Makelaar Mandy: ‘Dan kust hij me. Al mijn verstandige zinnen vallen als losse paperclips op de vloer’
Mandy (33) is single en werkt als makelaar in een middelgrote stad. Haar liefdesleven is allesbehalve rustig: ze is verliefd op haar biseksuele, getrouwde buurman Tijn, heeft een crush op collega Maureen én onderhoudt in het geheim een seksuele relatie met een bekende Nederlander.
Volg elke doordeweekse dag haar avonturen op Vriendin.nl.
Dinsdag 23 juni
Dinsdagochtend begint met een appje van Joris de Wilde.
Lotte heeft een openingsbod in gedachten. Zouden wij daar vandaag over kunnen overleggen?
Ik lees de zin drie keer.
Een openingsbod. Het gaat door.
Mijn eerste.
Niet dat ik ineens champagne uit de Bordallo Pinheiro-kopjes ga drinken, maar mijn hart doet wel iets belachelijks met een confettikanon.
Woehoe!
Ik zet koffie, ga aan Robberts oude tafel zitten en open de map van Lotte. Vraagprijs. VvE-stukken. Gevelonderhoud. Badkamer met daglicht, maar geen ochtendzonwonder. Rustige straat. Nette indeling. Pluspunten. Minpunten. Alles wat ik vorige week nog met veel te veel spanning uitzocht, ligt nu als een echte zaak op mijn bureau.
Woehoe!
Er komt een bod.
‘Spannend’
Om half elf bel ik Joris en Lotte. Ze zitten samen aan de telefoon.
‘Ik vind het spannend,’ zegt ze.
‘Dat is gezond,’ zeg ik. ‘Als je helemaal niets voelt bij een eerste bod, koop je waarschijnlijk een broodrooster.’
Lotte lacht zenuwachtig.
We bespreken de strategie. Niet te laag, want het appartement is goed geprijsd en er is belangstelling. Niet te hoog, want er zijn VvE-punten en er komt onderhoud aan.
‘Ik wil het niet verliezen doordat ik te bang ben,’ zegt Lotte zacht.
Die zin raakt me. Ze is al verliefd op het huis. Dat is gevaarlijk.
‘Dan doen we een bod dat serieus is,’ zeg ik. ‘Maar niet verliefd.’
Bart
Na het gesprek bel ik Bart.
Nu ik weet dat hij Judiths Bart is, klinkt zijn stem meteen anders. Ik haat dat. Een man kan blijkbaar in één weekend veranderen van verkopend makelaar in iemand die mijn vriendin bijna heeft gezoend en nog steeds hetzelfde ‘met Bart’ zeggen.
‘Mandy,’ zegt hij joviaal. ‘Kom maar door.’
Kom maar door.
Alsof ik een schaal bitterballen kom brengen.
Morgen
Ik geef het bod door. Rustig. Zakelijk. Geen grap over Judith. Geen zin waarin ik hem per ongeluk waarschuw dat ik weet hoe hij eruitziet tegenover een knappe vrouw in een zwarte jurk.
Bart luistert. Stelt twee vragen. Zegt dan dat hij het met de verkopers gaat bespreken.
‘Ik kom er uiterlijk morgen op terug,’ zegt hij.
Morgen.
Ik noteer het, bedank hem en hang op.
Daarna blijf ik even zitten.
Mijn eerste bod ligt in de wereld. Ergens op een telefoon, in een mailbox, bij mensen die nu gaan wegen of Lotte genoeg biedt. Ik zou me volwassen moeten voelen. In plaats daarvan wil ik iemand bellen om te vragen of ik het goed heb gedaan.
De BN’er
Mijn telefoon trilt.
De BN’er.
Ben in de buurt. Mag ik je nieuwe koninkrijk zien?
Ik staar naar het scherm.
Mijn eerste gedachte is: nee.
Mijn tweede gedachte is hoe zijn handen voelen.
Dat is het probleem met hem. Mijn verstand komt altijd aanlopen met nette schoenen, en mijn lijf staat dan al in de deuropening met lipgloss op.
Ik ben aan het werk, typ ik.
Ik ook. Vijf minuten.
‘Potentie’
Hij staat er binnen tien.
Pet op. Zonnebril. Donker shirt. Alsof hij incognito is, terwijl hij precies de hoeveelheid aandacht uitstraalt waardoor mensen juist denken: wie probeert hier niet herkend te worden?
‘Dus dit is het,’ zegt hij als hij binnenkomt.
Hij kijkt rond. Naar de tafel. De plant. De kopjes. De vochtplek. Mijn kaartje van Maureen, dat ik ineens veel te zichtbaar en persoonlijk vind. Dat is raar, want dat gevoel had ik niet bij Pauline Vermeer toen ze de kaart bekeek.
‘Het is nog niet af,’ zeg ik.
‘Dat zie ik.’
‘Dank je.’
Hij grijnst. ‘Ik bedoel: het heeft potentie.’
‘Chic’
Dat woord. Uit zijn mond klinkt zelfs potentie alsof hij mijn blouse al half open heeft.
Hij loopt naar de tafel, pakt een Bordallo-kopje op en zet het weer neer. ‘Chic.’
‘Van Rens.’
‘Natuurlijk.’
Er zit iets in zijn stem. Iets kleins. Iets wat niet eens jaloezie mag heten, maar er wel familie van is.
‘Doe niet zo naar,’ zeg ik.
‘Ik doe niks.’
‘Precies.’
Dan kust hij me
Hij komt naar me toe. Te dichtbij. De deur is dicht, maar niet op slot. Buiten lopen mensen langs mijn raam. Mijn bord hangt er nog niet, maar dit is wel mijn kantoor. Mijn naam. Mijn plek.
‘Ik wilde je zien,’ zegt hij.
‘Je wilde mijn kantoor zien, zei je.’
‘Ook.’
Zijn hand ligt ineens op mijn heup. Warm, bekend, veel te vanzelfsprekend. Ik zou moeten zeggen dat dit niet kan. Dat ik straks nog mails moet sturen. Dat hij niet zomaar mijn werkdag binnen kan wandelen alsof Deur & Dam een hotelkamer met een plant is.
Maar dan kust hij me.
Lekkerder. Fouter
En al mijn verstandige zinnen vallen als losse paperclips op de vloer.
Hij duwt me het kleine keukentje in en dan gaat het snel. Te snel. Mijn rug tegen het aanrecht. Zijn hand in mijn nek. Mijn vingers aan zijn riem. Ik hoor buiten een fietsbel. Iemand lacht op straat. Mijn hart bonkt zo hard dat ik bijna denk dat Pauline Vermeer aan de overkant het kan horen.
‘Dit is mijn kantoor,’ fluister ik.
‘Ik weet het.’
Dat maakt het erger. Lekkerder. Fouter.
Hij tilt me op het aanrecht en kust me. Het doosje koffiefilters valt op de grond. Daarna denk ik niets meer.
Dierlijk
Even is er alleen zijn mond. Zijn adem. Mijn handen onder zijn shirt. De spanning van betrapt kunnen worden, van een wereld buiten het raam die gewoon doorloopt terwijl ik me in mijn eigen kantoor gedraag als een loops hondje. We kreunen. Hij stoot. Gelukkig komt er niemand door de deur naar binnen. Lekker professioneel denk ik. Ik trek hem verder bij me naar binnen, spreid mijn benen nog net wat meer. Ik zie hem bewegen, in me glijden. Lang duurt het niet. Het is zo dierlijk, zo heerlijk.
‘Een beetje hulp’
Na afloop sta ik met trillende benen mijn blouse dicht te knopen. Hij raapt de koffiefilters op.
‘Mooie keuken, ook,’ zegt hij.
Ik kijk hem aan.
‘Niet grappig.’
‘Was ook niet grappig bedoeld.’ Hij glimlacht. ‘Dit past bij je. Ik zei toch dat je zichtbaar moest worden?’
Daar is het weer. Dat kleine draadje waarmee hij zichzelf aan mijn succes probeert te knopen.
‘Ik word zichtbaar door mijn werk,’ zeg ik.
‘Natuurlijk.’ Hij kust mijn voorhoofd. ‘Maar een beetje hulp kan geen kwaad.’
Sukkel
Ik wil daar iets op zeggen, maar buiten blijft iemand voor het raam staan.
Een seconde maar.
Een vrouw met een boodschappentas. Ik zie haar gezicht niet goed, alleen haar stilstaande schaduw in het glas.
Dan loopt ze door.
De BN’er zet zijn zonnebril op alsof hij de onrust niet eens voelt.
‘Ik bel je,’ zegt hij.
Als hij weg is, ruikt mijn kantoor naar hem. Naar parfum, huid en iets wat niet bij Deur & Dam hoort. Wat zelfs naar voelt in deze ruimte. En terwijl het stiekem heel lekker was, voel ik me een sukkel.

Saskia
Wist je dat je Mandy’s vriendin Saskia nu ook wekelijks kunt volgen? Saskia (37) is bewust single, al hecht zij aan haar vaste ‘scharrels’. Als freelance retailcoach traint zij winkelteams en doorkruist daarvoor heel Nederland. De vrijgevochten Saskia vond in makelaar Mandy haar beste vriendin, bij wie ze altijd terecht kan – al kan het soms ook flink botsen. Saskia laveert door het leven en probeert daarin de beste keuzes te maken. Maar of ze daarin slaagt?
Volg haar avonturen elke dinsdag en vrijdag in de Vriendin Club!
Meer Vriendin? Volg ons op Facebook en Instagram. Je kunt je ook aanmelden voor onze wekelijkse Vriendin nieuwsbrief.
LEES OOK

Uit andere media
