel toe aan wat stabiliteit en voorspelbaarheid in mijn leven.
Nog geen half jaar later trok ik bij hem in, aan de andere kant van het land. Mijn enige twee vriendinnen liet ik achter, net als het grootste deel van mijn familie.
Maartens vrienden, allemaal stukken ouder dan ik, werden de mijne. Het voelde als een warm bad.
Ik knapte op van een leven zonder drama, voelde me het eerste jaar echt gelukkig. De seks liep toen al niet, maar dat kwam vanzelf wel, dacht ik. Mijn leven lang hadden mannen me verteld dat ik lelijk was, niks waard, ik was al lang blij dat Maarten onbaatzuchtig voor me wilde zorgen. Niemand wordt gelukkig van een gebrek aan gelijkwaardigheid en autonomie. Hoe lief Maarten zijn zorgzaamheid ook bedoelde, ik voelde me meer en meer een gekooide vogel. In een gouden kooi, dat wel, want Maarten betaalde bijna alles in onze relatie. Ik had niets opgebouwd. Geen eigen huis, geen auto, ik had alleen een piepklein inkomen waarvan ik net kon rondkomen en zelfs dat niet altijd.
Mijn langeafstandsvriendschappen verwaterden, ik kleedde me naar Maartens bekoren. Ik raakte mezelf volledig kwijt. Inmiddels denk ik dat ik nóóit wist wie ik werkelijk was. Ik liet me altijd meevoeren op de stroming van een ander – ervan overtuigd dat niemand wilde meevaren op de mijne. Wat had ik nu helemaal te bieden?”

Bliksem

“Tot ik tien maanden geleden een lunchbestelling afleverde bij een klant, en Charlotte de deur van het kantoor voor me opende. Ik zag er niet uit in mijn cateringpak, oververmoeid met mijn haar in een staart. Haar handen raakten de mijne toen ze de dozen salades en broodjes van me overpakte en we voelden het allebei: bliksem. Ze ging net pauze houden voordat de lunch-vergadering begon, zei ze, had ik misschien trek in een kop koffie? Op een bankje voor haar kantoor raakten we niet uitgepraat. Over hoe we in onze banen verzeild waren geraakt, over wat we belangrijk vonden in het leven. Ze was single met twee bijna volwassen dochters, vertelde ze, en om onduidelijke redenen verzweeg ik dat ik getrouwd was. Hoewel ik haar wel duizend dingen wilde vragen, hing er direct een warme kalmte tussen ons. Het bracht me van mijn stuk. Wat was dit? ‘Wil je me een Tikkie sturen voor de factuur?’ vroeg ze. ‘Dan betaal ik hem vanmiddag nog.’ Diezelfde avond antwoordde ze op mijn betaalverzoek: ‘De lunch was heerlijk. En wat vond ik het fijn om met je te kletsen.’ Ik deed wel een uur over een antwoord. Wilde niet te happig zijn, maar wel dat ze de drang voelde me te beantwoorden – al voelde ik meteen dat ik met vuur speelde. Charlotte reageerde om één uur ’s nachts. Met excuses voor het idiote tijdstip, door haar overwerk in de avonduren kon ze vaak pas laat ontspannen. Great minds, antwoordde ik met een knipoog. De weken erna appten we dag en nacht. Ik keek uit naar elk berichtje, kon aan niets anders meer denken dan aan haar. We bespraken alles. Hoe onze levens eruitzagen, hoe die zo gelopen waren, onze grootste verlangens en diepste angsten.
Ik vertelde over Maarten en mijn twijfels over ons huwelijk, over hoe ik verlangde naar een leven voor mezelf én naar haar vast te houden. Zij was haar leven lang al openlijk lesbisch en verlangde naar hetzelfde. Maarten had niets in de gaten. Hij dacht dat ik eindelijk een nieuwe vriendschap sloot, maar ik voelde dat dit ons hele leven op zijn kop zou zetten.”

Geen houden aan

“Vier weken na onze ontmoeting plaatste het kantoor van Charlotte een nieuwe cateringbestelling. Mijn hart ontplofte bijna; dan zou ik haar dus weer zien! Dagen dubde ik over de receptuur. Sinds mijn puberteit was ik vaker verliefd geweest op vrouwen. Ik zette het weg als een vorm van bewondering, als fijne fantasieën die nooit werkelijkheid zouden worden en dan ebden die verliefdheden uiteindelijk vanzelf weer weg. Nooit was dat gevoel zo sterk als nu. Het maakte me in de war, maar ik voelde tegelijkertijd dat dit precies de koers was die ik wilde varen. Alleen, hoe kon ik dat verenigen met Maarten?
De dag waarop ik de bestelling afleverde, was Charlotte nergens te bekennen. Met mijn ziel onder mijn arm liep ik terug naar mijn auto, toen Charlotte me achterna kwam. Haar vergadering was uitgelopen en het laatste kwartier had ze op hete kolen doorgebracht. ‘Dit kan zo niet langer,’ zei ze, ‘ik wil je écht zien.’ Het weekend daarop spraken we met mijn honden af op het strand. We vlogen elkaar letterlijk in de armen, er was geen houden aan. In de uitgestorven strandtent waar we wijn bestelden, durfde ik haar eindelijk te kussen.

Mijn relatie met Charlotte duurt nu negen maanden. Ik kan niet geloven dat het me letterlijk een halve eeuw kostte om te ontdekken dat er gelijkwaardige, diepgaande liefde bestaat als dit. De wereld om ons heen kan instorten, en dan nog vinden we kalmte bij elkaar. Er is geen weg terug, dus heb ik Maarten vier maanden geleden ingelicht. Hij was niet boos, leek het niet serieus te nemen. Zei: ‘Als het een kerel was geweest, had ik je de deur uitgezet.’ Terwijl wat ik voel voor Charlotte alles overstijgt wat ik ooit voor een man voelde. We lezen dezelfde boeken, luisteren naar dezelfde muziek. Ze raakt me aan alsof ik van waarde ben. Ik zie mezelf door haar ogen en voor het eerst ben ik niet bang om gezien te worden.”

Ultimatum

“Toen ik Maarten over ons vertelde, gaf hij me een half jaar om dit uit te zoeken. Sindsdien slaap ik een nacht per week bij Charlotte. We willen verder met elkaar, maar dat is niet zo eenvoudig. Haar twee dochters wonen nog thuis, die zitten niet te wachten op een huisgenoot. En ik snak naar een plek voor mezelf, een tussenhonk waar ik even alleen maar met mezelf hoef bezig te zijn. Maar de woningmarkt is oververhit en mijn cateringbedrijf is nog niet stabiel genoeg om iets te kunnen huren. Ik heb geen spaargeld, geen vangnet. Dat frustreert me. Ik ben bijna vijftig en ik woon nog steeds in de structuur van iemand anders.
Hoe dichter Maartens ultimatum in zicht komt, hoe grimmiger hij wordt. Hij vindt dat ik van twee walletjes eet en wil het liefst nu duidelijkheid. Ook Charlotte heeft vaker last van het feit dat ze me moet delen. Wanneer we samenzijn, is dat altijd in haar huis. Waar ik de inhoud van al haar kasten ken, weet Charlotte niet hoe mijn slaapkamer eruitziet.

Uiteindelijk zijn ze allebei slachtoffer van mijn draaikonterij. Na elke nacht bij Charlotte bereid ik me erop voor dat Maarten mijn koffers bij de deur heeft gezet, en ben ik bang dat zij er klaar mee is om mijn tweede partner te zijn. Ik wil Charlotte, zonder twijfel. Met haar ben ik wie ik wil zijn. Ik voel me mooi, begeerd. Sterker dan ooit, grappig en slim. Met haar droom ik, vrij ik, maak ik plannen. Zij haalt het licht in me naar boven. Maarten was jarenlang mijn veilige haven. Dat wil ik niet beschamen, ook al is wat er is tussen ons alleen van praktische aard. Ik dans op een koord waar zonder een keuze aan mijn kant, iedereen hoe dan ook vanaf valt, en dan heb ik niets meer. Maar wanneer ik ga, wil ik het zacht doen. Dat Maarten inziet dat dit geen afwijzing is van hem, of een keuze voor een ander, maar een ja tegen mezelf. Zodat Charlotte erop kan vertrouwen dat ik samen met haar een leven wil opbouwen en niet opnieuw wil meevaren. Kiezen voor mezelf is het grootste eerbetoon aan beiden.”

Tekst: Jordinde Benner
Om privacyredenen zijn alle namen veranderd, De echte namen zijn bekend bij de redactie.​​​​​​
Foto: Getty Images

Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.

LEES OOK

Lees meer Persoonlijke verhalen

Persoonlijke verhalen
012026 Vriendinclub 820x270

Uit andere media


Meer van Redactie