Persoonlijke verhalen

Vriendin 13: Aukje heeft slaaphallucinaties en -verlammingen

‘Door mijn hallucinaties kan ik geen normaal leven leiden’

Aukje (24) heeft al lange tijd last van verschillende slaapstoornissen. Daardoor is ze chronisch moe en kan ze niet werken.Alle energie die ze heeft, gaat naar haar zoontje van drie. ‘Hij zorgt voor lichtpuntjes in mijn leven.’

Aukje: “Mijn eerste slaaphallucinatie kreeg ik vermoedelijk toen ik een jaar of vier, vijf was. Ik lag boven in mijn bed te slapen. Ineens verscheen er een aapje op het dakraam van onze badkamer, dat op het raam begon te kloppen. Ook liepen er twee grote spinnen op de muur… Ik zag het aapje en de spinnen, ik hóórde het geklop op het raam… Ik sliep, maar voor mijn gevoel was ik klaarwakker. Ik schrok me wezenloos, was verlamd van angst. Toen ik echt wakker was, ben ik huilend naar mijn ouders gegaan. Zij dachten dat ik een nachtmerrie had gehad. Die nacht sliep ik tussen hen in. Ik durfde niet terug naar mijn eigen bed, zo enorm geschrokken was ik.
Vanaf dat moment kreeg ik vaker zulke levensechte dromen. Ze kwamen heel onregelmatig. Soms wel drie nachten achter elkaar, dan weer een week niet. Inmiddels weet ik dat het niet alleen nachtmerries waren, maar ook slaaphallucinaties. Het verschil? Bij een nachtmerrie ben ik me ervan bewust dat ik droom, dat het niet echt is en dat ik slaap. Bij een hallucinatie ben ik ervan overtuigd dat ik wakker ben. Ik beleef het alsof ik bij mijn volle bewustzijn ben. Ik zie dingen die me enorme angst aanjagen. Zoals schaduwen, spinnen of schorpioenen. Soms gaat het om gewone, alledaagse dingen, maar altijd met een angstaanjagend randje. Ik ben doodsbang of ik heb pijn. En dat voel ik dan ook écht. Alles wat ik zie, hoor en voel is voor mij op zo’n moment realiteit. Ik beleef het, zoals ik het ook in het dagelijkse leven zou beleven.
Ik ervaar het als zó levensecht, dat ik vaak om mij heen begin te slaan, hardop gil of uit bed spring. Ik droom niet dat ik dat doe, ik doe het echt. Ooit was ik, terwijl ik sliep, in de veronderstelling dat er een man voor mijn deur stond. Ik was verschrikkelijk bang en hield mijn voet tegen de deur om te voor- komen dat hij mijn huis binnen zou kunnen komen. Ik werd wakker door een hels kabaal; ik bleek de zijkant van mijn bed eruit getrapt te hebben.
Pas als ik wakker word, realiseer ik me dat er niets aan de hand is, dat het een hallucinatie was. Maar dan ben ik wel helemaal van slag.
Nog een verschil tussen nachtmerries en hallucinaties: nachtmerries weet ik me de volgende dag amper meer te herinneren, hallucinaties daarentegen haarscherp.”

Heel beangstigend
“Mijn ouders wisten destijds niet zo goed wat ze ermee aan moesten. Ik mocht van hen geen computerspelletjes meer doen, omdat ze dachten dat ik daar ’s nachts die enge beelden door kreeg. En ze probeerden me gerust te stellen: ‘Er is niks aan de hand, ga nou maar gewoon slapen.’ Ondertussen namen de nachtmerries en hallucinaties alleen maar toe en kreeg ik ze elke nacht. Het zorgde ervoor dat ik steeds banger werd om te gaan slapen. Uren lag ik wakker. Angst hield de slaap tegen. Hoe moe ik ook was. Als puber ging ik ’s avonds al om half negen naar bed, in de hoop dat ik dan om half een in slaap gevallen zou zijn. Maar als ik dan eindelijk sliep, rustte ik door al die onrust in mijn hoofd en lijf niet uit. Overdag op school was ik te moe om me te concentreren en ik presteerde onder mijn kunnen.

Lees het hele verhaal in Vriendin 13 van deze week of praat mee op het forum.

Reageer op dit artikel

Instagram