Desirée is moeder met lege armen: ‘Mijn sterrenkindjes reizen en groeien met me mee’

Desirée (54) wist op jonge leeftijd al dat ze moeder wilde worden en was dolgelukkig toen ze voor de eerste keer zwanger bleek te zijn. Toen deze zwangerschap in een miskraam eindigde, was er verdriet, maar nog steeds vertrouwen dat het door haar gewenste gezinnetje er ooit zou komen. maar na nog twee stilgeboren kindjes moest zij zich erbij neerleggen dat dat gezin er nooit zou komen. Ze zet nu haar ervaring in om anderen in soortgelijke situaties te helpen en schreef het boek: Stilgeboren.


Desirée is moeder met lege armen: 'Mijn sterrenkindjes reizen en groeien met me mee'

© Mariël Kolmschot

Vriendinclub Logo Kleur

Dit Vriendin Club-artikel lees je nu gratis. Word lid en ontdek meer!

Meer informatie
Mijngeheim

Net als Vriendin brengt ook Mijn Geheim de allermooiste persoonlijke verhalen, die we hier graag elke week met je willen delen.

Meer verhalen die raken? Abonneer je op Mijn Geheim!

Moeder worden

“Altijd heb ik geweten dat ik moeder wilde worden. Ik had een beeld van mezelf als een warme, betrokken moeder die koekjes zou bakken, knutselmiddagen zou organiseren en wandelingen zou maken en de wereld zou ontdekken, maar die haar kinderen vooral de ruimte zou geven om hun eigen weg te vinden.Begin dertig leerde ik Chris kennen. We waren allebei op een punt in ons leven dat we verlangden naar een gezin en besloten al snel ervoor te gaan. Op een avond zaten we in ons favoriete restaurant, met een glas wijn voor ons. ‘Zullen we kijken of het lukt?’ vroegen we elkaar. Heel bewust nam ik toen mijn laatste glas wijn. De volgende dag kochten we foliumzuur en een boek over zwangerschap en ik leefde zo gezond mogelijk. Ik wilde het beste voor ons toekomstige kindje.

Snel zwanger

Ik was snel zwanger. Tijdens een vakantie in Tsjechië deden we op eerste kerstdag een test. Die was positief. Ik weet nog hoe dat voelde, het was een gevoel van ongelooflijke blijdschap. Een dag later, op tweede kerstdag, begon ik te bloeden. De vreugde sloeg om in verdriet. Die emoties lagen zo dicht bij elkaar. Ik herinner me dat we op straat liepen, het was in december 2005. Het was letterlijk ijskoud en figuurlijk ook. Wat deden we hier nog? We besloten naar huis te gaan.

Signalen

Voordat ik die test had gedaan, wist ik al dat ik zwanger was geweest. Mijn lichaam had signalen afgegeven die niet te ontkennen waren. Dat zwanger worden geen probleem was, gaf vertrouwen, ondanks het verdriet. En een maand later was ik opnieuw in verwachting: ook toen voelde ik het meteen. Ik had niet echt stilgestaan bij het mislopen van de eerste zwangerschap, want er groeide alweer nieuw leven in mij. Er was een fel streepje verschenen toen ik de test deed.

Donker randje

Net als bij de eerste keer was de roze wolk er, maar dit keer was er óók een donker randje. Ik wist nu immers dat het ook anders kon lopen. Toch was ik vooral dankbaar dat het opnieuw gelukt was, terwijl ik wist dat anderen soms lange trajecten moeten doorlopen.Iedere ochtend hing ik boven het toilet van de misselijkheid, maar zelfs dat nam ik voor lief. Na drie maanden werd het beter en bij de verloskundige hoorde ik voor het eerst het hartje kloppen. Je ziet dan bijna nog niets, maar toen dat bonken de ruimte vulde, vond ik dat zo gaaf. Ik voelde me meteen moeder. Er groeide een kind in mijn buik!

‘Vakantiestress’

Net als iedereen had ik controles bij de verloskundige. Mijn bloeddruk bleek verhoogd, maar omdat ik bijna met vakantie zou gaan, werd dat daar aan toegeschreven: ‘Vakantiestress.’ De verloskundige zei er ook nog gekscherend bij dat we maar goed moesten genieten van onze laatste vakantie zonder kindje. Eind mei gingen we naar Frankrijk, ik was toen tweeëntwintig weken zwanger. Mijn buik was nog bescheiden, maar werd eindelijk in die week wat groter. Dat was een goed teken, dachten wij.

Overgeven

Maar ik groeide wel erg snel en later in die vakantie begon ik me niet goed te voelen. Als ik vanuit een ontspannen houding overeind kwam, zag ik sterretjes. Mijn eetlust verdween, van de ene op de andere dag kon ik niets meer verdragen. Waar ik een dag eerder nog genoot van chocoladetaartjes, werd ik nu misselijk van alles. Ik begon over te geven overdag en dat werd niet minder. Dus gingen we uiteindelijk op zoek naar een arts. In ons beste Frans legden we uit wat er aan de hand was. ‘Bronchitis,’ concludeerde de arts. Ik voelde dat zijn oordeel niet klopte, maar hij was de arts, dus ik nam het maar aan.

Spoedeisende hulp

Ik bleef overgeven, kreeg hoofdpijn en voelde me steeds zieker. Chris hakte uiteindelijk de knoop door en besloot dat we terug naar huis zouden gaan.De autorit terug was een hel. Ik had de hele nacht overgegeven en voelde me leeg en beroerd. We belden met het ziekenhuis in Nederland en konden ’s avonds om negen uur terecht. Maar toen we thuis waren, voelde ik dat ik dat niet ging redden. We maakten een afspraak met de spoedeisende hulp, daar werd geconstateerd dat mijn bloeddruk veel te hoog was. Met spoed moest ik naar het ziekenhuis.

Donkerrood

Bij het ziekenhuis aangekomen, zette Chris de auto even weg, terwijl ik naar binnenliep. Er stond al een verpleegkundige met een rolstoel klaar. ‘Ben jij Desirée?’ vroeg ze. Ik werd meteen meegenomen. Wachten kon niet meer, ik was te ziek, zei ze. Ik moest direct urine inleveren. Toen ik op het toilet zat, zag ik dat mijn plas donkerrood was. Er ging een koude rilling door me heen. Ik dacht: ik ga alles doen wat nodig is voor mijn kindje.

HELLP-syndroom

Ik bleek al zo ziek te zijn, dat ik met een ambulance met spoed werd overgebracht naar Groningen. Met hoge snelheid reed de ambulance over de snelweg. Ik had het HELLP-syndroom, een ernstige zwangerschapscomplicatie waarbij rode bloedcellen worden afgebroken, de lever ontregeld raakt en het aantal bloedplaatjes gevaarlijk daalt, wat snel levensbedreigend kan worden voor moeder en kind. Het wordt ook wel zwangerschapsvergiftiging genoemd.

Bijna fataal

Die nacht werd het me bijna fataal. Ik had een ervaring die ik alleen kan omschrijven als een bijna-doodervaring. Ik had het gevoel dat ik boven het ziekenhuisbed zweefde en naar mezelf keek. Alsof het over iemand anders ging. Maar ik ben ervan overtuigd dat mijn oma en mijn kindje me hebben teruggestuurd. Alsof zij zeiden: ga terug, je hebt nog iets te doen.Ons kindje, Tom, is overleden in mijn buik, ik weet vanbinnen dat dit tijdens die nacht gebeurd moet zijn. Door de medicatie die mijn leven moest redden, werd mijn lichaam minder ziek, maar voor hem was het te veel.

Ziek

HELLP had al langer in mijn lichaam gewoed, bleek later uit onderzoek dat werd gedaan naar de navelstreng en de placenta. Er waren kleine infarctjes geweest. Mijn lichaam was ziek, maar mijn zoon was gezond. Dat besef maakte het dubbel, maar uiteindelijk ook dragelijker. In het begin voelde ik me schuldig, alsof ik hem in de steek had gelaten. Later kon ik zien dat ikzelf alles had gedaan wat ik kon.

Verdoofd

De eerste maanden na zijn overlijden zat ik als verdoofd op de bank. Ik had nergens zin in. Maar op de bank blijven zitten kon niet. Chris en ik wandelden veel en praatten over Tom. Soms vonden we elkaar in dat verdriet, soms juist niet. Ik had ons kindje gedragen, bij me gehad, en daarnaast moest ik ook fysiek herstellen van wat er was gebeurd. Er waren momenten dat ik dacht dat ik naar Tom wilde, niet omdat ik echt dood wilde, maar omdat het leven soms ondraaglijk voelde.

Moederwens

Toch bleef de moederwens. Toen de scherpste randjes van het verdriet iets zachter werden, durfde ik weer te hopen. In het ziekenhuis werd gezegd dat de kans op herhaling klein was en dat, als het terugkwam, het later in de zwangerschap zou zijn.

Moeder met lege armen

Dat bleek te kloppen. Ik werd snel weer zwanger, maar ook deze zwangerschap liep niet goed af. Met vijfentwintig weken en één dag werd ook mijn tweede zoon, Tim, stil geboren. Ik was minder ziek dan de eerste keer, maar het resultaat was hetzelfde. Weer was ik een moeder met lege armen.

Lege-armensyndroom

Tijdens die zwangerschap voelde ik al een bandgevoel rondom mijn borstbeen, een van de symptomen van het syndroom, en wist ik dat het niet goed zat. Ik ging naar het UMCG, kreeg volledige bedrust en moest twee keer per week op controle. Uiteindelijk verslechterde mijn situatie en werd ik opgenomen. Op een dinsdag werd in groot overleg besloten dat de zwangerschap moest worden beëindigd. Het was wel een knoop die we zelf moesten doorhakken, maar het alternatief was opnieuw ernstig ziek worden met hetzelfde risico voor het kind.
Het lege-armensyndroom is een term die ik later eens hoorde en die precies weergeeft hoe ik me voelde. Ik weet inmiddels dat meerdere moeders die hetzelfde hebben meegemaakt dit een heel passende term vinden. Ik voel me moeder, ook al heb ik geen kind in mijn armen.

Hersenbloeding

Er gingen een aantal jaren overheen, waarin mijn wens om moeder te worden bleef bestaan. Maar in 2011 kreeg ik een hersenbloeding. Opnieuw werd ik met spoed naar Groningen gebracht. Het advies was duidelijk: een nieuwe zwangerschap was onverantwoord. Mijn leven was me te lief, dus ik kon niets anders dan accepteren dat een volgende zwangerschap er niet meer inzat. Uiteindelijk heb ik me laten steriliseren. In 2014 werd na een lange periode van onderzoeken bij mij essentiële trombocytose vastgesteld, een bloedziekte waarbij het aantal bloedplaatjes verhoogd is, met risico op trombose en hersenbloeding. Als ik alles bij elkaar optel, vermoed ik dat er verbanden zijn tussen de ziekte en het verloop van de zwangerschappen, al spreken artsen zich daar niet expliciet over uit.

Relatiebreuk

In 2018 eindigde mijn relatie. Of alles wat we hadden meegemaakt daarin een rol speelde, kan ik niet met zekerheid zeggen, maar we groeiden uit elkaar. We konden elkaar niet meer vinden in het tempo van het leven. Ik besloot toen dat ik niet ondanks mijn verleden wilde leven, maar ermee. Ik wilde het niet wegduwen, maar omarmen. Mijn leven was niet voorbij, het was anders dan ik ooit had gedacht. Het verdriet om mijn kinderen stopt niet, maar het hoeft mijn leven niet te verlammen.

Psycholoog

Toen Tom stilgeboren was, zocht ik hulp. Ik ging naar een psycholoog. Dat hielp wel iets, maar toen zij mijn kleutertijd wilde analyseren, wist ik dat ik daar niet mee geholpen zou zijn. Wat mij werkelijk hielp, waren gesprekken met mensen die hetzelfde hadden meegemaakt. Via Stichting HELLP kwam ik in contact met lotgenoten. Zij spraken een taal die ik herkende. Ik zocht geen oplossingen, ik wilde weten hoe ik kon leven met dit verlies.

Stilgeboren

Ik schreef het boek Stilgeboren voor Tom en Tim, en ook voor mijn eerste kindje, waarvan ik later voelde dat het een meisje was. Ik gaf haar de naam Jasmijn. Een miskraam klinkt zo abstract, zo liefdeloos. Voor mij was zij mijn dochter. Ik was aan het boek begonnen omdat ik niet wilde vergeten wat er was gebeurd. Ook als ik tachtig ben, wil ik het me nog kunnen herinneren. Tijdens het schrijven dook ik in mijn medische dossiers om te verifiëren wat er was gebeurd. Het viel me op hoeveel details ik nog wist. Blijkbaar sla je alles op als het zo’n diepe impact heeft. Vriendinnen lazen het boek en spoorden me aan om het uit te geven. ‘Je kunt zoveel mensen helpen met je ervaring,’ zeiden ze. En dat bleek later ook.

Veel geholpen

Inmiddels heeft mijn verhaal veel mensen bereikt en hoor ik hoe het anderen raakt. Dat vind ik mooi. Om anderen nog meer te kunnen helpen, ben ik een praktijk begonnen voor vrouwen die te maken hebben met babyverlies. De verbinding die ik met hen voel, is intens. Ik werk niet uit een boekje, maar vanuit ervaring. Met mijn begeleiding, mijn podcast waarin vrouwen hun verhalen delen en de online groepscoaching, Stillborn Sisterhood genoemd, help ik vrouwen die hetzelfde hebben meegemaakt verder.

Drie sterrenkindjes

Er werd eens tegen mij gezegd: ‘Jij maakt het niet zwaarder dan het al is en dat is jouw kracht.’ Zo leef ik inderdaad en ik probeer dat ook mee te geven aan de moeders die bij me komen. Ik heb zelf geleerd dat verdriet en levenslust naast elkaar kunnen bestaan. Je kunt gebroken worden door het leven en toch weer leren genieten. Als mensen nu vragen of ik kinderen heb, zeg ik: ja, ik heb drie sterrenkindjes. Daarmee erken ik mezelf als moeder en erken ik hen. Mijn kinderen reizen met me mee, in mijn hart, in mijn keuzes, in mijn werk. Ze zouden dit jaar twintig en negentien zijn geworden, en Jasmijn zou eenentwintig zijn geworden. Ze groeien met me mee. Hun foto’s staan op mijn nachtkastje, het is het eerste wat ik zie als ik wakker word en het laatste voordat ik ga slapen.

Verdriet

Het verdriet verdwijnt niet, maar het hoeft niet alles te bepalen. Ik heb geleerd te leven met wat er is gebeurd, en daar zit mijn kracht. Bij het afscheid van Tom en Tim heb ik beloofd iets bijzonders met mijn leven te doen. Door mijn ervaringen in te zetten voor anderen, voel ik dat ik die belofte nakom. Mijn portie heb ik gehad, maar ik vind het leven nog steeds mooi. Misschien juist omdat ik weet hoe kwetsbaar het is.

Scherm­afbeelding 2026 08 31 Om 14.30.01
Scherm­afbeelding 2026 08 31 Om 14.30.01

Tip van de redactie: Stilgeboren

“Over het verlies van mijn kindjes, het verdriet dat ermee gepaard gaat en waar iedereen ‘gewoon’ over zou moeten kunnen praten.”

Shop hier

LEES OOK

Lees meer Persoonlijk
Persoonlijk

Uit andere media


Meer van Jet