Canva1 2021 09 01t131045.889

Al van kinds af aan wist Sanne (32) dat ze pleegmoeder wilde worden

Toen ze als achtjarige een flyer op de mat vond met de tekst ‘Mag ik bij jou wonen?’, werd Sanne (32) direct geraakt. Al snel wist ze dat ze later een pleegkindje in huis wilde nemen.

Sanne: “Ik weet nog goed dat ik een jaar of acht was toen we thuis door de brievenbus een flyer kregen waarop stond: ‘Mag ik bij jou wonen?’. Hoe jong ik ook was, het raakte me meteen. Ik vroeg aan mijn ouders of we misschien plek hadden voor het kindje op de foto. Ik dacht er op dat moment natuurlijk nog veel te makkelijk over, maar toen mijn ouders zeiden dat ik later zelf een pleegkindje in huis kon nemen, wist ik dat dat die er vroeg of laat zou komen.”

Eerlijk beeld

“Ik heb altijd een zwak gehad voor kinderen die ergens wat meer moeite mee hebben. Dat is ook de reden dat ik in het speciaal onderwijs ben gaan werken. Al die jaren liet het idee van zelf een pleegkind in huis nemen me niet los, maar ik wist ook dat ik het niet alleen kon. Toen ik mijn man leerde kennen, vertelde ik hem al vrij snel over mijn wens. Hij vond het idee gelukkig ook heel mooi en toen we een aantal jaar samen waren, kwam het onderwerp weer ter sprake.

We zijn toen samen naar een informatieavond gegaan. Ik vond het belangrijk dat mijn vriend een eerlijk beeld van pleegzorg zou krijgen en niet door mijn enthousiasme alleen de mooie kanten hoorde. We kregen die avond ontzettend veel informatie, maar bij thuiskomst zei hij: ‘Als dit het is, dan heb ik er vertrouwen in dat wij dit kunnen’. Ik weet nog goed hoe blij ik werd en voelde ook gelijk een gezonde spanning. Onze reis naar een gezin zou beginnen.”

Kippenvel

“Het was echt een avontuur dat we samen aangingen. We hebben maanden toegeleefd en gewacht op het telefoontje dat er een geschikt pleegkind voor ons was gevonden. Het mooiste daaraan vond ik dat mijn man en ik samen veel in gesprek gingen en we zo nog meer over elkaar te weten kwamen. We moesten wel, want er kwamen veel mensen bij ons thuis die heel veel van je willen weten. Dan ga je samen in gesprek. Hoe zit dit eigenlijk, hoe denken we hierover? We hadden zelf geen kinderen, dus voor ons was alles nieuw. Ik denk ook dat wanneer een kindje bij je is vanaf het moment dat hij of zij is geboren, dan groei je in het opvoeden en leer je je kind steeds beter kennen. Wij hadden niet die tijd om mee te groeien en ook juist daarom vonden we het zo belangrijk om van tevoren heel goed te praten en na te denken hoe we het opvoeden voor ons zagen.

Na een halfjaar wachten, kregen we het telefoontje waar we zo naar uit hadden gekeken: er was een kindje dat perfect in onze situatie paste. Toen de mevrouw aan de telefoon over het jongetje vertelde, kreeg ik overal kippenvel. Er waren zo veel gelijkenissen en overeenkomsten. Hij had bijvoorbeeld dezelfde geboorteplaats, was geboren op de sterfdag van mijn opa en heeft een hele unieke naam. In het dorp waar wij wonen is echter een plein met precies diezelfde naam. Ik voelde meteen dat dit jongetje echt bij ons hoorde. Mijn man en ik keken elkaar aan en wisten zeker dat het zo moest zijn. Zóveel toeval bestaat gewoon niet.”

Musicalshow

“Het moment dat we voor het eerst naar het crisispleeggezin gingen om hem te ontmoetten, zal ik nooit vergeten. Ik had ‘het Billenboekje’ meegenomen, want vanuit mijn ervaring in het onderwijs weet ik dat die het altijd goed doet bij kinderen. We konden merken hoe spannend hij het vond, dus we lieten hem vooral even zijn gang gaan. Uit het niets kregen we niet veel later opeens een soort musicalshow. Hij danste en zong en liet al zijn speelgoed zien. Als ik eraan terugdenk, krijg ik weer een brok in mijn keel. Niet veel later zijn we nog eens bij hem langs geweest en daarna kwam hij samen met zijn crisispleegouders bij ons kijken. We raakten steeds meer aan elkaar gewend. Zijn crisispleegouders hebben daar ook een grote rol in gespeeld. We hebben ontzettend veel aan hen gehad. Ze waren heel open en gaven ons gelijk het gevoel dat we welkom waren. Ondertussen woont ons pleegkindje alweer ruim drie jaar bij ons en gaat het hartstikke goed.

Ik weet dat er ook zeker andere verhalen zijn, maar bij ons is het ontzettend fijn verlopen. Dat betekent natuurlijk niet dat we geen moeilijke momenten hebben gehad, want die waren er zeker. Sterker nog: die zijn er nog steeds weleens. Maar tijdens die momenten kunnen wij terugvallen op een heel fijn netwerk om ons heen. Vooral mijn ouders en schoonouders verdienen een standbeeld. Wij hebben altijd tegen hen gezegd dat het onze keuze is om voor een pleegkindje te gaan, maar vanaf het eerste moment ontpopten zij zich tot de meest lieve opa’s en oma’s. Ik vind het echt bewonderenswaardig hoe ook zij met de nieuwe situatie zijn omgegaan en vind het prachtig om te zien hoe snel ze hem ook in hun harten hebben gesloten.”

Vallen en opstaan

“We hebben een goede samenwerking met zijn biologische ouders en dat vinden wij heel belangrijk. Zij blijven immers zijn papa en mama en aan alles zien we dat zij, ondanks dat ze niet voor hem kunnen zorgen, onbeschrijfelijk veel van hem houden. Wij proberen die liefde weer door te geven en samen een sterk team te vormen. Dat gaat met vallen en opstaan, maar altijd met één doel voor ogen: het allerbeste voor hem.

De afgelopen drie en een half jaar heeft hij ons leven al op zoveel manieren verrijkt. Iedere dag opnieuw tovert hij met zijn vrolijkheid en enthousiasme een lach op ons gezicht. Hij mag zo lang bij ons blijven als hij wil, al is hij 85, hij zal altijd bij ons gezin horen.”

Tekst: Lisa Schoenmaker