Elma verloor bijna haar dochter: ‘Ik weet nu dat ik altijd naar mijn moedergevoel moet luisteren’
Elma’s dochter Mylène belandde vorig jaar onverwacht in het ziekenhuis met een blindedarm- en buikvliesontsteking. Ze kroop door het oog van de naald. Gelukkig luisterde Elma (56) op het meest kritieke moment naar haar moedergevoel.
Elma: “Mylène (20) is eigenlijk nooit ziek. Klaagt niet, piept niet, dus als zij aangeeft dat ze buikpijn heeft, dan is er echt iets aan de hand. Noem het moederinstinct of oergevoel. In elk geval is dat onzichtbare lijntje tussen ons voor mij een zeer betrouwbare, instinctieve graadmeter. Iets waarvan ik weet dat ik het niet moet negeren. En toch… Begin vorig jaar had ik er bijna niet naar geluisterd. Met alle gevolgen van dien.
Niet lekker
Mylène kwam ’s middags eerder thuis uit haar werk. Ze was indertijd Matroos Operationele Dienst bij de marine. Ze voelde zich niet lekker en was op haar werk bijna flauwgevallen. Ze was misselijk en klaagde over pijn in haar buik en had een keer overgegeven. ‘Waarom ben je niet even langsgegaan bij de ziekenboeg?’ vroeg ik haar. Als je bij defensie werkt, heb je geen huisarts, maar maak je gebruik van de medische staf van defensie. ‘Ach, zo erg is het allemaal niet’, stelde ze me gerust. ‘Misschien heb ik iets verkeerds gegeten gisteren. Ik wacht het nog even af. Het gaat vast vanzelf over.’
Op de bank
De volgende dag wilde ze gewoon weer naar haar werk gaan. Ik vroeg: ‘Heb je je temperatuur gemeten?’ Ze bleek verhoging te hebben en haar buik was nog steeds gevoelig. Dus adviseerde ik haar nog een dagje thuis te blijven. Ikzelf ben wel naar mijn werk gegaan. Ik ben van huis uit verpleegkundige en werk als sociaal medisch verpleegkundige bij het UWV.
Toen ik thuiskwam, lag Mylène nog altijd op de bank. Haar buikpijn die zo rond haar navel was begonnen, verplaatste zich langzaamaan naar een plek rechtsonder. Als ik erop drukte, deed het daar ook pijn. Ik dacht meteen aan een blindedarmontsteking. Al was dat voor Mylène nog steeds geen reden de ziekenboeg te bellen. ‘Laten we het nog één dagje aanzien, misschien is het toch de griep en dan hebben we ons druk gemaakt om niets’, zei ze.”
Niets-aan-de-hand leven
“Mylène is ons enige kind. Gerrit en ik hadden best graag een groter gezin gewild, maar dat zat er niet in. Voordat Mylène geboren werd, heb ik één miskraam gehad. Na haar geboorte is het nooit meer gelukt zwanger te worden, helaas. Dus we tellen onze zegeningen met deze ene, prachtige dochter. Het leuke aan Mylène is dat ze eruitziet als een echt meisje-meisje, maar ondertussen heel stoer en sportief kan zijn. Een doorzetter ook. In haar jeugd zat ze op voetbal en karate. En ze droomde al jong van een leven bij de marine. Omdat ze nog maar zestien was toen ze van de Havo afkwam, heeft ze eerst nog een jaar HBO-Verpleegkunde gedaan. Maar na dat jaar was ze niet te houden en solliciteerde ze op een vacature bij de marine. Eigenlijk leefden we met z’n drieën een niets-aan-de-hand leven waarin we samen leuke dingen deden. Dat Mylène nu al twee dagen niet in orde was, paste helemaal niet in dat plaatje.
Kwakkelen
Ze bleef kwakkelen. Tot ze ons op dag drie ’s nacht wakker maakte. Ze had zo’n pijn, kon nauwelijks lopen en was lijkbleek. Ik schrok van wat ik zag. ‘We bellen nu de huisartsenpost’, zei ik. Dat vond ze prima. Wel drukte ze me op het hart dat ik me niet moest bemoeien met het gesprek. Ze was toen negentien, een volwassen kind, dus ik begrijp wel dat ze dingen zelf wil regelen en oplossen. Al vond ik dat ook moeilijk. In dit soort situaties komt toch de leeuwin in jezelf naar boven. Je wilt je kind beschermen. Ik moest me echt inhouden toen ze in ons bijzijn met de triagist van de huisartsenpost belde. Dat deed ze overigens heel goed. Terwijl haar gezicht vertrok van de pijn vertelde ze duidelijk en gedetailleerd wat er met haar aan de hand was. Dat ze al vier dagen last had van buikpijn, rechtsonder, dat ze nu koorts had. De triagist van de huisartsenpost luisterde, maar zag geen urgentie haar te laten komen. Hij vroeg of Mylène de afgelopen uren nog een paracetamol had genomen. Dat had ze niet. ‘Doe dat eerst en ga morgenvroeg met je urine naar de huisarts’, was zijn advies. Ik zat me te verbijten naast mijn dochter. ‘Kan het een blindedarmontsteking zijn?’ vroeg Mylène nog op mijn aanwijzing. Die suggestie werd min of meer afgewimpeld. Eerst die paracetamol proberen. Het zat me helemaal niet lekker. Maar ik dacht: ik moet rustig blijven. Mylène nam die paracetamol en ging weer slapen. Ik zei: ‘Als het niet gaat, kom je direct bij ons.’”
Blindedarmontsteking
“Die nacht deed ik zelf nauwelijks een oog dicht. Ik was alert op elk geluidje. De volgende ochtend durfde ik niet goed de kamer van Mylène binnen te gaan, bang voor wat ik zou aantreffen. Het was er zo stil… Ik heb haar wakker gemaakt, gevraagd hoe het ging. Ze wist het niet goed. Een half uur later stond ze beneden in de keuken. Asgrauw. Ze liep krom van de pijn, had koorts en haar hartslag was abnormaal hoog. Gelukkig kon ze direct terecht in de ziekenboeg op haar werk. De arts daar vermoedde ook een blindedarmontsteking. Hij liet bloedprikken en de ontstekingswaarden waren inderdaad gigantisch hoog. Mylène werd meteen doorgestuurd naar de spoedeisende hulp van het ziekenhuis.
Niet goed
Haar blindedarm bleek geperforeerd en er zat pus en een abces in haar buik als gevolg van late behandeling. ‘Haar buik is heel ziek’, zei de arts. Het gevaar was dus nog niet geweken. Een dag na de ingreep vond ik Mylène weinig spraakzaam. Als moeder voel je zoiets meteen. Gerrit en ik besloten nog niet naar huis te gaan, maar in het ziekenhuis iets te eten zodat we ook ’s avonds naar het spreekuur konden. Terwijl ik met Gerrit in de ziekenhuiskantine zat, kreeg ik een appje van Mylène. ‘Jullie moeten nu komen, want het gaat niet goed.’ We zijn direct naar haar toegegaan. Daar lag ze in een foetushouding, ze trilde, maakte ongecontroleerde bewegingen en begon te hyperventileren. Ze had zo’n pijn. Ondanks de operatie, de antibiotica en de pijnstillers. Ik begreep er niks van. Hoe kon dit nu? Het was heel heftig om te zien. Horror. Uiteindelijk ben ik naar de gang gevlucht. Daar brak ik. Ik moest huilen. Een verpleegkundige vroeg of het ging. ‘Nee’, zei ik. ‘Ik ben heel bang mijn dochter te verliezen.’ De verpleegkundige gaf aan dat ze de controles wilde doen bij Mylène en van plan was er over een kwartier een arts bij te halen. ‘Niet wachten, haal nu die arts erbij. Dit voelt niet goed’, zei ik met klem. Gelukkig nam ze me serieus. De arts constateerde inderdaad een buikvliesontsteking. Levensgevaarlijk. Mylène dreigde in een shock te raken. Haar geluk was dit keer dat ze al op de goede plek lag en er zo snel werd gehandeld. Opnieuw kreeg ze er andere antibiotica bij, extra vocht per infuus en extra pijnmedicatie, waaronder morfine. Ze werd min of meer platgespoten. Gelukkig sloeg dit wel aan en zienderogen knapte ze op.”
Levens redden
“Vier dagen later mocht Mylène naar huis om daar verder aan te sterken en samen met ons alles te verwerken. In korte tijd was er nogal wat gebeurd. Dat een gezond iemand in een paar dagen tijd zo ziek kan worden, bizar. Ook kwam het besef bij haar en bij ons binnen dat ze echt door het oog van de naald is gekropen. Bij mij buitelden de emoties over elkaar heen. Ik was natuurlijk vooral blij en dankbaar dat het nu goed ging met Mylène, maar ook boos. Als ze meteen serieus was genomen door de huisartsenpost, was dit allemaal niet zo uit de hand gelopen. We besloten een klacht in te dienen. Vooral om te voorkomen dat het nog eens zou gebeuren. Onze klacht werd gegrond verklaard en tijdens een afrondend en evaluerend gesprek met de huisartsenpost realiseerde ik me dat ik niet alleen boos was op de triagist, maar vooral ook op mezelf. Ik had met al mijn medische ervaring en mijn moederinstinct die telefoon uit mijn dochters hand moeten rukken. Dat ik dat niet heb gedaan, neem ik mezelf echt kwalijk.
Moedergevoel
Ik weet nu dat ik altijd naar mijn moedergevoel moet luisteren. En ben blij dat de verpleegkundige in het ziekenhuis me heel serieus nam. Ik weet uit ervaring hoe belangrijk moederinstinct kan zijn. Het kan echt levens redden. Zo heeft mijn eigen moeder ooit dat van mij gered. Als vijftienjarige werd ik in een paar dagen tijd ook ontzettend ziek. Het begon met griepachtige verschijnselen en vage hoofdpijn. Ik moest overgeven en er zaten allemaal rode vlekjes op mijn hand, veroorzaakt door onderhuidse bloedingen. De huisarts wilde pas na het spreekuur langskomen, maar mijn moeder stond erop dat hij meteen kwam. De huisarts nam haar voorgevoel serieus en kwam direct. Hij onderzocht me, maar wist het niet goed. ‘Kan het geen hersenvliesontsteking zijn?’ vroeg mijn moeder uit het niets. Ze heeft totaal geen medische achtergrond. Het kwam ineens bij haar op. De huisarts liet meteen een ambulance komen. Ik weet nog dat ze me erin hebben gedragen, maar daarna zakte ik weg. Het is één zwart gat. In totaal heb ik drie dagen in coma gelegen. Het was echt kantje boord.”
Overbezorgde moeder
“Dat de geschiedenis zich nu min of meer heeft herhaald, is natuurlijk een bizar toeval. En er zijn meer overeenkomsten. Ik besloot na mijn ziekenhuisopname – ik heb er in totaal zes weken gelegen – voor de zorg te kiezen. Mylène deed vorig jaar hetzelfde. Ze stopte bij defensie en meldde zich opnieuw aan voor het eerste jaar van HBO-Verpleegkunde. Ze weet nu wat het is om zo ziek te zijn en kan zich in patiënten verplaatsen. Die ervaring wil ze graag gebruiken om anderen te helpen en er voor hen zijn. Samen hebben we ook een EHBO-cursus succesvol afgerond en Mylène helpt al op allerlei evenementen als EHBO’er. We zijn inmiddels meer dan een jaar verder. Met Mylène gaat het lichamelijk een stuk beter, al heeft ze nog steeds terugkerende buikpijnklachten die waarschijnlijk te maken hebben met die blindedarm en buikvliesontsteking. Dat wordt nog verder uitgezocht.
Nachtmerries
Helaas heb ikzelf ook nog altijd last van wat er is gebeurd. Nachtmerries, herbelevingen en soms vind ik mezelf een overbezorgde moeder. Als Mylène uitgaat en laat thuiskomt, doe ik nauwelijks een oog dicht. Bedenk ik verschrikkelijke, vaak irreële scenario’s. Zo extreem angstig was ik vroeger nooit. Je dochter bijna verliezen en voor je gevoel machteloos moeten toekijken, hakt erin. Ik ben nog nooit zo bang geweest. Daarmee moet ik zien te dealen. Ik had veel liever gehad dat mij iets was overkomen. Ik sta op de wachtlijst voor EMDR-therapie, hopelijk gaat dat me helpen. En kan ik verder. De andere kant van de medaille is dat je door dit alles nóg meer koestert wat je hebt. Ik kan beter relativeren, maak me niet druk om futiliteiten en probeer te genieten. Met Mylène bezoek ik regelmatig concerten. We waren al bij Dua Lipa, Froukje en S10 geweest. En als alles meezit, gaan we in de zomer met z’n drieën naar Oost-Amerika. New York, Mephis-Graceland, Washington, New Orleans en Houston… Een droomreis. Het leven is te kort en te kostbaar, dat moet je vooral vieren.”
Foto: Yasmijn Tan
Visagie: Wilma Scholte
LEES OOK

Uit andere media