Stefanie: Troost

Stefanie: Troost

Ik ben uit mijn evenwicht. We wonen intussen door de week nog maar met vier personen. In het weekend zijn we met z’n vijven. Alles verandert snel. Al zijn Dirk, Adriana en ik nog steeds vaak met z’n drieën.

Ik ben uit mijn evenwicht. We wonen intussen door de week nog maar met vier personen. In het weekend zijn we met z’n vijven. Alles verandert snel. Al zijn Dirk, Adriana en ik nog steeds vaak met z’n drieën.

Onze oudste dochter woont wel thuis, maar heeft haar eigen, drukke leven en is dikwijls bij haar vriend. Op werkdagen komt ze ’s avonds vaak gezellig bij ons zitten.

De vrouwelijke helft van onze tweeling komt op vrijdagmiddag thuis van het trainhuis. Nog voordat zij haar jas uittrekt, begint ze aan haar opgespaarde verhalen.

Onze zoon heeft nu zijn eigen appartement. Toen hij bij ons kwam, zei hij: ‘Dit blijft altijd mijn thuis’. De zorggroep binnen het begeleid wonen helpt hem om structuur in zijn leven te brengen. Dirk en ik blijven de achterban. Ons vangnet heeft de stormen van de afgelopen jaren doorstaan.

Met één dochter heb ik momenteel contact via de app en de telefoon. Dat is niet wat ik achttien jaar geleden voor ogen had, toen ik in het gezin warm onthaald werd. Om het dragelijk te maken, geef ik er een interpretatie aan. De wetenschap van een adoptiekind om ooit in de steek te zijn gelaten is erg pijnlijk. Het is soms minder wrang om de schuld te leggen bij de mensen die je hebben opgevoed en een eigen waarheid te creëren. Deze uitleg is mijn waarheid, omdat ik denk dat het voor mijn dochter zo voelt en omdat ik verder moet met mijn leven.

Als ik naar de onbevangenheid van mijn kleuter kijk, zie ik de waarde van het leven, al is er in een ander deel van mijn bestaan een scherfje afgebroken. Dat stukje bewaar ik zorgvuldig, om het op een goed moment te kunnen lijmen. Ik wil even niet nadenken. ‘Misschien is er iets op Videoland’, zegt Dirk. Ik ben geen liefhebber van series, maar we beginnen toch aan ‘De zwarte tulp’.

Intussen zitten we in seizoen twee. Ik roep: ‘Toe, zeg het dan!’ tegen de jongste actrice. Even vergeet ik mijn eigen ontreddering en leef mee met de families Vonk en Kester bij wie de zwarte tulp een schaduw over het leven trekt. Ik laat mij gaan als een puber. Ach, het is een gezondere troost dan drank of kalmeringspillen.

‘Zullen we nog eentje doen?’ vraagt Dirk. Niet verstandig! Een aflevering duurt ongeveer drie kwartier. Ik moet eigenlijk al naar bed. ‘Nog eentje dan!’ antwoord ik.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.